Terug

2014_CBS_09244 - Stadsmonitor 2014 - Protocol inzake ontvangen van data postenquête stadsmonitor editie 2014 en gebruik gegevens over Antwerpen door andere centrumsteden - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 12/09/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Philip Heylen, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_09244 - Stadsmonitor 2014 - Protocol inzake ontvangen van data postenquête stadsmonitor editie 2014 en gebruik gegevens over Antwerpen door andere centrumsteden - Goedkeuring 2014_CBS_09244 - Stadsmonitor 2014 - Protocol inzake ontvangen van data postenquête stadsmonitor editie 2014 en gebruik gegevens over Antwerpen door andere centrumsteden - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

In het kader van de actualisering 2014 van de Stadsmonitor organiseerde het team stedenbeleid van het Agentschap voor Binnenlands Bestuur, in samenwerking met de Studiedienst van de Vlaamse Regering een schriftelijke bevraging bij de inwoners van de 13 centrumsteden. De stad Antwerpen is ingegaan op het aanbod om extra bevragingen te voorzien met het doel op districtsniveau representatieve gegevens te bekomen. In het collegebesluit met jaarnummer 646 van 3 mei 2013 werd 35.796,50 EUR gereserveerd voor de uitbreiding van de Stadsmonitor tot op het niveau van de districten.

In de periode april-juni 2014 vond het veldwerk van de schriftelijke bevraging plaats. Voor Antwerpen werden 3.500 respondenten bevraagd.

De resultaten van de actualisering Stadsmonitor 2014 worden voorgesteld in het voorjaar van 2015. De stad Antwerpen wil vroeger kunnen beschikken over de data van de survey Stadsmonitor om op kortere termijn te kunnen starten met multivariate analyses op districtsniveau. Hiervoor maken de stad Antwerpen en het Agentschap voor binnenlands bestuur een protocol op dat de wijze regelt waarop deze data ter beschikking worden gesteld van de stad Antwerpen, de doeleinden waarvoor de stad Antwerpen de data kan aanwenden en de voorwaarden die het stadsbestuur van Antwerpen hiervoor zal respecteren.

Argumentatie

In het protocol staat de volgende regeling:

Wijze waarop data ter beschikking worden gesteld

De Studiedienst van de Vlaamse Regering stelt de ruwe gegevens met betrekking tot de stad Antwerpen uit de postenquête in SPSS-formaat ter beschikking van de studiedienst van de stad Antwerpen (SSO). Hierbij worden de nodige codeboeken en documentatie voorzien (bijvoorbeeld weegfactoren) zodat de verwerking door de Studiedienst van de stad Antwerpen dezelfde output genereert als deze door de Studiedienst van de Vlaamse Regering van de Vlaamse overheid.

Doeleinden aanwending data

De stad Antwerpen beperkt de finaliteit van deze voorafgaandelijke ter beschikkingstelling van data tot het opmaken van scripts van hercoderingen, variabelen declaratie, de opmaak en test van schalen, verkennende analyse van relevante relaties, verbanden en correlaties, opmaak van scripts van output, grafieken en tabellen. Ook kan de studiedienst van de stad Antwerpen de gegevens uit de postenquête aanvullen of verrijken met eigen (secundaire) data (bijvoorbeeld effectieve geografische aanwezigheid van bepaalde voorzieningen in buurten versus uitspraken hierover van respondenten in deze buurten).

SSO maakt een gestructureerd rapport op dat uit 3 delen bestaat:

  • Generieke resultaten;
  • Onderdeel met focus op een vergelijking tussen districten en stadsdelen;
  • Onderdeel met focus op een vergelijking tussen socio-economische profielen.

Voorwaarden

De gegevens worden onder strikt formeel embargo ter beschikking gesteld van SSO. Dit wil zeggen dat het stadsbestuur van Antwerpen de volgende voorwaarden respecteert:

  1. enkel het diensthoofd en één extra medewerker van SSO krijgen toegang tot de data en staan in voor de analyses; zij wenden de data uitsluitend aan voor eigen analyses (cfr punt 3) en betrekken hierbij geen externe partner;
  2. de resultaten van de eigen analyses worden pas gecommuniceerd na de bekendmaking van de integrale editie Stadsmonitor 2014;
  3. om discrepanties tussen de analyses van de Vlaamse overheid en de stad Antwerpen te vermijden, zal SSO tussentijdse verwerkingen en analyses aftoetsen met de Studiedienst van de Vlaamse Regering. De resultaten van analyses van SSO worden telkens gecommuniceerd en besproken met de Studiedienst van de Vlaamse Regering, alvorens deze intern in de stad Antwerpen worden gecommuniceerd;
  4. de stad Antwerpen stelt de aanvullingen en de verrijkingen (zie boven finaliteit) die bekomen worden door de data van de postenquête aan te vullen met de eigen (secundaire) data van SSO ter beschikking van de Studiedienst van de Vlaamse Regering, zodra de rapporten opgesteld zijn;
  5. indien een andere centrumstad de data van Antwerpen wenst te gebruiken voor onderzoek, moet die stad de stad Antwerpen bij aanvang van het onderzoek op de hoogte brengen van de onderzoeksvraag alsook eerst op de hoogte brengen van de resultaten alvorens deze worden gecommuniceerd / gepubliceerd;
  6. de toestemming van het gebruik van de gegevens door andere steden geldt enkel onder voorwaarde dat deze stad zelf de toestemming gaf om haar data ter beschikking te stellen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt het protocol inzake het ontvangen van de data van de postenquête stadsmonitor editie 2014 goed.

Artikel 2

Het college geeft opdracht aan:

Dienst Taak
SSO/STAT de nodige voorbereidende analyses te maken op de gegevens van de postenquête binnen het kader van de voowaarden van het protocol.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen voor de stad of het OCMW.