Artikel 245 §2 van het Gemeentedecreet bepaalt dat het college een motiveringsverslag dient te maken waarin de voor- en nadelen van externe verzelfstandiging in de gekozen vorm worden afgewogen.
Artikel 245 § 3 Gemeentedecreet bepaalt dat de statuten van een extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm (een eva-vzw) moeten worden goedgekeurd door de gemeenteraad.
Artikel 246 § 4 van het Gemeentedecreet bepaalt dat de gemeenteraad bij de samenstelling van de organen rekening kan houden met de samenstelling van de districtsraad voor zover de gemeentelijk vennootschap, vereniging of stichting belast is met de verwezenlijking van welbepaalde beleidsuitvoerende taken van gemeentelijk belang die uitsluitend bevoegdheden van het district betreffen.
Het oorspronkelijke decreet lokaal cultuurbeleid van 13 juli 2001 en het nieuwe decreet van 6 juli 2012 stimuleert de gemeenten om te komen tot een kwalitatief en integraal cultuurbeleid en legt een belangrijke verantwoordelijkheid voor het ontwikkelen van zulk geïntegreerd cultuurbeleid bij de lokale besturen. Elk gemeente- of stadsbestuur wordt aangespoord om een visie hierover te ontwikkelen en een plan op te stellen waarin de geïntegreerde werking in het geheel en de specifieke werking van de verschillende partners daarbinnen beschreven wordt.
Voor het cultuurbeleidsplan van 2008-2013 werd er, in samenwerking met alle partners en in alle districten, een traject uitgewerkt om te komen tot één geïntegreerd plan. In dit geïntegreerde stedelijke beleidsplan waren zowel de beleidsplannen van de districten opgenomen als die van de bibliotheken en de cultuurcentra. Daarbij werd vooral aandacht besteed aan de samenhang tussen de verschillende onderdelen of sectoren van het lokaal cultuurbeleid en werd er aangegeven op welke manier er concreet kon samengewerkt worden om te komen tot de realisatie van dat ene geïntegreerde beleid. Om dit te realiseren werd er beslist tot de oprichting van een vzw lokaal cultuurbeleid in elk district.
De gemeenteraad besliste op 25 februari 2008 (jaarnummer 318) tot de omvorming van de acht bestaande vzw’s financieel beheer van de cultuurcentra om te vormen tot acht vzw’s lokaal cultuurbeleid. Dit betekent een vzw voor elk district behalve Borgerhout.
Bij de omvorming van deze vzw’s werd rekening gehouden met de bepalingen van het gemeentedecreet inzake extern verzelfstandigde agentschappen, zodat de overgang naar EVA’s vlot zou kunnen verlopen.
Op advies van de districtsraad en op vraag van de algemene vergadering van de vzw keurde de gemeenteraad op 16 december 2013 (jaarnummer 793) een statutenwijziging goed en werden zowel de naam van de vereniging als het doel aangepast. De vzw heet voortaan vzw lokaal vrijetijdsbeleid district Berendrecht-Zandvliet-Lillo en heeft tot doel het lokaal vrijetijdsbeleid te bevorderen. Ook artikel 20 van de statuten ivm de opdrachten en de partners van het lokaal cultuurbeleid/vrijetijdsbeleid wordt aangepast. Het vermeldt vanaf nu naast de cultuurpartners expliciet de sportantenne, de jeugdconsulent en de seniorenconsulent die samen instaan voor de realisatie van het lokale vrijetijds- en doelgroepenbeleid van het district.
Ten laatste drie jaar na de volledige inwerkingtreding van titel VII, hoofdstuk II van het gemeentedecreet dienen alle bestaande ”vzw’s van gemeentelijk belang” omgevormd te worden tot dergelijke extern verzelfstandigde agentschappen.
Een extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm is de meest aangewezen rechtsvorm. Enkel deze rechtsvorm laat de vzw’s lokaal cultuurbeleid toe om ook externe partners op een structurele manier in de vzw te betrekken. De privaatrechtelijke rechtsvorm bij uitstek is de vzw aangezien het partnerschap een maatschappelijk belang nastreeft en geen winstoogmerk heeft.
Op 16 december 2013 (jaarnummer 800) keurde de gemeenteraad de omvorming conform het Gemeentedecreet en de juridisch-technische statutenwijziging goed.
Het stadsbestuur wenste immers in het kader van de decretaal verplichte omvormingsoperatie tegelijkertijd de organisatie van de Groep stad Antwerpen te herbekijken en een nieuwe groepsarchitectuur uit te tekenen. Opdat de verzelfstandigde entiteiten verder konden functioneren na 1 januari 2014, moesten de statuten worden aangepast tegen 31 december 2013, zodat ze juridisch-technisch conform het Gemeentedecreet waren.
Op 16 december 2013 (jaarnummer 793) keurde de gemeenteraad deze juridisch- technische statutenwijziging goed voor een duur van maximaal één jaar. Bijgevolg moet de definitieve statutenwijziging voor 31 december 2014 worden goedgekeurd door de gemeenteraad als de vzw lokaal vrijetijdsbeleid district Berendrecht-Zandvliet-Lillo vanaf 1 januari 2015 nog rechtsgeldig wil blijven functioneren.
Op 19 september 2014 beslist het college (jaarnummer 9452) om de nieuwe statuten eerst voor advies voor te leggen aan de districtsraad van Berendrecht-Zandvliet-Lillo.
De vereniging draagt de naam vereniging zonder winstoogmerk of bij afkortting vzw ‘lokaal vrijetijdsbeleid district Berendrecht-Zandvliet-Lillo’.
De vereniging heeft het statuut van een gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm in de zin van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005.
De maatschappelijke zetel van de vereniging is gevestigd in het gerechtelijk arrondissement Antwerpen op het adres:
Vzw lokaal vrijetijdsbeleid district Berendrecht-Zandvliet-Lillo, De Keyserhoeve 66 - 2040 Zandvliet
De vereniging heeft tot doel het lokaal vrijetijdsbeleid in het district Berendrecht-Zandvliet-Lillo te bevorderen. De vereniging kan ook zorgen voor de verwezenlijking van de opdrachten lokaal vrijetijdsbeleid. Meer specifiek zal haar raad van bestuur optreden als beheersorgaan van in het district aanwezige cultuurcentra, zoals bepaald in hoofdstuk 3. Het cultuurcentrum, art. 10 en 11 van het decreet op het lokaal cultuurbeleid van 6 juli 2012; daarnaast kan zij ook het financiële beheer voeren van de aan de instellingen verbonden cafetaria.
De vereniging mag alle verrichtingen doen, welke rechtstreeks of onrechtstreeks betrekking hebben op haar doel of van aard zijn de verwezenlijking ervan te begunstigen, mits inachtneming van de bepalingen die voorzien zijn in de samenwerkingsovereenkomst tussen het stadsbestuur en de vereniging.
Voor elke verzelfstandiging legt het Gemeentedecreet een uitdrukkelijke verplichting op tot motivering. De gemeenteraad beslist over de voorzetting van de verzelfstandiging, en moet dus de voor – en nadelen van de verschillende beheersvormen tegen elkaar afwegen en aannemelijk maken dat de voordelen opwegen tegen de nadelen. Uitgangspunt is dat het beheer binnen de stedelijke diensten de regel is en dat men pas kan overgaan tot een vorm van externe verzelfstandiging als daar goede motieven voor zijn.
De aanzet voor deze motivering moet gegeven worden in een motiveringsverslag, dat wordt opgesteld door het college van burgemeester en schepenen. Deze motivering moet volgens de toezichthoudende overheid ook gebeuren voor de omvorming naar en het behoud van een extern verzelfstandigde entiteit in privaatrechtelijke vorm.
Door middel van voorliggend besluit wordt het door het college goedgekeurde motiveringsverslag voor de huidige vzw als keuze van de meest aangewezen rechtsvorm ter kennisname aan de districtsraad voorgelegd.
Hieruit blijkt dat volgens het college een eva-vzw de meest aangewezen vorm blijft om de activiteiten van de entiteit uit te voeren. Aangezien het hier gaat om een vzw belast met de verwezenlijking van welbepaalde beleidsuitvoerende taken van gemeentelijk belang die uitsluitend bevoegdheden van het district betreffen, wordt aan de districtsraad gevraagd om het ontwerp van statuten van de vzw lokaal vrijetijdsbeleid district Berendrecht-Zandvliet-Lillo te adviseren.
Een samenwerkingsovereenkomst met de stad zal op latere datum worden afgesloten.
Artikel 245 van het Gemeentedecreet handelt over de mogelijkheid tot oprichting van een vereniging zonder winstoogmerk belast met de verwezenlijking van welbepaalde beleidsuitvoerende taken van gemeentelijk belang, over het motiveringsverslag en de goedkeuring statuten.
De districtsraad Berendrecht Zandvliet Lillo keurt eenparig het volgende besluit goed.
De districtsraad neemt kennis van het motiveringsverslag en het voorstel van nieuwe statuten voor de eva-vzw lokaal vrijetijdsbeleid district Berendrecht-Zandvliet-Lillo, zoals goedgekeurd door het college op 19 september 2014 (jaarnummer 9452) en van de vraag van het college aan de districtsraad om advies uit te brengen over de statuten van de eva-vzw.
De districtsraad geeft het volgende advies over de statuten van de vzw lokaal vrijetijdsbeleid district Berendrecht-Zandvliet-Lillo:
De districtsraad adviseert gunstig mits volgende aanpassingen aan de statuten van de vzw lokaal vrijetijdsbeleid:
Artikel 8 wordt aangepast als volgt:
Categorie B = de adviesraden van het district Berendrecht – Zandvliet – Lillo die de gebruikers en deskundigen vertegenwoordigen
Artikel 17, 1° lid wordt gecorrigeerd als volgt:
De vertegenwoordiger van de stad Antwerpen in de algemene vergadering (categorie A) is een raadslid van het district Berendrecht – Zandvliet – Lillo en wordt door de gemeenteraad aangewezen.
Artikel 18, 1° en 2° lid worden vervangen door:
De voorzitter van de raad van bestuur van het district Berendrecht – Zandvliet – Lillo is de voorzitter van de algemene vergadering.
De ondervoorzitter in de algemene vergadering is de vertegenwoordiger van de gebruikers en deskundigen in de raad van bestuur van het district Berendrecht – Zandvliet – Lillo.
De vrijetijdscoördinator van het district is van rechtswege secretaris.
Artikel 24 wordt aangepast als volgt:
Categorie B: [bestuurders aangeduid door] de adviesraden van het district Berendrecht – Zandvliet – Lillo die de gebruikers en deskundigen vertegenwoordigen.
De leden van categorie B die de gebruikers en deskundigen vertegenwoordigen worden door de adviesraden van het district voorgedragen. De vertegenwoordiging van de gebruikers worden door de adviesraden uit eigen leden voorgedragen. Als deskundigen duiden de adviesraden kandidaat-bestuurders aan op basis van hun expertise, op voordracht van de vrijetijdscoördinator van het district.
Artikel 25, 1° t/m 3° lid wordt vervangen door:
Een lid van het districtscollege van het district Berendrecht – Zandvliet – Lillo is van rechtswege voorzitter van de raad van bestuur.
De raad van bestuur kiest een ondervoorzitter.
De vrijetijdscoördinator is van rechtswege niet-stemgerechtigd secretaris – penningmeester.
Artikel 33 wordt vervangen door:
Het directiecomité is samengesteld uit minimaal 3 en maximaal 5 leden, waarvan minstens 1 lid van het districtscollege.
De leden van het directiecomité worden aangesteld door de raad van bestuur bij geheime stemming.
Het verantwoordelijk lid van het managementteam van de stad of zijn vertegenwoordiger maakt deel uit van het directiecomité.
Het directiecomité duidt een voorzitter aan.
De vrijetijdscoördinator is van rechtswege secretaris van het directiecomité.
De onverenigbaarheden zoals bedoeld in artikel 15 gelden onverkort ook voor de leden van het directiecomité.