Artikel 130bis van De Nieuwe Gemeentewet (laatste aanpassing: decreet van 1 februari 2008) dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De Distelvinklaan in het district Hoboken:
Het gedeelte tussen de Oudstrijderslaan en de Krijgsbaan werd heraangelegd.
Voor de Distelvinklaan bestaat er een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer, dat echter niet langer voldoet aan de actuele verkeerssituatie.
Een nieuw aanvullend verkeersreglement wordt opgesteld naar aanleiding van de uitgevoerde wijziging:
Door de aanleg van deze veilige schoolomgeving is de parkeerbalans negatief. Er zijn door de ingreep zeven plaatsen minder.
De districtsraad Hoboken keurt eenparig het volgende besluit goed.
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Distelvinklaan in het district Hoboken, ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 26 april 1999 (jaarnummer 1115):
Artikel 1: het parkeren wordt verboden, langs de even zijde, in het gedeelte tussen de Grasmuslaan en de Oudstrijderslaan.
De verkeersborden E1 worden aangebracht.
Artikel 2: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan ter hoogte van de Krijgsbaan.
Artikel 3: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen, langs de oneven zijde, vanaf nummer 23 tot nummer 15.