Terug

2015_DRBZL_00051 - District Berendrecht - Zandvliet - Lillo - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning Opstalvallei fase 2. Advies - Goedkeuring

districtsraad Berendrecht Zandvliet Lillo
ma 29/06/2015 - 20:00 districtshuis Berendrecht-Zandvliet-Lillo
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Marc Maes, voorzitter districtsraad; Karel Hendrickx, districtsraadslid; Rudi Sempels, districtsschepen; Willem Van Alsenoy, districtsraadslid; Marcel Bartholomeeussen, districtsschepen; Zander Vliegen, districtsraadslid; Angie Bosmans, districtsraadslid; Nathalie Aertssen, districtsschepen; An Van Uffelen, districtsraadslid; Jenny Vekemans, districtsraadslid; Roger Dons, districtsraadslid ; Frank Frederickx, districtsraadslid; Carl Geeraerts, voorzitter districtscollege; Gert Van Herck, districtsraadslid; Jan Smets, districtssecretaris

Verontschuldigd

Raf Crynen, districtsraadslid; Liesbeth Sleymer, plaatsvervangend districtssecretaris

Secretaris

Jan Smets, districtssecretaris

Voorzitter

Marc Maes, voorzitter districtsraad
2015_DRBZL_00051 - District Berendrecht - Zandvliet - Lillo - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning Opstalvallei fase 2. Advies - Goedkeuring 2015_DRBZL_00051 - District Berendrecht - Zandvliet - Lillo - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning Opstalvallei fase 2. Advies - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

De gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar van het departement Ruimtelijke ordening, Woonbeleid en Onroerend erfgoed (RWO), afdeling ruimtelijke ordening Antwerpen, stuurde een aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning, ingediend door het Gemeentelijke havenbedrijf Antwerpen, met als onderwerp "het aanleggen van een natuurcompensatiegebied Opstalvallei fase 2 in Berendrecht" voor advies aan de stad Antwerpen.

De gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar stuurde deze aanvraag op zijn beurt voor advies aan de districtsraad van Berendrecht – Zandvliet – Lillo.

Tegelijkertijd liep het openbaar onderzoek van vrijdag 29 mei 2015 tot zondag 28 juni 2015.

De districtsraad beschikt na het aflopen van het openbaar onderzoek nog over maximum 5 werkdagen om een advies uit te brengen.

Argumentatie

Het bestuursakkoord 2013 - 2019 van het district Berendrecht - Zandvliet - Lillo voorziet onder de hoofding 'Opstalvallei - afbakening havengebied' het volgende:

‘Het natuurcompensatiegebied Opstalvallei moet gevrijwaard blijven.  Dit is de beste garantie op behoud van open ruimte.  Zachte recreatie moet in deze gebieden mogelijk zijn en blijven.  Er dient onderzocht of er ook ruimte (en economisch leefbare interesse) is voor tulpenkweek.’

Bovenstaande resolutie uit het bestuursakkoord wordt onverminderd onderschreven, maar de districtsraad behoudt zich het recht voor een aantal opmerkingen en aanvullingen te formuleren die het project ‘Opstalvallei fase 2’ meer in evenwicht brengen en het maatschappelijk draagvlak hiervoor vergroten. 

Los van de eigenlijke invulling van het gebied, moet elke ingreep ten zuiden van Berendrecht, en dus ook het voorliggende project voor het Opstalgebied, aan de volgende premissen voldoen: 

Het biedt onvoorwaardelijke rechtszekerheid wat betreft de afbakening tegen verdere havenuitbreidingen op het grondgebied van Berendrecht en Zandvliet; 

Het vrijwaart de schaarse open ruimte. Dit belet o.m. de inplanting van windturbines en in casu worden eveneens een woonuitbreidingsgebied en een zone voor slibstort definitief omgezet in natuurgebied; 

Bufferdijken zorgen voor een beperking van de visuele – en lawaaihinder.  Het doortrekken van de ABT/Stocatradijk tot aan de A12 biedt in deze context een buffering tegen de mogelijke nieuwe activiteiten aan het Delwaidedok.  Het betrokken project geeft weliswaar een eerste aanzet tot een volwaardige geluids- en bufferdijk naast de A12, maar is voor het districtsbestuur evenwel ontoereikend;

Het heeft geen negatieve invloed op het grond- en oppervlaktewaterpeil buiten het gebied.  De aanleg van het natuurcompensatiegebied mag bovendien op geen enkele wijze een nefaste invloed hebben op de maatregelen die getroffen worden om het grondwaterpeil buiten het Opstalvalleigebied te verlagen.  

De toegankelijkheid van het gebied blijft maximaal gegarandeerd, voor trage weggebruikers en op elk moment van het jaar.  De recreatieve en toeristische troeven van een grootschalig natuurproject als de Opstalvallei vereisen evenwel een nog grotere toegankelijkheid en extra recreatieve functies (bv. rond natuurbeleving). 

De districtsraad verwijst hierbij eveneens naar de structuurschets die, hoewel juridisch niet bindend, zowel naar de letter als naar de geest diezelfde premissen hanteert. 

Niettegenstaande de vaststelling dat het voorliggend project op het eerste zicht aan de vastgestelde premissen beantwoordt, wil de districtsraad dat er rekening wordt gehouden met de opmerkingen en garanties gegeven worden in verband met een aantal bezorgdheden die door de ingediende aanvraag tot stedenbouwkundige aanvraag en het bijgevoegde dossier niet of onvoldoende worden behandeld of worden weggenomen, m.n. rond het verdwijnen van tulpen- en evenementenweide, de toegankelijkheid van het gebied en de onvolledige padenstructuur, de eventuele nefaste invloed op de waterhuishouding in de nabijgelegen, watergevoelige woongebieden, de bufferdijken die door hun inplanting de geluidsoverlast voor bewoners niet aanpakken, het versterken van de recreatieve functies in het gebied, de teloorgang van het kleinschalige polderlandschap met zijn natuurwaarden en landbouwopbrengsten en de erfgoedwaarde van het gebied.

 

Juridische grond

Artikel 285 Gemeentedecreet voorziet dat de districtsraad een algemene adviesbevoegdheid heeft voor alle aangelegenheden die betrekking hebben op het district.

Besluit

De districtsraad Berendrecht Zandvliet Lillo keurt het volgende besluit goed met 11 stemmen voor: N.VA (Marc Maes, Carl Geeraerts, Rudi Sempels, Willem Van Alsenoy, Gert Van Herck), Team 2040 (Marcel Bartholomeeussen, Nathalie Aertssen, Karel Hendrickx, Zander Vliegen, Roger Dons), Burgerbelangen (Frank Frederickx) en 3 tegen (Jenny Vekemans, Angie Bosmans, An Van Uffelen).

De districtsraad berendrecht zandvliet lillo beslist:

Artikel 1

De districtsraad van Berendrecht - Zandvliet - Lillo keurt het volgende advies goed:

De districtsraad formuleert de volgende opmerkingen bij de aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning betreffende het aanleggen van een natuurcompensatiegebied  ‘Opstalvallei fase 2’ gelegen te Berendrecht en vraagt de nodige garanties met betrekking tot:

 Tulpenweide

De tulpen- en evenementenweide bij de bomenbank is een belangrijke plek voor de vrijetijdsbeleving en het verenigingsleven in het district en biedt de mogelijkheid om beperkte en door iedereen gedragen recreatieve activiteiten te organiseren – een vraag die niet alleen bij de districtsraad leeft, maar tevens bij vele bewoners. 

De beperkte oppervlakte van enkele honderden vierkante meters situeert zich binnen de oude Berendrechtse Dijk.  Gegeven de geringe, toekomstige natuurwaarde van dit kleine stuk grond, alsook de cultureel – historische impact dat een stuk binnendijks in Berendrecht zou afgegraven worden om te vernatten, verantwoordt dat dit perceel moet gevrijwaard blijven en uit het projectgebied moet gelicht worden. 

Het vrijwaren van de weide zorgt er niet alleen voor dat belangrijke evenementen voor het district kunnen blijven plaatsvinden, maar vergroot tevens het maatschappelijk draagvlak voor het project.  Bij evenementen krijgen de bezoekers tevens de kans om het natuurgebied te bezoeken en te appreciëren.

De specifieke ligging van de tulpenweide, omgeven door dijk en bos, zorgt er voor dat, bij de weinige momenten in een jaar dat er een activiteit plaatsvindt, er geen hinder is voor fauna en flora in het gebied.

De districtsraad vraagt met aandrang aan de inrichtende macht uit te kijken naar andere terreinen, hetzij aansluitend aan het projectgebied, hetzij elders, om een ‘compenserend’ stuk natuur te ontwikkelen.

Waterpeil

Uit de watermodellen in de bouwaanvraag blijkt dat het verminderen van de drainage in het gebied en de stuw op de Afwateringsgracht in functie van de realisatie van het project de gemiddelde hoogste grondwaterstand buiten het gebied lichtjes zal verhogen.  De districtsraad wil echter de absolute garantie dat het uitvoeren van het project géén enkele invloed heeft op o.a. het grond- en oppervlaktewaterpeil buiten het projectgebied.  Bovendien mag de aanleg van het natuurcompensatiegebied op geen enkele wijze een nefaste invloed hebben op de maatregelen die getroffen worden om het grondwaterpeil buiten het Opstalvalleigebied te verlagen. 

De districtsraad is van oordeel dat de uitvoering van het project trouwens opportuniteiten en kansen biedt om de waterproblematiek fundamenteel aan te pakken (door o.a. extra buffers bij zware regenval).  In dit verband wil de districtsraad dat de inrichtende overheid afstemt met de Provincie Antwerpen en andere stakeholders om de waterproblematiek mee op te volgen en op te lossen. In samenspraak met de Provincie Antwerpen zou onder andere de mogelijkheid om noordelijker af te wateren naar het kanaaldok via de Zoutebeek (cf. knik aan de Bokspane), het optimaliseren van het pompgemaal aan het Noordland of het plaatsen van een extra pompgemaal in de buurt van de Sint-Jan Baptiststraat mee gefinancierd kunnen worden door de hogere inrichtende overheden. 

Bovendien wil de districtsraad actief betrokken worden bij de tweewekelijkse monitoring van de grond – en oppervlaktewaterpeilen die permanent – voor, tijdens en na de werken in het projectgebied - en in alle transparantie moet gecommuniceerd worden en bij stijging onmiddellijk tot remediërende maatregelen moet leiden. 

De districtsraad stelt duidelijk dat de minste, negatieve invloed op de waterhuishouding in het district ingevolge de uitvoering van het project ontoelaatbaar is.

Toegankelijkheid

De voorgelegde plannen doen veronderstellen dat er reeds effectief met een aantal eerder geformuleerde opmerkingen van de districtsraad werd rekening gehouden.  Zo krijgen de wegen in het gebied, fiets – of wandelwegen, een publiek karakter, waardoor bewoners - fietsers, wandelaars (al dan niet met hond aan de leiband), mensen te paard -  het gebied kunnen blijven bezoeken.

De districtsraad wil de toegankelijkheid echter nog verhoogd zien:

1)     De bufferdijken moeten optimaal en maximaal toegankelijk zijn voor wandelaars en zo deel uitmaken van het wandelnetwerk in het gebied.  De plannen spreken elkaar daarin tegen;

2)     Er zijn enkele onderbrekingen in het wandelnetwerk die opgelost moeten worden: het meest zuidelijk gelegen (doodlopend) wandel/fietspad dat parallel loopt aan de antitankgracht moet ontsloten worden door middel van een (houten) wandel/fietsbruggetje, aansluitend op het nieuwe binnendijkse fietspad ter hoogte van de vleermuizentunnel of uitkijk. Op deze manier kunnen bezoekers een interessante wandel-lus maken om het gebied te verkennen.  Verder moet tussen de verlegde Dorpsbeek en de doodlopende straten in de wijk Viswater (Pootersstraat, Gilles Damaesstraat, Varendonkstraat) een recreatief wandel – en fietspad komen, dat aan de buitengrenzen van het betrokken gebied loopt.

 3)     De as Oudbroeksestraat – Oud Broek moet toegankelijk blijven voor ruiters en voor gespannen met paard en kar.

Voorts mag de uitvoering van fase 2 van het project, dat zal aansluiten op het huidige Opstalvalleigebied fase 1, nooit aanleiding geven tot het doorknippen van de Antwerpsebaan.  Deze weg blijft omwille van veiligheids- en mobiliteitsredenen de belangrijkste zuidelijke toegangsweg tot het district.

 Bufferdijken

De bufferdijk die langsheen de A12 ten zuiden van het anti-tankkanaal voorzien is, zou idealiter noordwaarts doorgetrokken of verplaatst moeten worden ter hoogte van de Krommeweg.  Daarmee worden heel wat inwoners van Berendrecht – Zandvliet tegen geluidsoverlast komende van de A12 gebufferd.  Bijkomend moet een deel van het projectbudget voorzien worden voor geluidsschermen langsheen de A12 in Zandvliet.

 Natuur versus landbouw

Natuurvriendelijke landbouw  moet mogelijk blijven in een deel van het Opstalgebied.  Uit andere projecten blijkt dat, mits goede afspraken, de natuurinstandhoudingsdoelstellingen voor bepaalde vogelsoorten ook dan behaald kunnen worden.  De landbouwactiviteiten mogen evenwel onder geen enkel beding de open ruimte hypothekeren door bijvoorbeeld de inplanting van windturbines.  In dit verband verwijst de districtsraad naar het bestuursakkoord dat bepaalt dat de plaatsing van windturbines niet kan gebeuren ten koste van groen of waardevolle landschappelijke (natuur)gebieden.

Recreatie

De districtsraad stelt vast dat de huidige bouwaanvraag weinig of geen concrete informatie en garanties bevat met betrekking tot de recreatieve functies in het gebied en de hiervoor benodigde infrastructuur, zoals gevraagd door de districtsraad in zijn brief van 29 april 2014 aan het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen.  In dit verband beperkt de beschrijvende nota (punt A.5. – Omschrijving van de werken – onthaal en recreatie) zich tot een verwijzing naar de werkzaamheden van de werkgroep onthaal en recreatie die het ontwikkelen van recreatiemogelijkheden in en om het volledige havengebied uitwerkt.  Specifiek voor het Opstalvalleigebied fase 2 wordt niets concreets inzake recreatieve infrastructuur voorzien, zodat iedere garantie naar realisatie ontbreekt.

De districtsraad dringt er op aan dat bij de uitvoering van het project Opstalvalleigebied rekening wordt gehouden met het volgende:

1)     De recreatieve infrastructuur moet onmiddellijk bij de uitrol van het project voorzien worden door de inrichtende overheid.  Er wordt niet-exhaustief gedacht aan infoborden aan de verschillende toegangswegen, fietsenstallingen rondom én in het projectgebied, zitbanken voor bezoekers, afvalbakjes op strategische plekken (o.a. bij uitkijkpunten,…), enz.;

2)     Een extra uitkijkpunt op de noordelijke bufferdijk, die toegankelijk en bewandelbaar moet zijn;

3)     Centraal in het gebied zou een vogelkijkhut op hoogte een toegevoegde waarde vormen als centraal recreatiepunt.

Deze recreatieve infrastructuur moet gefinancierd worden door de inrichtende overheid en mag geen hypotheek leggen op het districtsbudget.

 Erfgoed

Archeologische overblijfselen in het gebied moeten bij graafwerken in kaart gebracht worden.  De historische Berendrechtse dorpsdijk moet in het landschap zichtbaar blijven en mag niet aangetast worden.  Deze moet één van de grenzen van het projectgebied vormen.

 

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.