Met de collegebeslissing van 6 maart 2015 (jaarnummer 1791) werden de bevoegdheden van de districtscollege gecoördineerd.
Artikel 10 bepaalt dat het districtscollege bevoegd is voor lokale straten en pleinen.
Artikel 11 bepaalt dat het districtscollege bevoegd is voor de lokale parken en groenaanplanting.
In het gemeenteraadsbesluit van 30 maart 2015 (jaarnummer 147) werden de bovenlokale locaties vastgesteld. Hagelkruispark is een lokaal park.
Het college is bevoegd voor de bovenlokale budgetten
| Fase | Actie | Datum | Jaarnummer |
| goedkeuring definitief ontwerp |
goedkeuring districtscollege Ekeren goedkeuring college |
16 december 2014 16 januari 2015 |
528 333 |
Op 16 december 2014 (jaarnummer 528) keurde het districtscollege van Ekeren het definitief ontwerp goed voor de heraanleg van de Kloosterstraat. Vervolgens keurde ook het college het ontwerp goed op 16 januari 2015 (jaarnummer 333).
Om tijdens de duur van de werken aan de Kloosterstraat voldoende parkeercapaciteit te voorzien, wenst het districtsbestuur een tijdelijke minder hinder parking aan te leggen in het Hagelkruispark. Een dergelijke functie wijkt echter af van de bestemming die in het ‘BPA Hagelkruis en omgeving’ voor deze zone is vastgelegd. Rekening houdend met deze stedenbouwkundige voorschriften is een parking op deze locatie niet vergunbaar. Om te weten of alsnog kan worden afgeweken van het BPA, dient eerst een projectvergadering plaats te vinden die hierover oordeelt.
De bedrijfseenheid stadsontwikkeling maakt daarom de aanvraag voor een projectvergadering op en legt deze aan het college ter goedkeuring voor.
Indien een gunstige beoordeling voor deze afwijking wordt bekomen, kan aansluitend een vergunningsvraag voor de tijdelijke minder hinder parking worden ingediend.
Ontwerp
Het ontwerp van de tijdelijke minder hinder parking voorziet maximaal 20 parkeerplaatsen in het zuidelijk deel van het Hagelkruispark, grenzend aan het Groot Hagelkruis, tussen huisnummers 75 en 41. Deze parkeercapaciteit zal voorzien worden om het tijdelijk wegvallen van parkeerplaatsen in de Kloosterstraat tijdens de geplande heraanleg te compenseren. De parking zal worden aangelegd in kunststofplaten die specifiek voorzien zijn op belasting van voertuigen. Een dergelijk systeem wordt bovenop het bestaande grasveld geplaatst en laat een snelle opbouw en afbraak toe. De toegang tot de parking zal georganiseerd worden via het Groot Hagelkruis. Door het verlagen van de boordsteen tussen rijweg en voetpad en het maken van een opening in de bestaande haag, zullen automobilisten de parking kunnen op- en afrijden. De parkeerplaatsen zullen op een zo compact mogelijke manier worden georganiseerd. De bestaande bomen worden behouden waar mogelijk. De bomen die niet behouden kunnen blijven, worden verplant. Ten opzichte van de aanpalende woningen wordt een maximale afstand bewaard. Een afbakening moet bovendien verhinderen dat voertuigen verder in het park rijden.
Procedure projectvergadering
De aanleg van de minder hinder parking is op de geplande locatie op zich niet vergunbaar omdat de functie afwijkt van de bestemming die in het ‘BPA Hagelkruis en omgeving’ werd verankerd. De werken kunnen conform de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening (artikel 4.4.7,§2) wel vergund worden indien deze beschouwd worden als ‘handeling van algemeen belang met een ruimtelijk beperkte impact’. Artikel 3 (paragrafen §1 en §2) van het besluit van de Vlaamse Regering tot aanwijzing van de handelingen in de zin van artikel 4.1.1, 5°, artikel 4.4.7, §2, en artikel 4.7.1, §2, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en tot regeling van het vooroverleg met de Vlaams Bouwmeester, specifieert de handelingen die hieronder vallen. Voorliggende geplande werken komen in deze oplijsting echter niet voor. Paragraaf §3 van hetzelfde artikel schrijft echter wel voor dat het vergunningverlenende bestuursorgaan, op gemotiveerd verzoek van de aanvrager, kan vaststellen dat een handeling van algemeen belang die niet in paragraaf §1 of §2 is vermeld, een ruimtelijk beperkte impact als vermeld in artikel 4.4.7, § 2, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening heeft. Deze handelingen mogen niet worden uitgevoerd in een ruimtelijk kwetsbaar gebied tenzij deze handelingen gelet op hun aard, ligging en oppervlakte geen significante impact hebben op het ruimtelijk kwetsbaar gebied. Dat bestuursorgaan beoordeelt concreet of de handelingen de grenzen van het ruimtelijk functioneren van het gebied en de omliggende gebieden niet overschrijden, aan de hand van de aard en omvang van het project en het ruimtelijk bereik van de effecten van de handelingen. Het vergunningverlenende bestuursorgaan oordeelt en beslist daarover nadat een projectvergadering werd gehouden en voor de vergunningsaanvraag werd ingediend. Het document waaruit die beslissing blijkt, wordt bij de vergunningsaanvraag gevoegd.
De projectvergadering zelf bestaat uit de vergunningverlenende overheid en de adviesverlenende instanties. De projectvergadering beoogt de procedurele afstemming tussen de betrokken organen en instanties en de bespreking van de eventueel nodig of nuttig geachte projectbijsturingen. Gezien deze werken vallen onder de ‘bijzondere procedure voor handelingen van algemeen belang of voor aanvragen ingediend door publiekrechtelijke rechtspersonen’ waarover de latere definitieve aanvraag beslist zal worden door de Vlaamse Regering, de gedelegeerde stedenbouwkundige ambtenaar of de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar, dient het verzoek tot organisatie van een projectvergadering bij dezelfde instantie te worden ingediend. Deze aanvraag kan ook elektronisch (per mail) worden ingediend. De aanvraag dient vergezeld te zijn van een realistische projectstudie.
Het college keurt de aanvraag tot projectvergadering goed voor de aanleg van een tijdelijke minder hinder parking in het Hagelkruispark en beslist deze in te dienen bij de vergunningsverlenende overheid (Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed).