Binnengemeentelijke decentralisatie
Met de collegebeslissing van 6 maart 2015 (jaarnummer 1791) werden de bevoegdheden van de districtscolleges gecoördineerd. Artikel 2 bepaalt dat het districtscollege bevoegd is voor het lokaal seniorenbeleid.
De vernieuwde aanpak van inspraak, advies en medebeheer adviesorganen cultuur, sport, jeugd en senioren werd door de gemeenteraad in de zitting van 16 december 2013 (jaarnummer 828) goedgekeurd.
Zoals bepaald door het Gemeentedecreet worden einddocumenten van de adviesraden, zoals adviezen en de antwoorden hierop, ter kennisneming voorgelegd aan het districtscollege en de districtsraad.
In de zitting van 23 november 2015 (jaarnummer 00668) keurde het districtscollege een eerste antwoordbrief goed betreffende het advies over een zebrapad op de Halewijnlaan. Nadat er informatie werd ingewonnen bij de dienst mobiliteit stuurt het districtscollege nu een tweede antwoordbrief naar de seniorenraad.
Artikel 200 van het Gemeentedecreet bepaalt dat de gemeenteraad kan overgaan tot organisatie van raden en overlegstructuren die tot opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren. De verslagen en einddocumenten van deze raden en overlegstructuren worden meegedeeld aan de gemeenteraad. Artikel 284 van het Gemeentedecreet bepaalt dat dit artikel ook van toepassing is op de districten.
Het districtscollege keurt de antwoordbrief goed.