Een verlaging van de werkgeversbijdragen voor contractuele medewerkers naar 25% zou voor de stad en het OCMW een financiële impact hebben van ongeveer 5.200.000 euro per jaar. Daarbovenop komt nog de impact voor de ruimere groep Antwerpen, dus politie, hulpverleningszone, autonome gemeentebedrijven, ... . Dit bedrag zou tevens oplopen in de verdere toekomst aangezien we contractueel werven.
De voorbije weken was er in de actualiteit veel te doen rond de taks shift. Een onderdeel hiervan is de verlaging van de werkgeversbijdragen naar 25%. Het was al eerder duidelijk dat deze maatregel niet zou gelden voor de statutaire werknemers, voor wie de voorbije jaren de bijdragenpercentages consistent werden verhoogd. We krijgen nu ook de boodschap dat deze maatregel niet geldt voor de contractuele medewerkers van de publieke sector, en wensen hierop te reageren.
Voor statutaire medewerkers zijn de werkgeverskosten bij lokale besturen de afgelopen jaren sterk opgelopen. Niet alleen werden structureel de bijdragepercentages opgetrokken, maar bovendien moeten we sinds 2012 via de responsabiliseringsbijdrage bijkomend betalen om onze statutaire pensioenlast te financieren. Voor de groep Antwerpen bedraagt de geschatte kostprijs van deze maatregel ca. 420 miljoen euro op de periode 2014-2019, en een veelvoud daarvan in de verdere toekomst. Het positieve effect van de indexsprong zinkt hiermee in het niet.
Hoewel we inhoudelijk akkoord zijn met een bepaalde mate van responsabilisering, is het volgens ons niet eerlijk, en ook niet realistisch, dat lokale besturen volledig zelf moeten blijven instaan voor hun pensioenlasten, terwijl er in de overheidssector op andere niveau’s en in de private sector geen sprake is van een responsabilisering op het wettelijk pensioen. We vragen dan ook met aandrang naar een engagement voor bijkomende financiering voor de stijgende pensioenkost voor lokale besturen in de toekomst.
In verband met de werkgeversbijdragen op de contractuelen: het klopt dat deze op dit moment voor lokale besturen lager zijn dan in de private sector. Dit is volgens ons geen argument om geen verlaging door te voeren. Integendeel, een verlaging naar 25% zou voor de staatskas een minder grote kost met zich meebrengen, maar het speelveld wel voor iedereen gelijkmaken. Zeker voor activiteiten die naast de private sector ontwikkeld worden, is dit een belangrijk argument om te vermijden dat ontransparante constructies opgezet zouden worden om de werkgeversbijdragen te optimaliseren. Ook voor Zorgbedrijf Antwerpen en Ziekenhuis Netwerk Antwerpen zou de niet-(of niet volledige) toekenning van de korting een directe vorm van concurrentievervalsing betekenen ten opzichte van de private zorgverstrekkers. Bovendien is het aangewezen dat de sociale maribel niet in mindering wordt gebracht van de korting.
Bovendien zou deze budgettaire meevaller voor lokale besturen gebruikt kunnen worden om een deel van de vergrijzingskost, zoals eerder beschreven, op te vangen, of investeringsruimte te vrijwaren.
We dringen erop aan om als lokaal bestuur in de problematiek van de personeelskost als volwaardige werkgever aanzien te worden. We vragen via deze weg dan ook om de verlaging van de werkgeversbijdragen uit te breiden naar alle sectoren, dus ook de publieke sector. Daarnaast dringen we aan op een engagement in de verdere toekomst vanuit de federale overheid voor de duurzame financiering van de pensioenen.
Het college keurt de collegiale brieven aan de federale ministers van Werk, en Sociale Zaken en Volksgezondheid, goed.