In 2010 werden beleidsprioriteiten voor toezicht en handhaving van pandkwaliteit goedgekeurd. Gezien het aantreden van een nieuwe bestuursploeg in 2013 wijzigde het inzicht in de in 2010 gestelde beleidsprioriteiten.
Het huidige bestuur streeft naar een meer klantgerichte benadering, waarbij ze alle klachten en meldingen van burgers wil controleren en complementair aan het vervolgingsbeleid van het parket, meer overtredingen wil behandelen.
De nota toezicht en handhaving ruimtelijke ordening beschrijft het huidige en toekomstige landschap waarin pandkwaliteit wordt aangepakt vanuit het oogpunt van toezicht en handhaving. Een aantal vaststellingen noopten immers tot een aanpassing waarin de beleidsprioriteiten voor toezicht en handhaving worden aangepast aan de visie van het nieuwe bestuur.
Concreet zal voor elke vastgestelde inbreuk een handhavingsprocedure worden opgestart, ofwel administratief, ofwel gerechtelijk. Wanneer er niet gerechtelijk gehandhaafd wordt, zal dit duidelijk gecommuniceerd worden aan de klager en hem worden uitgelegd welke initiatieven hij zelf kan nemen.
Voorafgaandelijk aan de goedkeuring door het college werd het ontwerp van deze nota toezicht en handhaving ruimtelijke ordening gevalideerd door het directiecomité van het Parket van Antwerpen op 9 maart 2015.
Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, meer bepaald artikel 6.1.5.:
“Onverminderd de bevoegdheden van de agenten en de officieren van gerechtelijke politie, zijn de stedenbouwkundige inspecteurs, de andere door de Vlaamse Regering aangewezen ambtenaren, alsmede de door de gouverneur aangewezen ambtenaren van de provincie en van de gemeente of intergemeentelijke samenwerkingsverbanden in zijn provincie, bevoegd om de in deze titel omschreven misdrijven op te sporen en vast te stellen door een proces-verbaal. De processen-verbaal waarin de in deze titel omschreven misdrijven worden vastgesteld gelden tot bewijs van het tegendeel. Van elk proces-verbaal waarin een misdrijf in de zin van artikel 6.1.1 wordt vastgesteld, wordt een afschrift bezorgd aan de overheden, bedoeld in artikel 6.1.41, § 1, eerste lid.
De in het eerste lid vermelde agenten, officieren van de gerechtelijke politie en ambtenaren hebben toegang tot de bouwplaats en de gebouwen om alle nodige opsporingen en vaststellingen te verrichten.
Als deze verrichtingen de kenmerken van een huiszoeking dragen, mogen ze enkel worden uitgevoerd op voorwaarde dat de politierechter daartoe een machtiging heeft verstrekt.
Om de in deze titel omschreven misdrijven op te sporen en vast te stellen in een proces-verbaal krijgen de stedenbouwkundige inspecteurs de hoedanigheid van officier van gerechtelijke politie hulpofficier van de procureur des Konings.”
Handhavingsplan Ruimtelijke Ordening 2010 van de Vlaamse Overheid.
Het college keurt de nota toezicht en handhaving ruimtelijke ordening goed.