Artikel 290 van het Gemeentedecreet: De bepalingen betreffende de planning en het financieel beheer van de gemeenten zijn van toepassing op de planning en het financieel beheer van de districten met dien verstande dat:
1° “de gemeenteraad” moet worden gelezen als “de districtsraad”;
2° “het college van burgemeester en schepenen” moet worden gelezen als “het districtscollege”;
3° “de gemeentesecretaris” moet gelezen worden als “de districtssecretaris”, behalve voor wat betreft de taken bedoeld in artikelen 86, derde lid, en 163.
Het Gemeentedecreet bepaalt dat de financieel beheerder driemaandelijks (artikel 165) en zesmaandelijks (artikel 166) een aantal rapporten moet voorleggen aan de gemeentesecretaris, het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad. Het hersteldecreet van 1 juli 2009 veranderde dit in een jaarlijkse rapportering.
Op basis van het Gemeentedecreet dient de districtsraad één maal per jaar kennis te nemen van de stand van zaken van de begroting van het district.
Artikel 94 van het Gemeentedecreet
De financieel beheerder staat in volle onafhankelijkheid in voor:
Met het oog op de invordering van onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen kan de financieel beheerder een dwangbevel uitvaardigen. Een dergelijk dwangbevel wordt betekend bij gerechtsdeurwaarderexploot.
Met betrekking tot de vervulling van de opdrachten, bedoeld in dit artikel, rapporteert de financieel beheerder in volle onafhankelijkheid aan het college van burgemeester en schepenen en aan de gemeenteraad.
Artikel 165 van het gemeentedecreet
De financieel beheerder rapporteert in volle onafhankelijkheid minstens eenmaal per kwartaal aan de gemeenteraad en het college van burgemeester en schepenen. Dat rapport omvat minstens eenoverzicht van de thesaurietoestand, de liquiditeitsprognose, de beheerscontrole, alsook de evolutie van de budgetten. De financieel beheerder stelt tegelijkertijd een afschrift aan de gemeentesecretaris en de externe auditcommissie ter beschikking.
Artikel 166 van het gemeentedecreet
De financieel beheerder rapporteert in volle onafhankelijkheid minstens eenmaal per semester aan de gemeenteraad over de uitvoering van zijn taak van voorafgaande controle van de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenissen.
Hij stelt tegelijkertijd een afschrift van dat rapport ter beschikking aan het college van burgemeester en schepenen, de gemeentesecretaris en de externe auditcommissie.
De districtsraad neemt kennis van de jaarrapportering van de financieel beheerder. Deze rapportering geeft een stand van zaken van het districtsbudget op 30 september 2014.