Met het besluit van de gemeenteraad van 20 maart 2000 (jaarnummer 619), aangepast bij het gemeenteraadsbesluit van 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307), kregen de districten de bevoegdheid over het decentraal publiek domein, groenvoorziening en openbare werken. Het college is bevoegd voor bovenlokale budgetten.
| Fase | Actie | Datum | Jaarnummer |
| project Ruggeveld-Boterlaar-Silsburg. Masterplan | goedkeuring college | 17 december 2010 | 15980 |
| aanvraag speelzone Park Groot Schijn | goedkeuring college | 28 september 2012 | 10132 |
| goedkeuring districtscollege Deurne | 11 maart 2013 | 68 | |
| opstarten procedure | goedkeuring college | 20 december 2013 | 13072 |
| projectdefinitie en concept | gunstig advies districtscollege Deurne | 3 februari 2014 | 27 |
| goedkeuring college | 28 februari 2014 | 2205 | |
| adviezen | jeugdraad | 27 april 2014 | |
| sportraad | 3 april 2014 | ||
| seniorenraad | 29 april 2014 | ||
| informatiemoment | 18 mei 2014 | ||
| definitief ontwerp | advies districtscollege Deurne | 15 december 2014 | 439 |
Het districtscollege van Deurne bracht op 3 februari 2014 (jaarnummer 27) gunstig advies uit en het college keurde op 28 februari 2014 (jaarnummer 2205) de projectdefinitie en het concept goed.
Het districtscollege van Deurne bracht op 15 december 2014 (jaarnummer 439) gunstig advies uit.
De bedrijfseenheid stadsontwikkeling legt het definitief ontwerp ter goedkeuring voor.
De inspraakprocedure is voorbij. De bedrijfseenheid stadsontwikkeling maakte een definitief ontwerp op en bracht ten opzichte van de projectdefinitie en het concept volgende wijzigingen aan:
De bedrijfseenheid stadsontwikkeling stelt voor om het defintief ontwerp van 22 oktober 2014 goed te keuren.
Stedenbouwkundige vergunning:
Er moet voor dit project een stedenbouwkundige vergunning worden aangevraagd.
In uitvoering van artikel 4.7.1§1 en artikel 4.7.26§1 van de 'Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening' worden de stedenbouwkundige vergunningen, voor handelingen van algemeen belang of voor aanvragen ingediend door publiekrechtelijke of semi-publieke rechtspersonen, afgeleverd door de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar binnen de bijzondere procedure.
In het voorjaar werden gedurende enkele sessies ook de bewoners bevraagd.
De ingang en het verzamelpunt, de speelslinger, de centrale klimtoren en de natuurlijke speelslinger werden goed bevonden. Er was wel een vraag naar duidelijk afbakening en naar voldoende hoogte in het parcours.
Opmerkingen:
1. Het speelbos zal niet voldoende “bos” blijven.
Door een groot deel van het bos te bestemmen voor vrij spel is dit in het definitief ontwerp gewaarborgd.
2. De bezorgdheid dat er te veel “toestellen” zoals schommels en glijbanen in zullen staan, en dat deze samen met het evenwichtsparcours het vrij spel zullen belemmeren.
In het definitief ontwerp dat nu voorligt is het evenwichtsparcours, een meerwaarde voor de gebruikers, dichter naar de paden gebracht waardoor er meer ruimte is voor vrij spel. Het wordt eveneens uitgevoerd in een zo natuurlijk mogelijk look. Het aantal speeltoestellen is beperkt. Zo is er voornamelijk de toren, waarbij het evenwichtsparcours dient als klimtoestel naar de toren toe. Glijden behoort wel eventueel nog tot de opties omdat dit de toren goed aanvult.
3. Vraag naar niveauverschillen.
Niveauverschillen zijn niet weerhouden in het definitief ontwerp omdat dit in het dichtbegroeide bos niet eenvoudig te realiseren is zonder aan het groen te raken. De ontmoetingsplekken en zittribunes kunnen dan weer wel in de hoogte uitgewerkt worden.
Het college keurt het definitief ontwerp (22 oktober 2014) voor de aanleg van de speelzone in het Park Groot Schijn goed.
Het college geeft opdracht aan:
| SW/O&U/ONT | opmaken bouwaanvraag |
| SW/O&U/UIT | aanbestedingsdocumenten opmaken |