Het districtscollege keurde in het kader van de burgerbegroting principieel de uitvoering van een aantal projecten goed. Voor de thema’s ‘groen op pleinen’ en ‘aantrekkelijke pleinen’ werden 3 projecten vastgelegd, waaronder het project Paardenmarkt. Hiervoor werd een bedrag van 100.000,00 EUR gereserveerd. Verder wordt er gebruik gemaakt van het reguliere onderhoudsbudget. Omdat de vernieuwing van het asfalt in de zone van de strip beperkt kan worden tot een toplaag, kan hier bovenop circa 25.000,00 EUR bespaard worden wat dus terug kan geïnvesteerd worden in andere kleine aanpassingen aan het openbaar domein.
Voor de infrastructurele maatregelen die nodig zijn in het kader van de ‘snelle en tijdelijke verkeersveiligheidsmaatregelen’ staat het college van burgemeester en schepenen in voor de te voorziene financiële middelen.
Met de collegebeslissing van 6 maart 2015 (jaarnummer 1791) werden de bevoegdheden van de districtscolleges gecoördineerd. Artikel 10 bepaalt dat het districtscollege bevoegd is voor de lokale straten en pleinen.
In het gemeenteraadsbesluit van 30 maart 2015 (jaarnummer 147) werden de bovenlokale locaties vastgesteld. De Paardenmarkt is een lokale straat.
Op de Paardenmarkt zijn ‘snelle en tijdelijke verkeersveiligheidsmaatregelen’ nodig naar aanleiding van de verkeersonveiligheid in de straat. Daarnaast zijn ook vernieuwingswerken van de asfaltlaag in de rijweg gepland.
De bedrijfseenheid stadsontwikkeling maakte een projectvoorstel op om deze ingrepen te koppelen aan een tijdelijke herinrichting van de straat, die niet louter technisch van aard is maar ook extra verblijfsruimte in de straat genereert.
De bedrijfseenheid stadsontwikkeling legt dit projectvoorstel ter goedkeuring aan het districtscollege voor.
Probleemschets
De Paardenmarkt is vandaag een overgedimensioneerde straat waarin de verkeersfunctie overheerst. De straat ligt in zone 30, maar is niet ingericht op maat van dit snelheidsregime. Dit resulteert niet enkel in een lage verblijfskwaliteit, maar ook in een grote verkeersonveiligheid. Er wordt te snel gereden, de oversteekbaarheid voor zachte weggebruikers is problematisch en het aantal ongevallen is er groot.
In 2016 zal de Brabo 2-werf gevorderd zijn tot op de Italiëlei en zal het kruispunt Leien-Paardenmarkt worden heringericht. Dit betekent concreet dat het compacter en leesbaarder wordt gemaakt door de zeven rijstroken op de Paardenmarkt terug te brengen tot drie. Tot op heden zijn er echter nog geen plannen of budgetten om de overgang van de nieuwe kruispuntaanleg naar de ‘oude’ Paardenmarkt te realiseren op een verkeerstechnisch en esthetisch verantwoorde manier.
Kansen
De Paardenmarkt fungeert als de feitelijke en psychologische toegangspoort voor de ‘campuswijk’, een buurt met veel kleine handelszaken, horeca en onderwijsinstellingen (hogescholen, universiteit).
Een herverdeling van de ruimte op de Paardenmarkt kan letterlijk en figuurlijk meer ruimte geven aan al deze spelers. Een hogere belevingswaarde en verblijfskwaliteit geeft zuurstof aan de lokale economie en het sociale weefsel van de wijk.
Geplande onderhoudswerken
Het district Antwerpen heeft middelen uitgetrokken om de Paardenmarkt te voorzien van een nieuwe asfaltlaag. Ook al gaat het om een loutere herstelling van de bestaande toestand, deze werken zouden kunnen worden gepresenteerd als een eerste stap naar een wedergeboorte van de Paardenmarkt.
Van de gelegenheid kan gebruik gemaakt worden om alvast enkele kleine verbeteringen aan te brengen.
Verkeersveiliger maken
De Paardenmarkt staat op de shortlist van ‘verkeersonveiligste’ straten van Antwerpen. Daarom plant de Staten-Generaal voor Verkeersveiligheid (SGVA) een ‘snelle en tijdelijke ingreep’ om de straat verkeersveiliger te maken.
Omdat het snel moet gaan (de onveiligheid moet zo snel mogelijk worden weggewerkt) én omdat de middelen van de SGVA beperkt zijn, zal een grote mate van creativiteit nodig zijn om de verkeersveiligheid snel, goedkoop en op een ruimtelijk aanvaardbare wijze te verbeteren.
Lokaal sociaal kapitaal aanboren
Een specifieke troef is dat verschillende onderwijsinstellingen in de onmiddellijke omgeving zich situeren in de creatieve sector (productontwikkeling, kunstonderwijs) en dat de wijk gekenmerkt wordt door actieve buurtgroepen. De som van creativiteit en betrokkenheid aanwezig bij de gebruikers (studenten, docenten) en de bewoners vertegenwoordigt een uniek sociaal kapitaal dat tot op heden weinig of niet werd aangeboord.
Een ‘momentum’ om deze bron aan te boren is mogelijk.
Met in het vooruitzicht de ingrijpende werken van Brabo 2, die hoe dan ook voor hinder zullen zorgen in de buurt, is het essentieel om van de wijk een partner te maken in plaats van een tegenstander. In die zin is het opzetten van een ‘coproductie’ met de lokale actoren een bijzondere vorm van ‘Minder hinder’-beleid.
Uitwerking en plan van aanpak
Het opzet van dit project bestaat erin om letterlijk de overbreedte van de straat in te palmen bij de verblijfsruimte van de straat. Concreet zal de rijwegbreedte, in het straatgedeelte tussen de Hessenbrug en Rijnpoortvest, versmald worden tot 6m50 en de overbreedte toegevoegd worden bij de voetpadzone aan de noordkant van de straat. Deze zijde is gekozen omdat dit de meest zonnige kant is en op die manier een volwaardige breedte vrijkomt voor de invulling van een programma. In het gedeelte tussen Rijnpoortvest en Italiëlei zal een overgang worden gemaakt naar het bestaande kruispunt. De verkeerslichten op het kruispunt Rijnpoortvest zouden, in combinatie met het compacter maken van het kruispunt, bij voorkeur verdwijnen. Dit past ook binnen de visie van het college van burgemeester en schepenen voor de afbouw van verkeerslichten waar deze niet noodzakelijk en/of gewenst zijn. De procedure hiervoor zal worden opgestart.
De vrijgekomen ruimte of ‘strip’ kan, in samenspraak met scholen en de buurt, ingevuld worden met een nader uit te werken programma. De afbakening van deze ruimte zal wel op voorhand duidelijk worden vastgelegd.
De opmaak van het programma voor de invulling zal op basis van inspraak met de buurt georganiseerd worden. Naast de bepaling van het uiteindelijke programma zijn er ook een aantal andere randvoorwaarden waarmee rekening moet gehouden worden bij de opmaak van de uitwerking van de invulling van de strip:
Voor de uitwerking van het ontwerp (vertaling van het programma in een concept) zal vervolgens een prijsvraag gehouden worden voor scholen die hieraan wensen mee te werken. Bij de lancering van deze wedstrijd zullen het programma en overige randvoorwaarden aan de deelnemende studenten worden meegegeven. De uiteindelijke beoordeling van de projecten kan gebeuren op basis van een jury en een publieksmoment waar de projecten getoond worden.
Het concept moet een antwoord bieden op het programma en de randvoorwaarden, en gedragen zijn door de buurt en haar gebruikers. Dit concept hoeft niet noodzakelijk een vast afgelijnd functioneel ontwerp te zijn dat eenmalig wordt gerealiseerd. Het project kan immers een aanzienlijke meerwaarde bieden als het flexibel is in tijd (bijvoorbeeld een platform voor wisselende programmaties, een ‘work in progress’), flexibel is in ruimte (bijvoorbeeld mogelijkheid voor wisselende opstellingen en gebruik) en een blijvende betrokkenheid van en met de buurt genereert (bijvoorbeeld samenwerkingsverbanden). In die zin kan het project ook een uitermate waardevolle input bieden en fungeren als een soort laboratorium voor een mogelijke toekomstige heraanleg.
Gelet op het beperkte budget wordt voorgesteld dat voor de invulling ook beroep kan gedaan worden op al de niet meer bruikbare materialen (bijvoorbeeld oud straatmeubilair) die liggen opgeslagen in de diverse stadsmagazijnen.
De uiteindelijke realisatie moet kort na de keuze van het concept van start kunnen gaan. Dit is ook vlak na het moment dat asfalteringswerken in de straat plaatsvinden en het nieuwe wegprofiel wordt afgebakend. Hoe deze realisatie tot stand komt, zal dus deels afhankelijk zijn van het gekozen concept. Ook hiervoor is samenwerking mogelijk met bijvoorbeeld technische scholen en culturele instellingen.
Partners
Momenteel werd het projectvoorstel reeds afgetoetst bij een aantal scholen en instellingen in de omgeving (In Situ³ (Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen), Productontwikkeling en Architectuur (Universiteit Antwerpen), Het Bos, Stedelijk Lyceum Meir…). Op basis van deze contacten blijkt de interesse en het engagement reeds groot genoeg om voor dit project samen te werken.
Het districtscollege keurt het projectvoorstel voor de tijdelijke inrichting van de Paardenmarkt SWOU08998, goed.