Deze modernistische woning, opgetrokken voor diamanthandelaar Silberman, is een ontwerp van architect Nachman Kaplansky. Voor het tuinontwerp werkte hij samen met René Latinne. Deze woning, gelegen nabij het Te Boelaerpark in de Van Notenstraat, is representatief voor de betere interbellumarchitectuur in het voorstedelijk gebied van Antwerpen. Het pand wordt dan ook beschermd omwille van zijn architecturale waarde.
Van Russische nationaliteit en geboren in Polen, vestigde Kaplansky zich in 1925 vanuit Tel Aviv te Antwerpen. Waar zijn vroegst gekende realisaties al uit eind jaren 1920 dateren, bouwde hij na zijn architectuurstudies aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten, vanaf begin jaren 1930 een succesvolle praktijk uit, gericht op een welgesteld, overwegend joods clientèle. Het modernisme van Kaplansky is sterk geïnspireerd op zijn tijdgenoten Le Corbusier en Dudok. De kubische volumetrie, het expressieve gebruik van rood baksteenmetselwerk voor het gevelparament, de veelsoortige raampartijen en de van de bodem onthechte volumewerking zijn constanten in zijn woningbouw; Deze elementen zijn ook aanwezig in de woning Silberman. Typisch zijn tevens de verwijzingen naar de pakketbootesthetiek zoals het dakterras (solarium) van de achterbouw, de buisleuningen en de patrijspoorten. Vooruitstrevend in deze woning is de manier waarop de planindeling en de gevelopeningen gebaseerd zijn op de functionele schikking van de vertrekken, afgestemd op voldoende bezonning en verlichting.
Het volledige perceel wordt in de bescherming opgenomen. Het exterieur is relatief intact bewaard en vormt een ensemble met het interieur met bewaarde inwendige structuur en grotendeels bewaarde planindeling. De voortuin met afsluiting en de achtertuin met flagstones horen historisch en typologisch bij de modernistische woning. Het pand is thans één van de meest representatieve en herkenbare voorbeelden binnen het bewaard oeuvre van Kaplansky. Het gebouw is particulier eigendom en tot op heden in gebruik als woning.
Het agentschap Onroerend Erfgoed en de stad Antwerpen richtten bij de (her)inventarisatie van het bouwkundig erfgoed de voorbije jaren onder meer de focus op de twintigste-eeuwse bouwkunst. Daarbij kwam ook het werk van Nachman Kaplansky aan bod. De architect creëerde een consequent modernistisch oeuvre waarmee hij terecht tot het canon van het interbellummodernisme mag gerekend worden. Een selectie uit zijn werk komt in aanmerking voor bescherming, waarbij de woning Silberman als eerste aan bod komt. Daarnaast zijn ook de woningen Diercxsens (Ryckmansstraat 10, 2020 Antwerpen) en Couturier (Sorbenlaan 52, 2610 Wilrijk)) en het appartementsgebouw 'Résidence Prince Albert' (Prins Albertlei 22, 2018 Antwerpen) beschermingswaardig.
De dienst Stadsontwikkeling/Onroerend Erfgoed/Monumentenzorg beoordeelt de voorgenomen bescherming positief omdat hierdoor een belangrijk stukje twintigste-eeuwse Antwerpse bouwkunst gevrijwaard wordt en stelt voor deze bescherming gunstig te adviseren. Als stedelijke overheid weten we niet hoe de eigenaar tegenover de voorgenomen bescherming staat.
De bescherming gebeurt op basis van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.
Het agentschap Onroerend Erfgoed bereidt op vraag van de Vlaamse minister bevoegd voor Onroerend Erfgoed, de voorlopige bescherming als monument voor van de voormalige woning Silberman, Van Notenstraat 17 te 2100 Deurne. Op 15 januari 2018 vroeg het agentschap de stad om advies aangaande de voorlopige bescherming, conform het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.
Het agentschap Onroerend Erfgoed vraagt voorafgaand aan de voorlopige bescherming van een pand advies aan de betrokken gemeenten, de agentschappen en departementen van de Vlaamse beleidsdomeinen Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Mobiliteit en Openbare Werken, Leefmilieu, Natuur en Energie en Landbouw en Visserij en aan de Vlaamse Commissie Onroerend Erfgoed. De minister beslist, rekening houdend met deze adviezen, tot de voorlopige bescherming. Vervolgens organiseert de gemeente een openbaar onderzoek. Rekening houdend met de bezwaren en opmerkingen uit het openbaar onderzoek besliste de minister al dan niet tot de definitieve bescherming. De periode tussen de voorlopige en de definitieve bescherming duur maximum negen maanden. De minister kan deze periode eenmalig met drie maanden verlengen.
Het college beslist de vraag tot voorlopige bescherming van de voormalige woning Silberman, Van Notenstraat 17, 2100 Deurne, gunstig te adviseren, maar vraagt aan de Vlaamse overheid om de eigenaar zeker in deze te raadplegen.