Het ereloon van de commissaris-revisor valt ten laste van het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen.
Artikel 19sexies van het Havendecreet van 2 maart 1999 bepaalt dat het toezicht op de financiële toestand en op de jaarrekeningen van het Autonoom Gemeentelijk Havenbedrijf wordt opgedragen aan een college van drie commissarissen die door de gemeenteraad worden gekozen buiten de raad van bestuur van het Autonoom Gemeentelijk Havenbedrijf en waarvan ten minste één lid is van het Instituut voor Bedrijfsrevisoren. Met uitzondering van die laatste zijn de leden van het college van commissarissen allemaal lid van de gemeenteraad.
In zitting van 29 mei 2012 (jaarnummer 628) keurde de gemeenteraad het mandaat goed van KPMG Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Erik Clinck, als commissaris-revisor bij het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen.
In zitting van 5 juni 2015 (jaarnummer 4725) keurde het college de gunning goed voor de aanstelling van BDO Bedrijfsrevisoren als commissaris voor verschillende entiteiten van de groep stad Antwerpen.
De raad van bestuur van het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen heeft op 6 juli 2015 beslist om de firma KPMG Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Erik Clinck, aan de gemeenteraad voor te stellen als commissaris-revisor omwille van de continuïteit van de externe controle aangezien er ingrijpende wijzigingen zijn in het intern audit departement.
Artikel 39 van de statuten van het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen bepaalt dat het toezicht op de financiële toestand en op de jaarrekeningen wordt opgedragen aan een college van 3 commissarissen gekozen door de gemeenteraad voor een hernieuwbare periode van 3 jaar, waarbij ten minste één commissaris lid is van het instituut voor bedrijfsrevisoren.
De gemeenteraad benoemt KPMG Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Erik Clinck, als commissaris-revisor voor het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen.