Het college is bevoegd in het kader van de opmaak van het vergunningenregister en de actieve onderzoeksplicht (artikel 5.1.3 §§1 en 2, en artikel 7.6.2. §1, 5de en 6de lid van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening).
Op datum van 18 oktober 2014 vroeg notariskantoor De Vil, Helmstraat 107, 2140 Borgerhout, namens de eigenaars
per e-mail om hun eigendom gelegen Haantjeslei 1, district Antwerpen, op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning. Ze voegen hierbij de volgende documenten ter staving toe:
1. Bestaande juridische toestand
Het pand, Haantjeslei 1 te Antwerpen, is kadastraal gekend als ‘Handelshuis’ met gegevens 10e afdeling, sectie K, nummer 1681/M/5. Volgens het kadaster is het perceel bebouwd in 1944 en bevat het één woongelegenheid.
In het archief van de stad Antwerpen zijn volgende bouwdossiers terug te vinden voor het huidige gebouw:
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestplan.
Het goed is volgens het laatstgenoemde plan gelegen in een woongebied.
2. Bestaande feitelijke toestand
Het gebouw telt drie bouwlagen onder mansardedak. In het gebouw zijn vier woongelegenheden ingericht en een gelijkvloerse handelsruimte, die doorloopt onder de verdiepingen van het pand Sint-Laureisstraat 39.
Er zijn geen overtredingsdossiers gekend bij de stad Antwerpen.
Het voorwerp
Uit de bijgevoegde bewijsmaterialen blijkt dat het gebouw in aanmerking komt voor opname in het vergunningenregister als vergund geacht, met uitzondering van de huidige indeling in vier woonentiteiten en een handelsruimte; slecht twee woonentiteiten en de handelsruimte kunnen er vergund geacht worden.
De bewijsvoering
De bouwdossiers van uit het archief tonen aan dat het gebouw voor 22 april 1962 werd opgericht.
De uittreksels uit het bevolkingsregister tonen aan dat vanaf 1956 tot heden bijna constant twee gezinnen of alleenstaanden in het gebouw woonden, enkel dit aantal kan dus vergund geacht worden. De nu nog bestaande handelsruimte was reeds aanwezig volgens het bouwdossier uit 1976 en ook volgens de Kruispuntbank van Belgische Ondernemingen (KBO) was daar in de daaropvolgende periode een handelszaak gevestigd.
De huidige gevelopbouw komt overeen met die volgens het bouwdossier van 1976.
Voorgaande bewijst voldoende dat de huidige toestand dateert van voor de inwerktreding van de Wet op de Stedenbouw (22 april 1962).
Voorgaande bewijst echter onvoldoende dat de beweerde, huidige indeling in vier woonentiteiten dateert van voor de inwerkingtreding van de Wet op de Stedenbouw (22 april 1962) ofwel van na de inwerkingtreding van de Wet op de Stedenbouw (22 april 1962) maar voor de inwerkingtreding van het van kracht zijnde gewestplan (9 november 1979). Slecht twee kunnen er vergund geacht worden.
Conclusie
De gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar stelt voor om, gelet op de aangehaalde argumenten, het gebouw op te nemen in het vergunningenregister als geacht vergund, met uitsluiting van de indeling in vier woonentiteiten; slechts twee kunnen er vergund geacht worden.
Iedere constructie waarvan bewezen is dat ze gebouwd werd voor 22 april 1962 (inwerkingtreding Wet op de Stedebouw) ofwel na die datum en voor de eerste inwerkingtreding van het gewestplan (vastgesteld op 3 oktober 1979, van kracht op 9 november 1979), dient te worden opgenomen in het vergunningenregister wegens een vermoeden van vergunning in toepassing van artikel 5.1.3. §1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.
Het college neemt kennis van het feit dat het pand Haantjeslei 1, district Antwerpen, in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning, wordt opgenomen als gebouwd voor 22 april 1962.
Het college beslist dat slechts twee woonentiteiten als vergund worden geacht.
Het college geeft opdracht aan :
| Dienst | Taak |
| SW/V/SV |
Een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan het kadaster voor eventuele aanpassing van de kadastrale gegevens. |