Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.
In zitting van 20 februari 2015 (jaarnummer 1314) besliste het college een stedenbouwkundige vergunning te verlenen aan de nv Janssen Pharmaceutica voor het regulariseren en uitbreiden van 2 units en plaatsen van een luchtgroep en kooiladder hoogte van de Lange Bremstraat 70, district Merksem (dossiernummer: NME/B//20142992).
In de vergunning beoordeelde de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar op pagina 5 het volgende: ‘Rekening houdend met de tijdelijke toestand van de inrichting en de beperkte oppervlakte kan er worden ingestemd met het niet voorzien van opvang van hemelwater. Vervolgaanvragen zullen wel onderworpen worden aan voornoemde bepalingen.’
Echter in tegenstelling tot bovenstaande paragraaf, kwam de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar enkele paragrafen onder de desbetreffende paragraaf verder tot de conclusie (die letterlijk overgenomen werd in de beslissing van het college op pagina 6) dat het advies van de Provincie, dienst waterbeleid, strikt nageleefd dient te worden. In dit advies van de dienst waterbeleid staat dat een hemelwaterput met hergebruik wél voorzien dient te worden.
Bijgevolg is het voor de nv Janssen Pharmaceutica onduidelijk of er daadwerkelijk een hemelwaterput met hergebruik moet worden voorzien en dient het college deze onduidelijk recht te zetten.
De huidige constructies zijn inderdaad tijdelijk. de nv Janssen Pharmaceutica heeft de intentie geuit om een definitieve vestiging te vinden in een van de gewenste/geplande nieuwbouwprojecten van het Jan Palfijnziekenhuis of de Middelheim-site zodat de prefab gebouwen verlaten en afgebroken kunnen worden. Bovendien is de mogelijkheid op hergebruik op deze locatie zeer beperkt (enkel voor toiletten, 1 tot 4-5 exemplaren die beperkt gebruikt worden).
Het college sluit zich dan ook aan bij de beoordeling in het advies van de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar om voorlopig nog geen hemelwaterput te voorzien. Mochten er zich in de toekomst alsnog problemen stellen met de intentie om de activiteiten van de nv Janssen Pharmaceutica op lange termijn onder te brengen in een van de genoemde nieuwbouwprojecten, dan zal de nv Janssen Pharmaceutica NV zich moeten conform stellen met de hemelwaterverordening.
Bijgevolg is het college bereid om zijn beslissing aan te passen overeenkomstig het advies van de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar, met name dat er momenteel niet voorzien moet worden in de opvang van hemelwater maar dat vervolgaanvragen wel dienen te voldoen aan de hemelwaterverordening.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.