Indien de subsidieaanvraag wordt goedgekeurd, zullen de ontvangsten en uitgaven die met dit project gepaard gaan, met behulp van een subsidiefiche in het meerjarenbudget worden ingeschreven. De uitgaven en ontvangsten worden pas verwacht vanaf 2016. Wanneer voldoende informatie is gekend, zal dit mee opgenomen worden bij budgetwijziging 2016.
Tot en met 28 september 2015 loopt de Europese ISF Police 2015-oproep (Internal Security Fund Police - Intern Veiligheidsfonds Politie) inzake de strijd tegen mensenhandel en -smokkel. Eén van de prioriteiten van deze oproep is de versterking van operationale samenwerking inzake financiële onderzoeken naar malafide personen en/of praktijken gelinkt aan mensenhandel en -smokkel.
De stad Genk wil een consortium van Vlaamse en Nederlandse steden en gemeenten vormen dat focust op financiële screening door lokale besturen van verdachte personen en/of praktijken. Titel van het projectvoorstel is: 'Towards operational cooperation on local administrative financial investigations in the fight against human trafficking' (vrij te vertalen als 'Naar operationele samenwerking inzake lokale administratieve financiële onderzoeken in de strijd tegen mensenhandel en -smokkel'). Aan Vlaamse zijde wordt de stad Antwerpen gevraagd om deel te nemen. Aan Nederlandse zijde worden steden Tilburg en Rotterdam uitgenodigd, alsook de Regionale Informatie- en Expertisecentra (RIEC) van Limburg en Brabant. Deze laatste zijn lokaal-regionale samenwerkingsverbanden rond de aanpak van georganiseerde misdaad. Daarnaast zal ook KULeuven (Onderzoekseenheid Strafrecht en Criminologie) het consortium vervoegen, om een analyse uit te voeren van de juridische mogelijkheden en beperkingen inzake financieel onderzoek.
Het projectvoorstel is erop gericht volgende vragen te beantwoorden:
Omdat de doelstelling van het projectvoorstel erin bestaat de operationele samenwerking (tussen overheidsdiensten en netwerken) te versterken, worden volgende organisaties gevraagd om het voorstel mee te ondersteunen: Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten, provincie Antwerpen, provincie Limburg, lokale politie Antwerpen, lokale politiezone MidLim, federale politie (cel mensenhandel), procureurs-generaal Antwerpen-Limburg (via Parket-generaal), federale overheidsdienst Financiën, federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken, en het Nederlands Ministerie van Veiligheid en Justitie. Door middel van workshops en seminaries zullen deze ondersteunende partners bij de projectactiviteiten betrokken worden.
Lokale en vooral stedelijke overheden worden op hun grondgebied geconfronteerd met aanwijzigngen van mensenhandel en -smokkel, zowel wat betreft seksuele uitbuiting (in horecasectoren, massagesalons, seksinrichtingen, panden voor (raam-prostitutie), economische uitbuiting (in carwash, nachtwinkels, wedkantoren, panden voor huisvesting van vreemde werkkrachten) als bedelarij (op de openbare weg). Deze aanwijzingen komen van buurtwerkers, politie, burgers en stadsdiensten, en vloeien voort uit meldingen van verstoring van openbare orde met inbegrip van overlast ten gevolge van overbewoning, matrassenverhuur, vaststellingen van tewerkstelling van illegale werknemers, al dan niet verdoken vormen van prostitutie, ...
Sommige van deze exploitaties worden door de lokale overheden onderworpen aan een verplichte exploitatievergunning, waaraan onderzoeken zoals brandveiligheid van het pand, moraliteit van de exploitant en financieel onderzoek voorafgaan. Het financieel onderzoek blijft echter veelal beperkt tot het nazicht van alle verschuldigde niet-betwiste vorderingen bij de lokale overheden zelf, wat niet steeds leidt tot detectie van criminele activiteiten en mogelijke weigering van de exploitatievergunning. Overlastpanden worden onderworpen aan een kadastraal onderzoek en onderzoek naar de woonkwaliteit. Ook hier blijft het financieel onderzoek beperkt tot nazicht van ander vastgoed van de eigenaar volgens de lokaal beschikbare kadastergegevens. Mensenhandelaars kunnen op die manier gebruik maken van legale economie voor de verderzetting van hun illegale activiteiten.
Zowel in de fase van het verlenen van de vergunning, als tijdens de uitoefening van voormelde activiteiten kan een diepgaande administratieve screening over financiële gegevens, met inbegrip van onderzoek naar juridische vennootschapsconstructies, onderzoek naar vermogens, geldstromen op bankrekeningen, de aanwijzingen van mensenhandel blootleggen. Immers, overlastmeldingen, huisjesmelkerij en dergelijke praktijken zijn niet altijd gerelateerd met mensenhandel, maar kunnen dit na diepgaander onderzoek wel zijn.
Het voorstel van project wil de voormelde sectoren administratief kunnen screenen op financiële criteria die indicatief zijn voor mensenhandel, zodat mensenhandelaars niet de kans krijgen hun illegale praktijken te ontwikkelen of zodat mensenhandel minstens in een vroeg stadium kan gedetecteerd en/of gestopt worden. In België kan de burgemeester immers bij ernstige aanwijzingen van mensenhandel in een inrichting, na voorafgaand overleg met de gerechtelijke instanties en na betrokkenen te hebben gehoord, deze inrichting sluiten.
Projecten mogen maximaal 2 jaar lopen, en worden gesubsidieerd aan 90%. De begunstigden worden aldus gevraagd om 10% van de projectkost te cofinancieren. De inhoudelijke werklast voor de stedelijke partners wordt geraamd op een halftijdse projectleider gedurende de ganse looptijd van 2 jaar. Voor stad Antwerpen wordt dit gebudgetteerd op 72.000,00 EUR. De directe kosten bestaan uit de deelname en organisatie van workshops en seminaries (waarbij de organisatielast gespreid wordt over de verschillende partners), en de kosten voor drukwerk, vertaalwerk (met het oog op disseminatie op Europees niveau) en een projectwebsite. De stedelijke cofinanciering van 10% wordt geleverd door de inzet van bestaand personeel.
Indien het projectvoorstel wordt goedgekeurd, zal de afdeling bestuurlijke handhaving (bedrijfseenheid samen leven) instaan voor de opvolging. Deelname aan het voorstel sluit aan bij de stedelijke doelstelling om de openbare orde te waarborgen en overlast te voorkomen, verminderen of bestrijden.
De stedelijke Eurodesk (dienst strategisch coördinator) zorgt voor de nodige ondersteuning bij de indiening van het dossier. Eén van de voorwaarden om te kunnen indienen, is de ondertekening van een 'partnership declaration form', waarvan de originele versie en een vrije vertaling als bijlage gaan bij dit collegebesluit. De indiening zelf gebeurt elektronisch via het PRIAMOS-portaal van de Europese Commissie.
Het college keurt de deelname aan het ISF-projectvoorstel CONFINE goed.