Dit besluit is voor de stad Antwerpen budgetneutraal: de vermindering van de concessievergoeding te betalen aan Waterwegen en Zeekanaal NV is gelijk aan de verhoging van de erfpachtvergoeding te betalen aan Waterwegen en Zeekanaal NV.
Door middel van het vierde addendum bij de Concessieovereenkomst Scheldekaaien wordt de totale concessievergoeding voor de Scheldekaaien vanaf 1 januari 2016 verlaagd met 2.036,42 euro (van de huidige vergoeding van 47.761,40 euro naar 45.724,98 euro).
De aangepaste concessievergoeding zoals bepaald in het vierde addendum geeft ook aanleiding tot een nieuwe verdeling van de betaling van de totale concessievergoeding tussen stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen middels een vijfde addendum bij de Beleidsovereenkomst tussen stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen.
Met ingang van 1 januari 2016 wordt de concessievergoeding tussen de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen verdeeld als volgt:
Op basis van het eerste addendum bij de Erfpachtovereenkomst wordt de jaarlijkse canonvergoeding die de stad Antwerpen dient te betalen aan Waterwegen en Zeekanaal NV opgetrokken met 2.036,42 euro (van de huidige vergoeding van 369,61 euro naar 2.406,03 euro).
De aktekosten voor het verlijden van de erfpachtovereenkomst, geraamd op 1.500,00 euro en te betalen aan notaris Celis, Celis & Liesse in 2015, zijn reeds voorzien bij gemeenteraadsbesluit van 15 december 2014 (jaarnummer 923). De stad Antwerpen is vrijgesteld van registratierechten.
In overleg met GAPA dient te worden onderzocht wat de financiële gevolgen zijn van het herzien van het contract tussen GAPA en APCOA tegen uiterlijk 1 januari 2016.
Op 21 februari 1997 ondertekenden het Vlaams Gewest enerzijds en de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen anderzijds de Concessieovereenkomst Scheldekaaien, nadien gewijzigd bij addenda 1 en 2 van 26 maart 2014 (Jaarnummers 2520 en 362).
Op 30 juni 1998 ondertekenden de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen de Beleidsovereenkomst inzake de concessie van de Scheldekaaien in uitvoering van artikel 1 van de concessieovereenkomst, nadien gewijzigd bij addendum 1 van 2001, addendum 2 van 1 mei 2010 en addendum 3 van 16 mei 2014 (Jaarnummer 932).
Op grond van het decreet van 4 mei 1994 vond de overdracht plaats door het Vlaams Gewest aan Waterwegen en Zeekanaal NV van de beheersbevoegdheid met betrekking tot de Scheldekaaien.
Op 1 februari 2012 ondertekenden de stad Antwerpen en Waterwegen en Zeekanaal NV de Principeovereenkomst Scheldekaaien met het oog op de herinrichting van de Scheldekaaien (Jaarnummers 1134 en 1713). De principeovereenkomst regelt op hoofdlijnen de samenwerking tussen partijen met het oog op de realisatie van het project Scheldekaaien, inbegrepen alle deelprojecten, conform het Masterplan Scheldekaaien.
In april 2014 ondertekenden het Vlaams Gewest, medeondertekend door het Agentschap voor Facilitair Management, ParticipatieMaatschappij Vlaanderen en Waterwegen en Zeekanaal NV, enerzijds en de stad Antwerpen en AG VESPA, anderzijds een Samenwerkingskader Gebiedsontwikkeling Loodswezensite (Jaarnummer 363). Het samenwerkingskader beoogt de realisatie van de gebiedsontwikkeling van de Loodswezensite in Antwerpen. De doelstelling is om te komen tot een kwalitatieve herontwikkeling van de terreinen onder controle van de partijen op een financieel haalbare wijze.
Met betrekking tot de structurering van de zakelijke rechten werd in het samenwerkingskader bepaald dat het Vlaams Gewest haar grondaandeel met bijbehorende opstallen (gebouw Loodswezen en de Boeienloods) inbrengt in de gebiedsontwikkeling. Het Vlaams Gewest kan beslissen om dit geheel in te brengen bij ParticipatieMaatschappij Vlaanderen, bij de dochtervennootschap de Vlaamse Erfgoedkluis of een aanverwante project- of dochtervennootschap.
Daarnaast wordt bepaald dat de stad Antwerpen haar aandeel van de terreinen binnen de gebiedsontwikkeling inbrengt via ofwel een opheffing van de concessie, ofwel via de rechtstreekse inbreng van de in concessie gegeven gronden. Indien aangewezen, kunnen ParticipatieMaatschappij Vlaanderen of een dochtervennootschap en AG VESPA, hun rechten samenbrengen in een projectvennootschap of grondenbank. Bij de (gedeeltelijke) opheffing van de concessie van de stad Antwerpen, is dit niet nodig.
Op 1 juli 2014 vond de aankondiging plaats van deOpdracht voor de gebiedsontwikkeling Loodswezensite in het Bulletin der Aanbestedingen.
Op 24 oktober 2014 (Jaarnummer 10762) keurde het college de principes met betrekking tot de toekenning van zakelijke rechten in het kader van de gebiedsontwikkeling Loodswezensite goed en gaf opdracht aan AG VESPA om deze principes uit te werken in overeenkomsten en deze overeenkomsten vervolgens ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
Op 15 december 2014 (jaarnummer 923) keurde de gemeenteraad volgende overeenkomsten goed:
Het gemeenteraadsbesluit bepaalde dat voor de uitbreidingszone ten zuiden van de Gebiedsontwikkeling Loodswezensite op een later moment en in functie van de mogelijke voorstellen met betrekking tot de realisatie van een rotatieparking wordt bepaald hoe zakelijke rechten zullen worden ingebracht.
Teneinde de Loodswezensite en de zone voor de zuidelijke rotatieparking als één geheel in de markt te plaatsen, worden de gronden binnen de gebiedsontwikkeling Loodswezensite uitgebreid met de zone voor de zuidelijke rotatieparking. Op deze manier kan één erfpachtrecht gevestigd worden ten gunste van de private partner voor zowel de Loodswezensite als voor de zone voor de zuidelijke rotatieparking.
Hiertoe is het noodzakelijk dat de bijkomende gronden voor de zuidelijke rotatieparking uit de Concessie-overeenkomst Scheldekaaien worden gelicht, en dat vervolgens door Waterwegen en Zeekanaal NV aan de stad Antwerpen een erfpachtrecht wordt toegekend.
Volgende overeenkomsten dienen hiervoor te worden afgesloten:
1/ Vierde addendum bij de Concessieovereenkomst Scheldekaaien van 1997
Door middel van een vierde addendum bij de concessieovereenkomst Scheldekaaien worden de bijkomende gronden voor de zuidelijke rotatieparking uit het voorwerp van de concessieovereenkomst Scheldekaaien gelicht.
Gezien er op basis van de gemeentelijke inlichtingenbrief op de percelen geen risico-inrichtingen gevestigd zijn of waren, zoals bedoeld in artikel 2, 14° van het Bodemdecreet, en gelet op de bodemattesten zoals opgeleverd door de OVAM zijn er geen verdere verplichtingen die voortvloeien uit het Bodemdecreet naar aanleiding van de overdracht van grond.
De integrale tekst van het vierde addendum bij de concessieovereenkomst Scheldekaaien wordt opgenomen als bijlage.
2/ Vijfde addendum bij de Beleidsovereenkomst stad - havenbedrijf
Door middel van een vijfde addendum bij de beleidsovereenkomst tussen de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen wordt de verdeelsleutel tussen de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen voor de verdeling van de concessievergoeding Scheldekaaien aangepast, gezien de bijkomende gronden voor de zuidelijke rotatieparking uit de concessieovereenkomst wordt gelicht.
Met ingang van 1 januari 2016 wordt de te betalen concessievergoeding tussen de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen verdeeld als volgt:
De integrale tekst van het vijfde addendum bij de beleidsovereenkomst tussen de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen wordt opgenomen als bijlage.
3/ Eerste addendum bij de overeenkomst tot vestiging van een erfpachtrecht
Door middel van een eerste addendum bij de erfpachtovereenkomst wordt het voorwerp van de Erfpachtovereenkomst tussen Waterwegen en Zeekanaal NV en de stad Antwerpen uitgebreid met de bijkomende gronden voor de zuidelijke rotatieparking.
Gezien er op basis van de gemeentelijke inlichtingenbrief op de percelen geen risico-inrichtingen gevestigd zijn of waren, zoals bedoeld in artikel 2, 14° van het Bodemdecreet, en gelet op de bodemattesten zoals opgeleverd door de OVAM zijn er geen verdere verplichtingen die voortvloeien uit het Bodemdecreet naar aanleiding van de overdracht van grond.
De integrale tekst van het eerste addendum bij de erfpachtovereenkomst tussen Waterwegen en Zeekanaal NV en de stad Antwerpen wordt opgenomen als bijlage.
Opmerkingen
De bepalingen van de principeovereenkomst blijven onverminderd van toepassing.
De stad Antwerpen en het Vlaams Gewest kunnen vervolgens bij de toewijzing van de Opdracht voor de gebiedsontwikkeling Loodswezensite én de zone voor de zuidelijke rotatieparking gezamenlijk een erfpachtrecht vestigen op lange termijn (minimaal 50 jaar – maximaal de looptijd van het erfpachtrecht van de stad Antwerpen) ten voordele van de geselecteerde kandidaat.
Artikel 43. §2. van het Gemeentedecreet stelt dat de gemeenteraad bevoegd is voor: 12° het stellen van daden van beschikking met betrekking tot onroerende goederen.
De gemeenteraad keurt bij monde van de fractievoorzitters volgend besluit goed.
Stemden ja: N-VA, sp.a, Vlaams Belang, CD&V en Open VLD.
Hebben zich onthouden: PVDA+ en Groen.
De gemeenteraad keurt het vierde addendum bij de concessieovereenkomst van de Antwerpse Scheldekaaien met betrekking tot de ontwikkeling van de Loodswezensite goed.
De gemeenteraad keurt het vijfde addendum bij de beleidsovereenkomst tussen de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen inzake de concessie van de Scheldekaaien goed.
De gemeenteraad keurt het eerste addendum bij de overeenkomst tot vestiging van een erfpachtrecht tussen Waterwegen en Zeekanaal NV en de stad Antwerpen betreffende het terrein B van de Loodswezensite goed.
De financieel beheerder verleent zijn visum en regelt de financiële aspecten als volgt:
|
Omschrijving |
Bedrag |
Boekingsadres |
Bestelbon |
|
Concessievergoeding: Jaarlijkse vermindering van de concessievergoeding Scheldekaaien te betalen aan Waterwegen en Zeekanaal NV voor 2016 en verder, naar aanleiding van het addendum 4 bij de concessieovereenkomst. |
2.036,42 euro |
budgetplaats:51150500000 |
Niet van toepassing |
|
Erfpachtvergoeding: Jaarlijkse verhoging van de canonvergoeding te betalen aan Waterwegen en Zeekanaal NV voor 2016 en verder, naar aanleiding van het addendum 1 bij de erfpachtovereenkomst. |
2.036,42 euro |
Budgetplaats: |
Volgt later |