Terug

2015_CBS_08425 - Verruimde mobiliteit tussen stad en OCMW - Afspraken - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 09/10/2015 - 09:00 collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Marc Van Peel, schepen

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2015_CBS_08425 - Verruimde mobiliteit tussen stad en OCMW - Afspraken - Goedkeuring 2015_CBS_08425 - Verruimde mobiliteit tussen stad en OCMW - Afspraken - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

De Vlaamse regering keurde op 20 mei 2011 een besluit goed, waardoor het mogelijk werd voor personeelsleden van bepaalde andere lokale besturen om via een mobiliteits- of bevorderingsprocedure in dienst te treden bij de stad Antwerpen. Dit besluit werd van kracht op 24 juli 2011. Deze mogelijkheid werd bij besluit van de gemeenteraad van 24 oktober 2011 (jaarnummer 1174) ingeschreven in de rechtspositieregeling. Van deze mogelijkheid wilde de stad Antwerpen optimaal gebruik maken. Op 24 mei 2012 keurde de stadssecretaris goed om elke interne mobiliteitsoproep automatisch verruimd open te verklaren naar OCMW Antwerpen, AG Kinderopvang en AG Stedelijk Onderwijs. 

In het bestuursakkoord van de stad Antwerpen 2013- 2018 van 29 januari 2013 (jaarnummer 35) is onder punten 425 en 429 respectievelijk het volgende bepaald: “De stad blijft inzetten op de optimalisatie van de huidige personeelsformatie. We streven daarbij naar maximale efficiëntie, een optimale dienstverlening en een goede definiëring van onze kerntaken. Personeel wordt flexibel ingezet waar het nodig is.” en “Het OCMW zoekt voor zijn diensten naar meer samenwerking met de stedelijke diensten. Deze integratie wordt binnen het wettelijk kader maximaal verder nagestreefd.” 

In het regeerakkoord van de Vlaamse regering 2014- 2019 van 23 juni 2014 is onder het hoofdstuk 1 met betrekking tot binnenlands bestuur en stedenbeleid het volgende bepaald: "We integreren de OCMW’s uiterlijk tegen de start van de volgende lokale bestuursperiode volledig in de gemeentebesturen (vrijwillig voor de centrumsteden)."

In het regeerakkoord van de Vlaamse regering 2014- 2019 van 23 juni 2014 is onder het hoofdstuk 1 met betrekking tot binnenlands bestuur en stedenbeleid het volgende bepaald: "We geven de steden en gemeenten meer autonomie met betrekking tot hun interne organisatie. Op het vlak van het personeelsbeleid geven we de gemeenten en in het bijzonder de grootste steden meer vrijheidsgraden om hun plaatselijke rechtspositieregeling vorm te geven. We erkennen de rol van de gemeenten in het syndicaal overleg. We maken mogelijk dat lokale besturen op flexibele manier een beroep kunnen doen op uitzendarbeid. We waken erover dat dienstverlening van de lokale besturen aan de burgers neutraal is en als neutraal ervaren wordt."

Argumentatie

De groepsbrede mobiliteit heeft een flinke start genomen. Bij deze vorm van mobiliteit veranderen de personeelsleden effectief van werkgever. Een medewerker van het OCMW Antwerpen die geselecteerd wordt voor een vacature bij de stad Antwerpen via mobiliteit zal zijn/haar ontslag moeten geven bij het OCMW Antwerpen en in dienst moeten treden bij de stad Antwerpen (en omgekeerd). 

Deze verandering van werkgever brengt een aantal drempels voor het personeelslid met zich mee zelf (onvoldoende betaalde vakantie wegens afrekening van de vakantierechten, wachttijd voor het opnemen van ouderschapsverlof, … ).

Met de bedoelde integratie van de OCMW’s in gedachte, is het zowel voor de organisatie als voor het personeel nu al aangewezen om bij mobiliteit tussen de stad Antwerpen en het OCMW Antwerpen de in dit besluit opgesomde drempels voor het personeelslid zoveel als mogelijk weg te nemen. Zo is het niet meer dan fair dat het personeelslid dezelfde garanties krijgt als bij een toekomstige inkanteling, met name de overname van zijn ontslaganciënniteit. Om de gelijkheid onder de personeelsleden te verzekeren zal de ontslaganciënniteit worden aangepast van alle personeelsleden die via mobiliteit vanuit het OCMW Antwerpen in dienst zijn getreden bij de stad Antwerpen (en omgekeerd) met ingang van 23 juni 2014, datum waarop het Vlaamse regeerakkoord 2014-2019 werd goedgekeurd.

Ook ten aanzien van de rijksdienst voor arbeidsbemiddeling zal de bedoelde integratie aangehaald worden om personeelsleden met loopbaanonderbreking de kans te geven om hun loopbaanonderbreking bij de andere werkgever verder te zetten. Wijziging van werkgever kan in bepaalde gevallen een verval van bepaalde rechten met zich meebrengen, tenzij de wijziging van werkgever gebeurt in het kader van een inkanteling dan kunnen deze rechten behouden blijven.

Om administratieve last aan de kant van de beide besturen te beperken, wordt er voorgesteld om bij mobiliteit tussen de stad Antwerpen en het OCMW Antwerpen geen verlof voor opdracht of terugvalpositie meer toe te kennen.

Vanaf 15 juni 2015 zijn personeelsleden in dienst gebleven van hun oude werkgever in afwachting tot een uitgewerkte principebeslissing. Om deze reden wordt er voorgesteld om deze beslissing in te laten gaan op 1 november 2015 maar met terugwerkende kracht tot 15 juni 2015.   

Fasering

Dit besluit zal besproken worden met de representatieve vakbonden en ter goedkeuring voorgelegd worden aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist dat, tot er duidelijkheid is over de samengaan van de stad en het OCMW, het personeelslid van het OCMW Antwerpen dat via verruimde mobiliteit in dienst treedt van de stad Antwerpen:

  • zijn statuut (contractueel/statutair) behoudt;
  • zijn niet-opgenomen vakantiedagen van het lopend kalenderjaar overdraagt;
  • zijn aan- en afwezigheden tellers (flexibele uren, toelagen in tijd, historische uren, dispoteller…) overdraagt;
  • zijn aantal dagen tot het bekomen van een waardering overdraagt;
  • zijn ontslaganciënniteit overdraagt;
  • zijn lopende loopbaanonderbreking kan verderzetten;
  • zijn bedrijfseigendom (laptop, gsm, badge, …) behoudt indien het personeelslid dit bedrijfseigendom nodig heeft in zijn nieuwe functie.

Deze beslissing treedt in werking op 1 november met terugwerkende kracht tot 15 juni 2015.

Artikel 2

Het college beslist om bij verruimde mobiliteit van de stad Antwerpen naar het OCMW Antwerpen:

  • geen verlof voor opdracht of terugvalpositie meer toe te kennen;
  • de achterstal 2012 pas uit te betalen bij de omschakeling naar de achterafbetaling van het loon voor statutairen.

Artikel 3

Het college beslist om de ontslaganciënniteit van alle personeelsleden van het OCMW Antwerpen die sinds het Vlaamse regeerakkoord van 23 juni 2014 in dienst zijn gekomen van de stad Antwerpen via verruimde mobiliteit aan te passen.

 

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.