Feiten en context
Begin oktober werden de resultaten van de Vlaamse capaciteitsmonitor voor onderwijs bekendgemaakt. Uit dit gedegen onderzoek blijkt dat Antwerpen tegen 2020-2025 bijna 11.000 bijkomende schoolbanken nodig heeft.
- 8411 in basisonderwijs
- 2404 in secundair onderwijs
In de pers kunnen we lezen dat de schepen de draagwijdte van het probleem onderkent, dat hij daadkracht van de minister verwacht, dat hij meer fondsen voor onze stad wil en dat daarnaast de stad Antwerpen zelf ook investeert in capaciteit. Een Antwerpse studie berekent dat er bijna 3500 zitjes minder nodig zijn, dan de Vlaamse capaciteitsmonitor.
Vragen:
- Kan de schepen een raming maken hoeveel middelen er nodig zijn om die 11.000 extra plaatsen te creëren? In de pers (HLN 9 oktober) lezen we dat Vlaanderen 12 miljoen "gaf" voor 2.200 plaatsen. Dat komt op 5500€ per plaats. Verder in hetzelfde artikel lezen we dat het stadsbestuur in september 22 miljoen investeerde om 1000 plaatsen te creëren. Wat kost nu een plaats in een school gemiddeld? Of kan men daar geen prijs op zeten? Waarom niet?
- U haalt aan dat Antwerpen dit jaar slechts 22,5 % van het gevraagd budget (€ 12 op 55 miljoen) toebedeeld kreeg. We lezen dat Vlaanderen voor 2016, 50 miljoen in totaal verdeelt voor scholenbouw". Hoeveel % van die koek wil u bekomen? Wat is voor u een aanvaardbaar cijfer.
- De stad Antwerpen investeerde volgens uw interview in Gazet Van Antwerpen (9 oktober) in september 18 miljoen extra in scholenbouw. In het Laatste Nieuws (9 oktober) spreekt u over 22 miljoen. Wat is het exacte bedrag?
- Wilt u het engagement nemen om de capaciteitsmonitor als uitgangspunt te nemen en dus - indien Vlaanderen onvoldoende middelen ter beschikking stelt - in de Antwerpse begroting te zoeken naar voldoende middelen teneinde voldoende capaciteit te creëren.
- Pleit u - als schepen van de grootste stad in Vlaanderen - in Vlaanderen ook nog voor voldoende middelen voor renovatie. Het kan niet zijn dat de noodzakelijke renovaties in Antwerpen blijven liggen omdat er enkel wordt ingezet op het creëren van extra-capaciteit.
-De Antwerpse cijfers blijken toch een onderschatting van het probleem weer te geven. 3500 minder op 11.000, dat is een afwijking van 30%. U wijt dit in de pers aan het gebrek van de definitieve inschrijvingscijfers? Is dat de enige oorzaak of zijn er nog? Welke lessen worden er getrokken voor toekomstige Antwerpse studies?
Deze interpellatie wordt samen besproken met de interpellatie van raadslid Verbist (2015_IP_00270).
Raadsleden Verbist en Branders houden hun interpellaties.
Schepen Marinower geeft antwoord op de vragen.
Raadsleden Verbist en Branders houden nog een wederwoord.
- Het volledige debat is opgenomen en digitaal raadpleegbaar via het stadsarchief.