Op datum van 15 juni 2015 vraagt de heer Engels Marc, Moretusstraat 33, 2660 Hoboken, om het eigendom, gelegen Van Aerdtstraat 20, district Antwerpen, op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning. Hij voegt hiertoe volgende bewijsstukken toe:
1. Bestaande juridische toestand
Het pand, Van Aerdtstraat 20, Antwerpen, is thans kadastraal gelegen 7e afdeling, sectie G, nummer 1300/A/7 en heeft als aard ‘Huis’, wat betekent dat het gebouw als eengezinswoning is opgericht. Volgens de kadastrale gegevens zou het perceel één woongelegenheid bevatten en bebouwd zijn in de periode 1875-1899.
In het archief van de stad Antwerpen zijn volgende bouwdossiers terug te vinden voor het huidige gebouw:
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het ruimtelijk uitvoeringsplan “2060”.
Het goed is volgens het laatstgenoemde plan gelegen in artikel 1 zone voor wonen – (Wo).
2. Bestaande feitelijke toestand
Het gebouw telt drie bouwlagen en een mansardedak. In het gebouw zijn drie woongelegenheden ingericht.
3. Overtredingen
Er zijn geen overtredingen vastgesteld.
Regelgeving bevoegdheid:
Het college is bevoegd in het kader van de opmaak van het vergunningenregister en de actieve onderzoeksplicht (artikel 5.1.3 §§1 en 2, en artikel 7.6.2. §1, 5de en 6de lid van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening).
Het voorwerp
Uit het bewijsmateriaal blijkt dat het gebouw werd opgetrokken voor 1962. De woonbestemming dateert ook van voor 1962. Het huidige aantal van drie woongelegenheden kan vergund geacht worden.
De bewijsvoering
De oprichtingsperiode volgens het kadaster en bouwdossiers uit het stadsarchief tonen aan dat het gebouw voor 1962 werd opgericht.
De dossiers tonen ook aan dat het gebouw toen al een woonbestemming had.
Het aantal gezinnen of alleenstaanden bedroeg tussen 1947 en 1966 drie met in 1967 een daling tot nul. In de periode 1968-2015 was er een schommeling tussen één en vier. In het bewijs van bewoning staat er dat het pand tussen 9 december 2001 en 27 april 2004 onbewoond was.
Conclusie
De gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar stelt voor om, gelet op de aangehaalde argumenten, het gebouw op te nemen in het vergunningenregister als geacht vergund, samen met het aantal huidige woongelegenheden.
Iedere constructie waarvan bewezen is dat ze gebouwd werd voor 22 april 1962 ofwel tussen deze en voor de eerste invoering van het gewestplan (3 oktober 1979, van kracht 9 november 1979), dient te worden opgenomen in het vergunningenregister met een vermoeden van vergunning in toepassing van artikel 5.1.3. §1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.
Het college beslist om de opname van het pand Van Aerdtstraat 20, district Antwerpen, gebouwd voor 1962, in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning, goed te keuren.
Het college beslist dat het vergund geachte gebouw uit drie woonentiteiten bestaat.
Het college geeft opdracht aan:
| Dienst | Taak |
| SW/V/SV |
Een duplicaat van de beslissing te bezorgen aan het kadaster voor aanpassing van de kadastrale gegevens. |