Terug

2014_CBS_10790 - Gemeentelijke fiscaliteit - Aanvullende gemeentebelasting en opcentiemen op de onroerende voorheffing 2015-2019 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 24/10/2014 - 16:30 Kasteel Rivierenhof
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_10790 - Gemeentelijke fiscaliteit - Aanvullende gemeentebelasting en opcentiemen op de onroerende voorheffing 2015-2019 - Goedkeuring 2014_CBS_10790 - Gemeentelijke fiscaliteit - Aanvullende gemeentebelasting en opcentiemen op de onroerende voorheffing 2015-2019 - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 170 §4 van de Grondwet: uitdrukkelijke bevoegdheid van de gemeenteraad voor het invoeren van belastingen.
De artikelen 42 §3 en 43 §2 van het Gemeentedecreet: exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad om de gemeentelijke belastingen vast te stellen.

Aanleiding en context

De gemeenteraad keurde in zitting van 19 november 2013 (jaarnummer 686) de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting en de opcentiemen op de onroerende voorheffing goed voor aanslagjaar 2014.

Argumentatie

Omwille van de financiële behoefte van de stad is het nodig om de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting en de opcentiemen op de onroerende voorheffing te heffen voor de komende jaren.

De aanvullende gemeentebelasting op personenbelasting en de opcentiemen op de onroerende voorheffing kunnen voor meerdere jaren vastgesteld worden.
Daarom worden volgende reglementen goedgekeurd:

  • de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting voor aanslagjaren 2015 tot en met 2019;
  • de opcentiemen op de onroerende voorheffing voor aanslagjaren 2015 tot en met 2019.

De tarieven blijven ongewijzigd ten opzichte van aanslagjaar 2014.

Juridische grond

Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
De omzendbrief BB 2011/01 van 10 juni 2011 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.
De artikelen 298 en 464, 1° WIB'92 (Wetboek Inkomstenbelasting).
De artikelen 465 tot en met 470 bis WIB'92.
Budgetonderrichtingen 2014 van de Vlaamse overheid over de opcentiemen op de onroerende voorheffing en de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting.

Beleidsdoelstellingen

Optimalisatie belastingreglementen

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting goed voor de aanslagjaren 2015 tot en met 2019.

Artikel 2

De gemeenteraad keurt de opcentiemen op de onroerende voorheffing goed voor de aanslagjaren 2015 tot en met 2019.

Artikel 3

De financieel beheerder regelt de financiële aspecten als volgt:

Omschrijving Bedrag Boekingsadres Bestelbon
Aanvullende belasting op de personenbelasting

132.444.465,00 EUR (2015)
135.351.625,00 EUR (2016)
138.326.949,00 EUR (2017)
141.174.688,00 EUR (2018)
144.128.109,00 EUR (2019)

budgetplaats: 5170100000
budgetpositie: 7301 
functiegebied: 1HSB010503A00000
subsidie: SUB_NR
fonds: intern
begrotingsprogramma: 1SA000020
budgetperiode: 1500-1900

n.v.t.

Opcentiemen op de onroerende voorheffing

220.743.634,00 EUR (2015)
224.607.134,00 EUR (2016)
228.320.934,00 EUR (2017)
232.186.034,00 EUR (2018)
236.003.134,00 EUR (2019)

budgetplaats: 5170100000
budgetpositie: 7300
functiegebied: 1HSB010503A00000
subsidie: SUB_NR
fonds: intern
begrotingsprogramma: 1SA000020
budgetperiode: 1500-1900

n.v.t.