Op 16 november 2009 (jaarnummer 16290) keurde het college het marketingconcept en de basisprincipes van de A-kaart goed. Het collegebesluit schetst het algemeen kader voor de A-kaart. Het besluit geeft tevens een eerste aanzet voor enkele basisprincipes van de A-kaart: marketingdoelstellingen, fasering van project en aanbod, werking van de kaart, distributiemodel, financieel model en de rolverdeling bij de betrokken bedrijfseenheden.
Op 11 juni 2010 (jaarnummer 7227) keurde het college het verfijnde marketingconcept voor de A-kaart goed. Het collegebesluit verduidelijkt het doel en de werking van de kaart, gaat dieper in op de procedure om een A-kaart aan te vragen, de kostprijs van de kaart, haar geldigheidsduur en de locaties waar men met de A-kaart terecht kan. Het collegebesluit schetst eveneens het globale communicatieplan, geeft meer uitleg bij de gebruikte technologie en licht de projectplanning verder toe.
Op 25 oktober 2010 (jaarnummer 1447) keurde de gemeenteraad het reglement voor de A-kaart goed. In dit reglement worden volgende criteria opgesomd waaraan partners moeten voldoen:
De bevoegdheid om de toetreding van organisatoren tot het A-kaartprogramma goed te keuren, werd in artikel 1.1.3 van dit besluit gedelegeerd aan het college.
Op 20 oktober 2014 (jaarnummer 809) keurde de gemeenteraad een geactualiseerd reglement voor de A-kaart goed. De belangrijkste wijziging aan het reglement bestond er in het loyaltyprogramma van de A-kaart niet langer tijdsgebonden in te vullen maar persoonsgebonden te benaderen. Een A-kaarthouder spaart punten die bij het bereiken van tien automatisch worden omgezet in een – virtuele – bon op de A-kaart. Deze bon krijgt een geldigheidsduur van zes maanden zodat er geen oneindig aantal voordelen worden gecreëerd. De A-kaarthouder wordt dan via gerichte communicatie geïnformeerd over het verwerven van zo’n virtuele bon en de mogelijkheden om die om te zetten.
De stad Antwerpen gebruikt de A-kaart als instrument om de participatie aan culturele, sportieve en vrijetijdsactiviteiten te bevorderen. Om het aantal partners uit de culturele sector verder uit te breiden werden er de voorbije maanden gesprekken aangeknoopt met volgende instellingen:
De stad Antwerpen wil de A-kaart gebruiken als een instrument om de participatie te bevorderen aan culturele, sportieve en vrijetijdsactiviteiten.
Met de toetreding van het Toneelhuis, deFilharmonie en het Kunsthuis kiezen we voor Antwerpse cultuurhuizen waarmee de stad via een beheersovereenkomst reeds samenwerkt. Als bijlage zijn de samenwerkingsovereenkomsten toegevoegd. In elke overeenkomst wordt gespecifieerd hoe de samenwerking verloopt en hoe A-kaartpunten ingeruild kunnen worden.
Het college keurt de nieuwe samenwerkingsovereenkomst met de volgende partners rond de A-kaart goed: