Terug

2014_CBS_11339 - Onderwijsbeleid - Nascholing Taalvaardigheidsonderwijs en Taalbeleid - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 07/11/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_11339 - Onderwijsbeleid - Nascholing Taalvaardigheidsonderwijs en Taalbeleid - Goedkeuring 2014_CBS_11339 - Onderwijsbeleid - Nascholing Taalvaardigheidsonderwijs en Taalbeleid - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 57 §3, 4° van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat het college van burgemeester
en schepenen bevoegd is voor het voeren van de gunningsprocedure, de gunning en de uitvoering
van overheidsopdrachten.

Aanleiding en context

De specifieke Antwerpse context brengt voor scholen bijzondere uitdagingen met zich mee. Steeds meer Antwerpse leerlingen hebben een andere moedertaal of thuistaal dan het Nederlands. Volgens cijfers van de lokale inburgerings- en integratiemonitor 2013 spreekt maar liefst 41,4% van de kleuters in Antwerpen thuis een andere taal. Dit geldt voor 35,8% van de leerlingen in het lager onderwijs en voor 30,4% van de leerlingen in het secundair onderwijs. Volgens hetzelfde rapport hebben deze leerlingen beduidend meer kans om schoolse vertraging op te lopen. Meer nog, in 2010 had slechts 10% van alle Vlaamse schoolverlaters een andere thuistaal, terwijl het percentage leerlingen met een andere thuistaal meer dan dubbel zo hoog was (26%) bij de leerlingen die dat jaar de school vroegtijdig verlaten hebben. Volgens cijfers van het departement onderwijs en vorming van de Vlaamse overheid steeg daarenboven de instroom van anderstalige nieuwkomers (AN) in Antwerpen de laatste vijf jaar sterk. Zowel in het basisonderwijs als in het secundair onderwijs noteren we bijna een verdubbeling van het aandeel AN ten opzichte van de totale leerlingenpopulatie. Om alle leerlingen de kans te geven de nodige competenties te ontwikkelen die ze nodig hebben om optimaal aan de samenleving deel te kunnen nemen, is het inzetten op en aanbieden van een rijk taalaanbod in het onderwijs noodzakelijk.

Onderwijsbeleid is samen met enkele Antwerpse scholen en ELAnt (Expertisenetwerk Lerarenopleidingen Antwerpen) een partnerschap aangegaan met de regio Skellefteå in het noorden van Zweden, gefinancieerd door Europa (Epos). De schooljaren 2012-2013 een 2013-2014 hebben dit partnerschap samen getracht om extra expertise op te bouwen rond taalverwerving via een Europees project met de titel: ‘Modeling school success for children with a foreign background’. Bij aanvang van dit Europese project was er een sterke focus op onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers (OKAN). Deze partners beschikken immers over bijzondere expertise om taalonderwijs optimaal vorm te geven. Na veelvuldige uitwisseling verschoof de focus doorheen het project van OKAN naar het vervolgonderwijs. OKAN-leerkrachten zijn immers in hoge mate geprofessionaliseerd om taalonderwijs vorm te geven, terwijl deze expertise nog grotendeels ontbreekt bij leerkrachten in het vervolgonderwijs. In het basisonderwijs zitten AN vaak gewoon in de reguliere klassen. In het secundair onderwijs stromen AN na één jaar taalbad door naar het reguliere onderwijs en worden deze op dezelfde manier onderwezen en geëvalueerd als andere leerlingen.

Gezien de Antwerpse context en de grote vraag naar professionalisering om met deze talige diversiteit om te gaan, is het noodzakelijk dat alle scholen een bewust beleid op taalonderwijs uitwerken, zowel op klasniveau als op schoolniveau. Taal is immers alom aanwezig, om expliciet specifieke leerinhouden uit de eindtermen te verwerven, maar evengoed impliciet bij het geven van een opdracht en bij het evalueren van de leerling. Kennis van de schooltaal is dan ook een noodzakelijke voorwaarde om te kunnen slagen in ons onderwijs. Een gebrek aan kennis van de schooltaal maakt het moeilijk om te evalueren of bepaalde einddoelen bereikt zijn. De komende schooljaren wil Onderwijsbeleid verder werk maken van schoolondersteuning binnen dit thema. Via deze weg vraagt Onderwijsbeleid de goedkeuring om aan verschillende scholen basisonderwijs en secundair onderwijs een nascholingstraject aan te bieden.

 

Argumentatie

Op dit moment organiseert Onderwijsbeleid reeds in samenwerking met het Centrum voor Taal & Onderwijs (CTO) een proeftraject voor vijf basisscholen waarbij een beleidsteam opgeleid wordt om een taalbeleidsplan op te stellen en klasleerkrachten geprofessionalisseerd worden om in hun klas een taalrijke omgeving te creëren en zich bewust te zijn van de valkuilen en taaldrempels in hun lessen. Dit traject werd in onderling overleg op maat gemaakt voor Antwerpen. Het bestaat uit een opleiding met verschillende sessies, individuele coachings ter plaatse voor leerkrachten en intervisies voor alle deelnemers over scholen heen om expertise te delen.

De keuze voor het CTO als organisator van dit nascholingsaanbod is gebaseerd op de unieke expertise van het centrum. Het CTO heeft jarenlange ervaring met trajecten over taalvaardigheid in het algemeen, en organiseert daarnaast sinds het schooljaar 2010-2011 de opleiding Expert Taalbeleid in Leuven waarop het Antwerpse taaltraject gebaseerd is. In deze opleiding ontwikkelen de deelnemers niet alleen visie over wat krachtig taalvaardigheidsonderwijs is, maar bouwen zij ook procesmatige inzichten op en ervaren ze hoe ze in de eigen school een taalbeleid kunnen realiseren met het hele team. Er bestaat geen andere organisatie die deze nascholing kan aanbieden: hun ervaring en expertise wordt nergens geëvenaard, het traject is in onderling overleg op maat gemaakt, en in samenwerking met het CTO kunnen we verder bouwen op wat we geleerd hebben uit het proeftraject.

Concreet wil Onderwijsbeleid twee aparte trajecten aanbieden: één voor basisscholen en één voor secundaire scholen.

Basisonderwijs:

Aangezien het traject een engagement vraagt van de scholen en leerkrachten die eraan deelnemen, plant Onderwijsbeleid voor het basisonderwijs tijdens het schooljaar 2014-2015 een voortraject met vier korte, inleidende en sensibiliserende sessies waar zoveel mogelijk scholen een eerste professionalisering kunnen krijgen en kunnen proeven of het intensieve traject iets voor hen is. Doorheen het schooljaar wordt één sessie van drie uur gegeven over hoe een taalbeleidsplan op schoolniveau uitgewerkt kan worden met het ganse team en drie sessies van telkens drie uur voor klasleerkrachten. Deze werksessies zijn praktijkgericht en geven leerkrachten concrete hulpmiddelen in handen waarmee ze na de sessie in hun eigen klas aan de slag kunnen. Tijdens dit voortraject onderzoekt Onderwijsbeleid welke scholen volgende twee schooljaren een intensief traject nodig hebben en aankunnen. Er kunnen maximaal 25 personen per sessie meedoen. Gezien de grote vraag naar nascholing rond dit thema verwacht Onderwijsbeleid een grote opkomst. Onderwijsbeleid rekent dus op twee maal hetzelfde traject voor 50 deelnemers in totaal.

Secundair onderwijs:

Via het Europese project heeft Onderwijsbeleid reeds een voortraject afgelegd met vijf secundaire scholen die nu klaar zijn om in hun school concreet aan de slag te gaan. Voor het secundair onderwijs start Onderwijsbeleid dus reeds dit schooljaar met een intensief traject. Een belangrijke focus in dit traject ligt de overgang van OKAN naar de vervolgschool. Dit traject loopt over twee schooljaren. Het eerste schooljaar begint Onderwijsbeleid in samenwerking met het CTO met individuele intakegesprekken, zodat alle wederzijdse verwachtingen helder zijn. De opleiding bestaat uit zes halve dagen opleiding voor de volledige groep (sessies van drie uur) + één intervisie uitsluitend voor vervolgcoaches. Per school kunnen drie tot vier personen deelnemen. Tijdens de opleiding leren de deelnemers procesmatig denken en ervaren hoe ze op de eigen school een taalbeleid kunnen uitrollen. Daarnaast gaan de deelnemers in de opleiding actief aan de slag met getuigenissen, goede praktijken, voorbeelden uit de deelnemende scholen.  

Het CTO zorgt voor de inhoudelijke invulling van de sessies. Collega’s van Onderwijsbeleid zorgen voor de procesmatige ondersteuning van de deelnemende scholen zodat optimale implementatie en duurzame verankering in de ganse school mogelijk worden.

Juridische grond

In toepassing van artikel 26§1, 1° f) van de wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten, zal deze opdracht gegund worden bij onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking omdat de werken om technische redenen, slechts aan één bepaalde aannemer kunnen worden gegund.

Beleidsdoelstellingen

4 - Lerende en werkende stad
Alle scholen werken samen met de stad opdat kinderen, tieners en jongeren de kans krijgen en grijpen om competenties te ontwikkelen en kwalificaties te behalen die leiden tot brede persoonsvorming en toegang tot hoger onderwijs en/of de arbeidsmarkt
Randvoorwaarden voor een ononderbroken leerloopbaan op maat van de leerling zijn gegarandeerd
Het beleidsvoerend vermogen van scholen is verhoogd, onder meer door het coördineren en uitwerken van initiatieven in het kader van "Samen tot aan de meet", uitvalspreventie, taalbeleid en diversiteit

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt de nascholing 'Taalvaardigheidsonderwijs en Taalbeleid' georganiseerd door Centrum voor Taal en Onderwijs goed en voorziet hiervoor het nodige budget.

Artikel 2

De financieel beheerder verleent zijn visum en regelt de financiële aspecten als volgt:

Omschrijving Bedrag Boekingsadres Bestelbon

Katholieke Universiteit Leuven
Oude Markt 13
3000 Leuven
ondernemingsnummer: 0419.052.173
IBAN BE09 4320 0000 1157 

27.092,00 euro

 

budgetplaats: 5117000000
budgetpositie: 61418
functiegebied: 1SLW020103
subsidie: SUB_NR
fonds: Intern
begrotingsprogramma: 1SA040880
budgetperiode: 1400

4505035185