Terug

2015_GR_00338 - District Berendrecht-Zandvliet-Lillo. Buurtweg 20 - Volledige afschaffing. Sluiting openbaar onderzoek - Goedkeuring

gemeenteraad
ma 29/06/2015 - 19:30 Raadzaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Kathleen Van Brempt, raadslid; Freya Piryns, raadslid; Gerolf Annemans, raadslid; André Gantman, raadslid; Güler Turan, raadslid; Robert Voorhamme, raadslid; Karim Bachar, raadslid; Monica De Coninck, raadslid; Fauzaya Talhaoui, raadslid; Fatma Akbas, raadslid; Greet van Gool, raadslid; Bruno Valkeniers, raadslid; Toon Wassenberg, raadslid; Wim Van Osselaer, raadslid; Patrick Janssen, raadslid; Peter Mertens, raadslid; Annemie Turtelboom, raadslid; Liesbeth Homans, raadslid; Mohamed Chebaa Amimou, raadslid; Wouter Vanbesien, raadslid; Mie Branders, raadslid; Galina Matushina, raadslid; Caroline Bastiaens, raadslid; Carine Leys, raadslid; Lisa Geets, raadslid; Leyla Aydemir, raadslid; Johan Klaps, raadslid; Vic Van Aelst, raadslid; Danielle Meirsman, raadslid; Dirk Rochtus, raadslid; Anne Giveron, raadslid; Martine Vrints, raadslid; Koen Laenens, raadslid; Martijn Van Esbroeck, raadslid; Franky Loveniers, raadslid; Danny Feyen, raadslid; Jean Goedtkindt, raadslid; Joris Giebens, raadslid; Kevin Vereecken, raadslid; Fatima Talhaoui, raadslid; Ikrame Kastit, raadslid; Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Afwezig

Leen Verbist, raadslid; Maya Detiège, raadslid; Serge Muyters, korpschef

Verontschuldigd

Koen Kennis, schepen; Filip Dewinter, raadslid; Anke Van dermeersch, raadslid; Yasmine Kherbache, raadslid; Dirk Van Duppen, raadslid; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter
2015_GR_00338 - District Berendrecht-Zandvliet-Lillo. Buurtweg 20 - Volledige afschaffing. Sluiting openbaar onderzoek - Goedkeuring 2015_GR_00338 - District Berendrecht-Zandvliet-Lillo. Buurtweg 20 - Volledige afschaffing. Sluiting openbaar onderzoek - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

De wetgeving over de buurtwegen spreekt alleen over de gemeenteraad als bevoegd lokaal bestuur. De gemeenteraad doet het voorstel tot de afschaffing van de buurtwegen en voetwegen.

Aanleiding en context

Ter compensatie van de negatieve effecten van de haveninbreiding  op het vogelrichtlijngebied “De Kuifeend” wordt Opstalvalleigebied fase 2  ingericht als een natuurgebied.

Het project is gelegen binnen de begrenzing van een gewestelijk uitvoeringsplan “afbakening zeehavengebied Antwerpen”, vastgesteld bij besluit van de Vlaamse regering van 30 april 2013.

Het project omvat in hoofdzaak de aanleg van plassen, de creatie van rietland en natte weilanden (door verlaging van het maailand) en de aanleg van bufferdijken. De werken omvatten dus voornamelijk grondverzet.

In de zone van het in te richten Opstalvalleigebied fase 2 liggen een aantal wegen. Sommige wegen kunnen behouden blijven, andere kunnen door de geplande grondverzetwerken niet behouden blijven.

Op de plaats van het Waterstraatje (buurtweg 20), gelegen op het grondgebied van het district Berendrecht-Zandvliet-Lillo, wordt het maaiveld met ongeveer 35 cm verlaagd en er komt een deel van een bufferdijk op te liggen.

Argumentatie

Het Waterstraatje bestaat uit twee delen, namelijk een deel dat gelegen is op het grondgebied van de Stad Antwerpen (Berendrecht) en een deel dat gelegen is op het grondgebied van Stabroek.

Het deel gelegen in Berendrecht deed bijna uitsluitend dienst als toegangsweg voor de manège het Hoefijzer. De manège werd in 2014 afgebroken ter uitvoering van de stedenbouwkundige vergunning met referentie GSA: 8.00/11002/356186.4 van 24 juli 2014. Vandaag de dag bestaat het deel van de weg vanaf de Monnikenhofstraat tot aan de vroegere manege nog uit steenslagverharding. Het deel gelegen in Stabroek is niets dan een vaag karrenspoor.

Met het verdwijnen van de manège heeft het Waterstraatje thans nog weinig nut. Het straatje maakt deel uit van het trage wegennetwerk voor de lokale gebruiker. Ook met de afschaffing van de buurtweg blijft dit trage wegennetwerk evenwel verzekerd door de alternatieven in de omgeving.

Met de inrichting als natuurcompensatiegebied is er bovendien geen nood meer aan een weg voor lokaal landbouwverkeer. De Opstalvallei blijft toegankelijk  via de weg Monnikenhofstraat,  Oud Broek en Oudebroeksestraat. Bij de inrichting van het gebied is voorzien dat de Oudebroekstraat volledig voorbehouden zal worden voor fietsers en voetgangers, hiervoor werd een aanpassing van het politiereglement gevraagd en zullen de nodige aanpassingswerken worden uitgevoerd.

De afschaffing van de buurtweg met het oog op de inrichting van de Opstalvallei als natuurcompensatiegebied, terwijl het trage wegennetwerk in de omgeving bewaard blijft, is dan ook nuttig en dient het algemeen belang.

Het behoud van buurtweg 20 zou een ongunstig effect hebben op de hoeveelheid rietoppervlakte en dus het behalen van de natuurdoelstellingen van het project.

Het openbaar onderzoek over de volledige afschaffing van buurtweg 20 heeft voldoende lang gelopen en kan afgesloten worden. Pas na het afsluiten van het openbaar onderzoek door de gemeenteraad kan het dossier overgemaakt worden aan de bestendige deputatie van de provincie Antwerpen.

Naar aanleiding van het openbaar onderzoek werden twee bezwaarschriften ingediend.

Bezwaar van 3 mei 2015 ingediend door 95 ondertekenden

Het openbaar onderzoek liep van 1 april tot en met 30 april en werd op regelmatige wijze bekendgemaakt. Het bezwaarschrift dateert van 3 mei en werd ontvangen op 4 mei, wat laattijdig is gezien de wettelijke termijn. Het bezwaar wordt afgewezen als niet ontvankelijk.

Bezwaar van 29 april 2015 ingediend door Polders Investeringsfonds (PIF) – BVBA Landbouworganisatie Noord – VZW De Schuur – Benjamin Simons – Agro Dessim

In dit bezwaarschrift worden een aantal bezwaren aangegeven tegen het afschaffen van de buurtweg.

1. De vermeende onwettigheid van het GRUP (gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan) en de onteigening

In § 3.1.1. van het bezwaarschrift wordt gesteld dat het afschaffen van de buurtweg zou neerkomen op rechtsmisbruik. Bij de toelichting van dit specifieke bezwaar, blijkt dat de bezwaarindieners het niet zozeer hebben over de afschaffing van de buurtweg, maar wel over de voorziene onteigening van hun percelen. Nergens wordt aangegeven waarom de afschaffing van de buurtweg rechtsmisbruik zou zijn. De argumentatie over de onteigening kan in ieder geval niet toegepast worden op de afschaffing van de buurtweg, aangezien dit een totaal andere procedure betreft, die los staat van de onteigening.

In § 3.1.2. van het bezwaarschrift wordt gesteld dat de afschaffing van de buurtweg onwettig is, omdat de juridische grondslag waarop dit wordt gesteund, namelijk het GRUP Zeehavengebied Antwerpen, op zijn beurt onwettig zou zijn.

Het GRUP Afbakening zeehavengebied Antwerpen werd definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 30 april 2013.  Met de beslissing van de Vlaamse regering van 30 april 2013 werd ook een onteigeningsmachtiging verleend voor het Opstalvalleigebied. Tegen deze beslissing werden twee schorsingsberoepen ingesteld voor de Raad van State, evenals verschillende vernietigingsberoepen. De Raad van State heeft geenszins besloten tot schorsing van het GRUP voor wat betreft de Rechterscheldeoever, en dus ook de zone Opstalvalleigebied.  (De Raad van State besloot bij arrest van 3 december 2013 (nr. 225.676) tot de schorsing van de beslissing dd. 30 april 2013, maar beperkte dit tot de gebieden gelegen te Beveren en Sint-Gillis-Waas op de Linkerscheldeoever en dit met uitsluiting van de aldaar gelegen groengebieden. Op 24 oktober 2014 besliste de Vlaamse Regering  tot intrekking van de geschorste delen van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening Zeehavengebied Antwerpen zoals definitief vastgesteld op 30 april 2013 en geschorst op 3 december 2013 en besliste zij tot definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening zeehavengebied Antwerpen, havenontwikkeling Linkeroever.   Hiertegen zijn schorsings- en vernietigingsprocedures hangende, maar dit betreft enkel Linkerscheldeoever .)

Momenteel is het GRUP, ongeacht de hangende vernietigingsprocedures, zeker voor wat betreft het Opstalvalleigebied, zonder meer een dwingende beslissing.

Het is een administratieve overheid niet toegestaan om bij het nemen van individuele beslissingen geen rekening te houden met een door een andere overheid voorheen uitgevaardigd reglement omdat zij dit onwettig acht, tenzij wanneer dit reglement zo grof onregelmatig is dat het voor onbestaande moet gezien worden.  Voor zover het stadsbestuur dit in haar advies aan de deputatie over de afschaffing van de buurtweg kan beoordelen, lijken de opgeworpen middelen aangaande de wettigheid van het GRUP ongegrond. Minstens zijn zij niet zo leiden zij niet tot de vaststelling dat ze het GRUP zo grof onwettig  is, dat het GRUP aanzien moet worden als een onbestaande rechtshandeling. Om deze reden kan gesteld worden dat de gemeenteraad de onwettigheid van het GRUP niet als grondslag kan gebruiken voor een advies betreffende de afschaffing van een buurtweg.

In §§ 3.1.3 en 3.1.4 van het bezwaarschrift wordt tenslotte gesteld dat de afschaffing van de buurtweg niet zou kaderen in het algemeen belang. Dit zou volgens de bezwaarindieners kunnen worden afgeleid uit twee vonnissen van 3 februari 2015. Aangezien vonnissen bewijswaarde hebben ten opzichte van derden, zou ook de gemeenteraad daar rekening mee moeten houden bij de advisering over de afschaffing van de buurtweg, en adviseren om de buurtweg niet af te schaffen omdat dit niet in het algemeen belang is.

Bij nazicht van de vonnissen van 3 februari 2015, blijkt dat de vrederechter de onteigening niet heeft afgewezen op grond van de onwettigheid ervan maar wel omdat er niet werd aangetoond waarom de onteigening zodanig hoogdringend is dat er gebruik gemaakt moet worden van de uitzonderingsprocedure, voorzien in de wet van 26 juli 1962. De Vrederechter heeft daarbij nergens gesteld dat de onteigening zelf niet in het algemeen belang zou zijn.

De bezwaren zijn ontvankelijk doch ongegrond.

2. Het ontbreken van initiatieven ter realisatie van het GRUP

Uit verschillende elementen kan afgeleid worden dat er wel degelijk stappen worden ondernomen om het GRUP te realiseren, zoals onder andere blijkt uit de huidige vraag tot afschaffing van de buurtweg en de aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning voor het natuurontwikkelingsproject Opstalvalllei. Het bezwaar is om deze reden alleen al ongegrond.

In de tweede plaats kan worden opgemerkt dat niet onmiddellijk wordt ingezien in welke mate dit bezwaar zich richt tegen de afschaffing van de buurtweg. Indien de toelichting bij dit bezwaar geanalyseerd wordt, blijkt dat dit wellicht argumentatie is die de bezwaarindieners gebruikt hebben in de onteigeningsprocedure bij de vrederechter.

In de derde plaats kan opgemerkt worden dat het dossier tot afschaffing van de buurtweg ook niet gekoppeld is aan de vergunningsaanvraag tot inrichting van het natuurgebied, doch op zichzelf staat en afzonderlijk beoordeeld moet worden. In tegenstelling tot wat de bezwaarindieners stellen, dient het stedenbouwkundig aanvraagdossier dan ook niet gevoegd te worden bij het dossier tot afschaffing van de buurtweg.

De bezwaren zijn ontvankelijk doch ongegrond.

3. Het onderzoek van alternatieven en de mogelijkheid tot zelfrealisatie

De afschaffing van de buurtweg is noodzakelijk voor de realisatie van de Opstalvallei als natuurcompensatiegebied. Het inrichtingsplan dat is opgesteld in uitvoering van het GRUP, voorziet dat de een aantal buurtwegen die in het gebied liggen, geheel of gedeeltelijk worden afgeschaft.  Om de Opstalvallei te realiseren is dit ook noodzakelijk.

Er werd eveneens een alternatievenonderzoek gedaan waarin onderzocht werd om de inrichtingswerken aan te passen zodat het Waterstraatje behouden zou kunnen blijven,  evenwel met ongunstig resultaat. De hoeveelheid rietoppervlakte die gecreëerd wordt door het verlagen van het maaiveld, zou hierdoor sterk afnemen. Dit heeft een ongunstig effect op de natuurdoelstellingen.

De bezwaren zijn ontvankelijk maar ongegrond.

4. Weigering van de afschaffing van de buurtweg door de gemeente Stabroek

De stad Antwerpen is op geen enkele manier gebonden door de beraadslaging van de gemeente Stabroek wat betreft  de afschaffing van de buurtwegen.

De bezwaren zijn ontvankelijk maar ongegrond.

Juridische grond

Het decreet houdende wijziging van diverse decreten met betrekking tot de ruimtelijke ordening en het grond- en pandenbeleid van 4 april 2014 is van toepassing.

Beleidsdoelstellingen

1 - Woonstad
1SWN05 - De aanleg en heraanleg van de publieke ruimte verzekeren een aangename stad
1SWN0503 - Projecten voor de (her)aanleg van het publiek domein in stad en districten zijn gerealiseerd van ontwerp tot en met uitvoering
1SWN050302 - De (her)aanleg van bovenlokale en lokale straten en pleinen versterkt buurten en wijken

Besluit

De gemeenteraad keurt eenparig het volgende besluit goed.

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de sluiting van het openbaar onderzoek goed.

Artikel 2

De gemeenteraad keurt goed dat bij de bestendige deputatie een verzoek wordt ingediend voor de volledige afschaffing van buurtweg 20 in het district Berendrecht-Zandvliet-Lillo.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.

Bijlagen

  • advies_afschaffing_buurtweg_20.pdf