Samenstelling
Aanwezig
Bart De Wever, burgemeester;
Koen Kennis, schepen;
Philip Heylen, schepen;
Ludo Van Campenhout, schepen;
Claude Marinower, schepen;
Marc Van Peel, schepen;
Rob Van de Velde, schepen;
Nabilla Ait Daoud, schepen;
Fons Duchateau, schepen;
Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris
Afwezig
Serge Muyters, korpschef;
Roel Verhaert, stadssecretaris
Secretaris
Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris
Voorzitter
Bart De Wever, burgemeester
2015_CBS_05628 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - Rio-Link nv, Siberiastraat zonder nummer (zn)/Sloepenweg zonder nummer (zn), 2030 Antwerpen. Dossiernummer MV2015/140/JW - Goedkeuring
Motivering
Regelgeving: bevoegdheid
Artikel 36,4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.
Aanleiding en context
Aanvrager(s): Rio-Link nv - Mechelsesteenweg 66 - 2018 Antwerpen. De aanvraag omvat: een nieuw vijzelgemaal pompstation Royerssluis en de aanleg afvoerkokers RWA.
Argumentatie
Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd en sluit zich aan bij deze motivatie.
Juridische grond
Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijk inrichting mag exploiteren.
Besluit
Het college van burgemeester en schepenen beslist:
Artikel 1
Het college beslist een milieuvergunning, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren aan Rio-Link nv, Mechelsesteenweg 66, 2018 Antwerpen, voor de inrichting gelegen te Siberiastraat/Sloepenweg zn, 2030 Antwerpen. De vergunning heeft als voorwerp het exploiteren van een nieuw vijzelgemaal pompstation Royerssluis en de aanleg afvoerkokers RWA.
Artikel 2
Het college wijst erop dat de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:
Algemene voorwaarden:
|
algemene milieuvoorwaarden – algemeen
|
hoofdstuk 4.1, 4.7, 4.9 en bijlagen 4.1.9.1.6, 4.1.9.2.3.1, 4.1.9.2.3.2, 4.1.9.2.3.4 en 4.8;
|
|
algemene milieuvoorwaarden – geluid
|
hoofdstuk 4.5 en bijlagen 2.2.1, 2.2.2, 4.5.1, 4.5.2, 4.5.3, 4.5.4, 4.5.5 en 4.5.6;
|
|
algemene milieuvoorwaarden – oppervlaktewater
|
hoofdstuk 4.2 en bijlagen 4.2.5.1, 4.2.5.2 en 4.2.5.4;
|
|
algemene milieuvoorwaarden – lucht
|
hoofdstuk 4.4 en bijlagen 4.4.1 tot 4.4.6. en hoofdstuk 4.10;
|
|
algemene milieuvoorwaarden – licht
|
hoofdstuk 4.6.
|
Sectorale voorwaarden:
|
elektriciteit
|
hoofdstuk 5.12;
|
|
winning van grondwater
|
hoofdstuk 5.53 en bijlage 5.53.1.
|
Artikel 3
Het college beslist dat de exploitant de volgende bijzondere- en brandweer voorwaarden dient na te leven:
Bijzondere voorwaarden:
- voor het vijzelgemaal wordt een retourbemaling voorzien met een debiet van 1 500 m³/dag;
- voor de persput wordt een retourbemaling voorzien met een debiet van 600 m³/dag;
- er wordt een gedetailleerde bemalingsstudie en monitoring met peilbuizen voorzien;
- driemaandelijks dienen de resultaten van de debietsmetingen (zowel oppompen als retourneren) bezorgd te worden aan de dienst Milieuvergunningen van de stad Antwerpen. Dit kan per post p/a college van burgemeester en schepenen, Grote Markt 1, 2000 Antwerpen of via milieuvergunningen@stad.antwerpen.be;
- de werkzone in het habitatrichtlijngebied en ter hoogte van de beschermde vegetaties wordt tot een minimum beperkt;
- de aarde en het slik die ter plaatse worden afgegraven, worden behouden en na de werken opnieuw bovenop de koker aangebracht zodanig dat de oorspronkelijke vegetatie en natuurwaarde zich opnieuw maximaal kunnen ontwikkelen;
- bovenop de koker wordt geen gebiedsvreemde grond of gebiedsvreemd materiaal aangebracht;
- voor de aanlegwerken ter hoogte van het habitatrichtlijngebied en ter hoogte van de slikken wordt gewerkt vanop een ponton zodat de slikken en de estuariene natuur een minimale verstoring ondervinden;
- het via de nieuwe koker geloosde debiet is minder of maximaal gelijk aan het debiet dat voorheen ter hoogte van de Royerssluis werd geloosd door het oude vijzelgemaal;
- het oude vijzelgemaal dient voor ingebruikname van het nieuwe vijzelgemaal buiten gebruik gesteld te worden;
- de impact van de bemaling op het schor wordt gemonitord. Indien de bemalingsperimeter tot in het schor reikt, zijn milderende maatregelen noodzakelijk. Zoals toegelicht in de bij de aanvraag gevoegde voortoets, zullen deze onder andere bestaan uit het aanleggen van een gracht tussen de dijk en de bemalingsput, het voorzien van een gesloten bouwput, … ;
- de Vlaamse Milieumaatschappij geeft een gunstig advies voor een bronbemaling klasse 2 met een maximaal debiet van 1 100 m³/dag en 297 000 m³/jaar voor een termijn van één jaar;
- voor de bouw van het nieuwe vijzelgemaal dient een stedenbouwkundige vergunning bekomen te worden;
- de bouw van de persput dient voorafgaandelijk beter afgestemd te worden met de dienst Stedenbouwkundige Vergunningen van de stad Antwerpen voor een betere integratie in het Droogdokkenpark. Na de noodzakelijke afstemming, dient ook hiervoor een stedenbouwkundige vergunning bekomen te worden;
- bij het einde van de werken dient de milieuvergunning stop gezet te worden.
Brandweervoorwaarden:
B1
Onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hiernavermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:
S9
Een snelblustoestel van 5 kg CO2 - ½ bluseenheid conform NBN EN 3-7 - dient aangebracht nabij de toegang tot de hoogspanningscabine.
Artikel 4
Het college beslist dat de vergunde inrichting in gebruik moet genomen worden binnen de 3 jaar vanaf de startdatum van de vergunning, zoniet vervalt deze vergunning van rechtswege.
Artikel 5
Het college beslist dat de milieuvergunning kan worden toegestaan voor een termijn van 240 maanden die ingaat op de dag dat de stedenbouwkundige vergunning definitief wordt bekomen.
Artikel 6
Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.