Artikel 130bis van De Nieuwe Gemeentewet (laatste aanpassing: decreet van 1 februari 2008) dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De Jozef Verbovenlei in het district Deurne:
Op 12 november 2014 werd een aanvraag voor een parkeerplaats voor personen met een handicap ingediend.
Een nieuw aanvullend verkeersreglement wordt opgemaakt, aangepast aan de gewenste verkeerssituatie.
Onderzoek heeft uitgewezen dat de aanvrager, wonende op huisnummer 11, aan de voorwaarden voldoet om een parkeerplaats voor personen met een handicap in te richten in de nabijheid van de woning.
De parkeerbalans blijft ongewijzigd.
De districtsraad keurt eenparig Artikel 1 van Artikel 1 af.
De districtsraad van Deurne keurt eenparig het volgende besluit goed.
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Jozef Verbovenlei in het district Deurne ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 25 juni 2012 (jaarnummer 663):
Artikel 1: de bestuurders rijdend in de Jozef Verbovenlei genieten voorrang op de bestuurders rijdend in alle daarop uitmondende openbare wegen.
De verkeersborden B15 worden aangebracht.
In alle zijstraten worden de verkeersborden B1 aangebracht.
Artikel 2: het verbod wordt opgelegd, een gespan of voertuig met meer dan twee wielen, links in te halen vanaf de Knyffstraat tot de Arthur Matthyslaan.
Het verkeersbord C35 wordt aangebracht.
Artikel 3: een gedeelte van de openbare weg wordt voorbehouden voor voetgangers, fietsers en bestuurders van tweewielig bromfietsen klasse A, langs beide zijden en over de ganse lengte van de straat.
Het verkeersbord D9 wordt aangebracht.
Artikel 4: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap:
-langs de oneven zijde:
Het verkeersbord E9a met onderbord wordt aangebracht.
Artikel 5: de rijbaan wordt vanaf nummer 7 tot de Boekenberglei verdeeld in rijstroken.
Voorsorteringspijlen en een stopstreep worden gemarkeerd voor de verkeerslichten aan het kruispunt met de Boekenberglei.
Het verkeersbord F13 wordt aangebracht.
Artikel 6: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan:
Artikel 7: een oversteekplaats, die fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A moeten volgen om de rijbaan over te steken, wordt gemarkeerd door twee onderbroken evenwijdige strepen ter hoogte van de doorsteek aan de Boekenberglei naar de Jozef Verbovenlei.
Artikel 8: een verkeersgeleider wordt gemarkeerd door middel van witte evenwijdige schuine strepen, in het midden van de rijbaan, over de ganse lengte van de straat.
Artikel 9: een verdrijvingsvlak wordt gemarkeerd door witte evenwijdige schuine strepen, langs de even zijde, op de parkeerstrook, ter hoogte van nummer 142.
Artikel 10: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op voorbehouden plaatsen voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.