In het gemeenteraadsbesluit van 30 maart 2015 (jaarnummer 147) werden de bovenlokale locaties vastgesteld. Konijnenwei is een lokaal park.
Het college is bevoegd voor het ruimtelijk beleid en ontwikkelingen.
| Fase | Actie | Datum | Jaarnummer |
| goedkeuring voorontwerp |
goedkeuring college |
28 mei 2015 |
4526 |
Op 28 mei 2015 (jaarnummer 4526) keurde het college het voorontwerp goed voor de parkinrichting van de Konijnenwei.
Het stadsbestuur wenst de realisatie van een tijdelijk park en een parking voor 150 auto’s op de Konijnenwei.
Het doel van het project is tweeledig:
Een parking van dergelijke omvang wijkt echter af van de bestemming die in het gewestplan voor deze zone is vastgelegd (zone voor dagrecreatie). Rekening houdend met deze stedenbouwkundige voorschriften is de gewenste parking van 150 plaatsen op deze locatie niet vergunbaar. Om te weten of alsnog kan worden afgeweken van het gewestplan, dient eerst een projectvergadering plaats te vinden die hierover oordeelt.
De bedrijfseenheid stadsontwikkeling maakt daarom de aanvraag voor een projectvergadering op en legt deze aan het college ter goedkeuring voor.
Indien een gunstige beoordeling voor deze afwijking wordt bekomen, kan aansluitend een vergunningsvraag voor het tijdelijke park en parking op de Konijnenwei worden ingediend.
Ontwerp
De volgende ingrepen worden voorgesteld om de geformuleerde doelstellingen te bereiken:
Enkel de parking vormt een afwijking op de voorschriften van het gewestplan en is daarmee het onderwerp van de projectvergadering. De nadere uitwerking van de parking wordt hieronder toegelicht:
Procedure projectvergadering
De aanleg van de parking is op de geplande locatie op zich niet vergunbaar omdat de functie afwijkt van de bestemming die in het gewestplan werd verankerd (zone voor dagrecreatie). De werken kunnen conform de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening (artikel 4.4.7,§2) wel vergund worden indien deze beschouwd worden als ‘handeling van algemeen belang met een ruimtelijk beperkte impact’. Artikel 3 (paragrafen §1 en §2) van het besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van de handelingen in de zin van artikel 4.1.1, 5°, artikel 4.4.7, §2, en artikel 4.7.1, §2, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en tot regeling van het vooroverleg met de Vlaams Bouwmeester, specifieert de handelingen die hieronder vallen. Voorliggende geplande werken komen in deze oplijsting echter niet voor. Paragraaf §3 van hetzelfde artikel schrijft echter wel voor dat het vergunningverlenende bestuursorgaan, op gemotiveerd verzoek van de aanvrager, kan vaststellen dat een handeling van algemeen belang die niet in paragraaf §1 of §2 is vermeld, een ruimtelijk beperkte impact als vermeld in artikel 4.4.7, § 2, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening heeft. Deze handelingen mogen niet worden uitgevoerd in een ruimtelijk kwetsbaar gebied tenzij deze handelingen gelet op hun aard, ligging en oppervlakte geen significante impact hebben op het ruimtelijk kwetsbaar gebied. Dat bestuursorgaan beoordeelt concreet of de handelingen de grenzen van het ruimtelijk functioneren van het gebied en de omliggende gebieden niet overschrijden, aan de hand van de aard en omvang van het project en het ruimtelijk bereik van de effecten van de handelingen. Het vergunningverlenende bestuursorgaan oordeelt en beslist daarover nadat een projectvergadering werd gehouden en voor de vergunningsaanvraag werd ingediend. Het document waaruit die beslissing blijkt, wordt bij de vergunningsaanvraag gevoegd.
De projectvergadering zelf bestaat uit de vergunningverlenende overheid en de adviesverlenende instanties. De projectvergadering beoogt de procedurele afstemming tussen de betrokken organen en instanties en de bespreking van de eventueel nodig of nuttig geachte projectbijsturingen. Gezien deze werken vallen onder de ‘bijzondere procedure voor handelingen van algemeen belang of voor aanvragen ingediend door publiekrechtelijke rechtspersonen’ waarover de latere definitieve aanvraag beslist zal worden door de Vlaamse Regering, de gedelegeerde stedenbouwkundige ambtenaar of de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar, dient het verzoek tot organisatie van een projectvergadering bij dezelfde instantie te worden ingediend. Deze aanvraag kan ook elektronisch (per mail) worden ingediend. De aanvraag dient vergezeld te zijn van een realistische projectstudie.
In uitvoering van artikel 4.7.1.§1 en artikel 4.7.26.§1 van de ‘Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening’ worden de stedenbouwkundige vergunningen, voor handelingen van algemeen belang of voor aanvragen ingediend door publiekrechtelijke of semipublieke rechtspersonen, afgeleverd door de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar binnen de bijzondere procedure.
In uitvoering van artikel 4.4.7. §2 van de ‘Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening’ kan een vergunning voor handelingen van algemeen belang die een ruimtelijk beperkte impact hebben, afgeweken worden van stedenbouwkundige voorschriften en verkavelingsvoorschriften. Handelingen van algemeen belang kunnen een ruimtelijk beperkte impact hebben vanwege hun aard of omvang, of omdat ze slechts een wijziging of uitbreiding van bestaande of geplande infrastructuren of voorzieningen tot gevolg hebben.
Het college keurt de aanvraag tot projectvergadering goed voor de aanleg van een tijdelijke parking op de Konijnenwei en beslist deze in te dienen bij het departement van de Vlaamse overheid, afdeling Ruimte Vlaanderen.