Terug

2015_DCDE_00244 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Stopkesfabriek', district Deurne - Proces- en richtnota. Advies - Goedkeuring

districtscollege Deurne
ma 29/06/2015 - 09:00 Districtshuis Deurne
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Peter Wouters, voorzitter districtscollege; Freddy Lorent, districtsschepen; Elke Brydenbach, districtsschepen; Tjerk Sekeris, districtsschepen; Erwin Eestermans, districtssecretaris

Verontschuldigd

Ariane Van Dooren, districtsschepen; Mieke De Wispeleir, plaatsvervangend districtssecretaris

Secretaris

Erwin Eestermans, districtssecretaris

Voorzitter

Peter Wouters, voorzitter districtscollege
2015_DCDE_00244 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Stopkesfabriek', district Deurne - Proces- en richtnota. Advies - Goedkeuring 2015_DCDE_00244 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Stopkesfabriek', district Deurne - Proces- en richtnota. Advies - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Art. 285 van het Gemeentedecreet dat zegt dat de districtsraad een algemene adviesbevoegdheid heeft voor alle aangelegenheden die betrekking hebben op het district.

Aanleiding en context

Op 10 oktober 2014 (jaarnummer 10130) besliste het college om Grontmij Belgium NV te belasten met de opmaak en projectregie van het RUP Stopkesfabriek, in het kader van de 'Raamovereenkomst voor de opmaak van gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen'. 

Het ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) behandelt het bouwblok gelegen tussen de Bisschoppenhoflaan, Merksemsesteenweg, Van Cortbeemdelei en Torremansstraat in Deurne. Dit gebied maakt ruimtelijk deel uit van de buurt Kronenburg, maar ligt in tegenstelling tot de directe omgeving planologisch in de bestemming industriegebied.

In het kaderplan voor de omgeving van het Albertkanaal in Antwerpen – Schoten – Wijnegem is de visie vastgelegd met betrekking het bedrijventerrein en de directe omgeving ervan:

  • het gebied tussen de Tweemontstraat en het Albertkanaal wordt als gebied voor een kleinschalige bedrijvigheid en verweefbare stedelijke functies (zoals bijvoorbeeld kleine dienstverlenende ondernemingen of ateliers) gezien, waarbij een verbeterde ontsluiting door aanleg van nieuwe kadeweg wordt voorzien;
  • het plangebied zelf maakt volgens de visie geen deel uit van het bedrijventerrein en wordt aanzien als onderdeel van de woonbuurt Kronenburg (af te werken randen van woongebied). 

Het planproces onderzoekt de mogelijkheden om een nieuwe bestemming te voorzien die een meer gemengde stedelijke invulling toelaat die beter aansluit op de woonomgeving.

Op 5 juni 2015 (jaarnummer 4777) keurde het college de proces- en richtnota voor het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Stopkesfabriek goed.

Argumentatie

De proces- en richtnota is de eerste stap in de opmaak van dit RUP. In de proces- en richtnota wordt het gemeentelijk RUP gekaderd binnen de bestaande en juridische context. Deze nota bepaalt tevens de contour van het RUP en doet een voorstel voor de krachtlijnen van het RUP.

Doelstellingen: 

Het RUP vormt een kader voor een kwalitatieve, duurzame en gemengde ontwikkeling van het plangebied. Hierbij is het de ambitie om niet enkel (ruimtelijke) meerwaarden te creëren voor het bouwblok zelf, maar ook voor de ruimere omgeving. Omwille van de schaal en strategische ligging werkt dit door op verschillende schaalniveaus:

  1. op niveau van het oostelijk deel van de XXe eeuwse gordel. Het project dient bij te dragen aan de beeldkwaliteit en het ruimtelijk functioneren van de Bisschoppenhoflaan als structuurbepalende stedelijke as;
  2. op niveau van de wijk. Het plangebied kan de relatie tussen de verschillende buurten van Deurne-Noord (Kronenburg, Conforta, Bisschoppenhof,…) versterken. Buurtoverschrijdende (al dan niet publieke) voorzieningen en projecten op het snijvlak van sociaal-/ruimtelijk-/economiebeleid kunnen hierbij een bijzondere meerwaarde betekenen;
  3. op niveau van de buurt. Het plan verhoogt de woon- en leefkwaliteit van de omgeving (bijvoorbeeld door in te spelen op de acute nood aan publieke ruimte en groen, door het versterken van afschermend effect op vlak van geluid en lucht,…).

Het RUP focust op de gewenste ontwikkeling op lange termijn, maar besteedt ook aandacht aan ontwikkelingsperspectieven op korte termijn (door middel van overgangsbepalingen). Uitgangspunt hierbij is dat de bestaande activiteiten  in de sociale economie (voornamelijk verpakking, mailing, administratie) (en nieuwe vergelijkbare activiteiten) zowel op korte als lange termijn moeten kunnen worden verdergezet. 

Voorstel aanpak en krachtlijnen: 

Er zijn twee mogelijke scenario’s voor de aanpak van het RUP:

Scenario 1:

  • deel van het plangebied bestemmen als ‘zone voor maatschappelijke functies’ (onderwijs al dan niet gelinkt aan tewerkstelling, gezondheidszorg, openbare dienstverlening, verenigingsleven, sport, cultuur, publiek domein en groen);
  • deel van het plangebied bestemmen als ‘zone voor centrumfuncties’ (wonen, detailhandel, maatschappelijke functies (zie hoger), bedrijvigheid voor zover verweefbaar in woonomgeving, kantoren, recreatie, horeca, publiek domein en groen).

Scenario 2: volledig herbestemmen naar ‘zone voor centrumfuncties’ (zie hoger).

In de volgende fase zal de keuze worden gemaakt voor een bepaald scenario en zullen de krachtlijnen vertaald worden in een bestemmingsplan  met voorschriften, het voorontwerp-RUP. We streven naar een RUP dat voldoende flexibiliteit geeft om te kunnen inspelen op toekomstige ontwikkelingen, maar daarnaast moet het RUP ook voldoende kwaliteitsgaranties bevatten en rechtszekerheid bieden voor zowel de eigenaars als de omwonenden.

Juridische grond

Art. 2.2.13 en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) die de procedure vastleggen voor de opmaak van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP).

Besluit

Het districtscollege deurne legt het volgende voor aan de districtsraad deurne:

Artikel 1

De districtsraad adviseert de proces- en richtnota voor het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) 'Stopkesfabriek', district Deurne, gunstig.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • 20150527_Proces_Richtnota_LR.pdf