De stad Antwerpen kan in totaal 11,22 miljoen euro subsidie ontvangen binnen de prioritaire as 4 voor duurzame grootstedelijke ontwikkeling van het EFRO-programma 2014-2020. Deze ontvangsten werden in het budget opgenomen op de subsidiefiche EFRO_SOM.
De EFRO-subsidie bedraagt 40% van de aanvaarde projectkost. Er kan 30% Vlaamse cofinanciering aangevraagd worden, maar de goedkeuring hiervan is nog onzeker en wordt per project bekeken. De stad zal in ieder geval een aandeel (tot 60%) van de in te dienen projecten zelf moeten financieren. Vandaar dat er bij de effectieve indiening van projectvoorstellen en subsidieaanvragen steeds zal bekeken worden of de noodzakelijke uitgaven in het budget werden voorzien. Dit maakt deel uit van de verdere verfijning van het EFRO-programma voor de stad Antwerpen en is afhankelijk van de doorlopende projectoproep die gelanceerd zal worden door het Agentschap Ondernemen voor de stedelijke prioriteitsas.
Op 22 april 2014 diende de Belgische federale overheid de zogenaamde 'partnerschapsovereenkomst' in bij de Europese Commissie. Deze overeenkomst geeft aan op welke wijze EU-lidstaat België haar Europese Structuur- en Investeringsfondsen (ESI-fondsen) zal inzetten in de meerjarenperiode 2014-2020. De ESI-fondsen voor België zijn:
In de Belgische federale context zijn het de gefedereerde entiteiten (gewesten en/of gemeenschappen) die met deze middelen aan de slag gaan.
De partnerschapsovereenkomst wordt onderhandeld tussen de Europese Commissie en de EU-lidstaat in kwestie en verduidelijkt de investeringsprioriteiten voor de verschillende ESI-fondsen. Deze investeringen moeten aansluiten bij de Europa 2020-strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei.
Bijzondere aandacht is er voor 'geïntegreerde territoriale ontwikkeling': de overeenkomst moet duidelijk aangeven hoe de verschillende fondsen bijdragen tot territoriale (en dus ook stedelijke) ontwikkeling, met vermelding van de financiering die hiervoor wordt uitgetrokken.
Ten slotte geeft de overeenkomst een overzicht van de verschillende stakeholders ('partners') die bij de voorbereidende discussies over de inzet van de ESI-fondsen betrokken waren.
Voor stad Antwerpen is vooral het Vlaamse EFRO-programma van tel. In de voorgaande programmaperiodes kon de stad immers beroep doen op 'gewaarborgde' middelen voor stedelijke ontwikkeling. De partnerschapsovereenkomst stipuleert dat deze werkwijze ook in de periode 2014-2020 zal worden behouden. Het EFRO-programma omvat volgende 'prioritaire assen':
Het is deze laatste prioritaire as die gewaarborgde middelen bevat voor stedelijke ontwikkeling. In tegenstelling tot de afgelopen periode 2007-2013 zal deze stedelijke prioriteitsas niet langer openstaan voor alle 13 centrumsteden, maar enkel voor grootsteden Antwerpen en Gent.
De Europese Commissie keurde op 15 december 2014 het ‘Operationeel programma 2014-2020’ voor Vlaanderen goed, voor een budget van 430 miljoen euro. Hiervan is 174 miljoen euro afkomstig van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO). Voor de prioritaire as 4 voor grootstedelijke ontwikkeling wordt een EFRO-budget voorzien van 16,93 miljoen euro. Hiervan is 11,22 miljoen euro bestemd voor de stad Antwerpen en 5,71 miljoen euro voor de stad Gent.
Op 18 juni 2014 (jaarnummer 322) heeft het managementteam kennis genomen van de stedelijke prioriteiten voor de nieuwe EFRO-periode 2014-2020. Er werd goedgekeurd dat door de afdeling strategische coördinatie/fondsen een lijst zal worden opgesteld met projecten uit de meerjarenplanning die in aanmerking komen voor EFRO-subsidiëring.
De partnerschapsovereenkomst verduidelijkt dat de stedelijke prioriteitsas in het Vlaamse EFRO-programma voor 2014-2020 een antwoord wil bieden op twee belangrijke uitdagingen:
Hiertoe worden volgende drie specifieke doelstellingen naar voren geschoven:
Bovenstaande aandachtspunten voor stedelijke ontwikkeling zullen in het Vlaamse EFRO-programma voor 2014-2020 verder uitgeschreven worden in een doorlopende projectoproep. De stad Antwerpen moet zich, als voornaamste begunstigde van de stedelijke prioriteitsas, hier op voorbereiden. De afdeling strategische coördinatie/fondsen inventariseerde de projecten die mogelijk in aanmerking komen voor EFRO-subsidiëring. Er werd afgestemd met de betrokken bedrijven om na te gaan of deze projecten kunnen ingepast worden in de stedelijke prioriteitsas van EFRO.
De stad Antwerpen zal 11,22 miljoen EFRO-subsidie kunnen ontvangen op basis van de uitvoering van goedgekeurde projecten binnen de stedelijke prioriteitsas. Deze 11,22 miljoen zal evenredig moeten gespreid worden over projecten binnen de drie verschillende specifieke doelstellingen. De EFRO-subsidie bedraagt 40%. In totaal zullen voor de ganse periode 2014-2020 minimaal projecten voor een bedrag van 28,05 miljoen euro ingediend moeten worden. Hieronder is een eerste overzicht opgenomen van de projecten die mogelijk gerealiseerd kunnen worden met EFRO-middelen. In het licht van de evolutie van de meerjarenplanning en -begroting zal deze inventarisatie onderworpen worden aan de nodige updates. De inventarisatie moet dan ook gezien worden als een 'startmenu', dat de stad in staat moet stellen om haar EFRO-portefeuille vanaf de start van het programma 2014-2020 te valoriseren.
|
bedrijfseenheid |
project |
indicatief budget |
periode |
|
Stadsontwikkeling |
Park Groot Schijn |
12 miljoen euro |
2016-2019 |
|
Stadsontwikkeling |
Berchem Station |
2,8 miljoen euro |
2016-2019 |
|
Stadsontwikkeling |
Bredabaan |
2,5 miljoen euro |
2015-2016 |
|
Stadsontwikkeling |
IJzerlaan |
12 miljoen euro |
2015-2018 |
|
Stadsontwikkeling |
Noordersingel - singelfietspaden |
2 miljoen euro |
2016-2017 |
|
AG VESPA |
Spoor Oost |
6 miljoen euro |
vanaf 2015 |
|
AG VESPA |
Kievit II |
2,7 miljoen euro |
2014-2018 |
|
AG VESPA |
Droogdokkenpark |
4,5 miljoen euro |
vanaf 2017/18 |
|
TOTAAL |
44,5 miljoen euro |
Daar deze lijst slechts een eerste inventarisatie van projectvoorstellen bevat, is het mogelijk dat de beslissing, timing of (co)financiering voor sommige projecten nog niet (volledig) rond is of zich nog in een vroeg stadium bevindt. Het oplijsten van projecten laat toe om van bij de eigenlijke start van het EFRO-programma, met het oog op de valorisatie van de EFRO-middelen 2014-2020, met de betrokken bedrijven per projectvoorstel te onderzoeken of de realisatie met hulp van EFRO-subsidies aangewezen is. De eigenlijke indiening gebeurt in het kader van de projectoproep die door het Agentschap Ondernemen zal gelanceerd worden en na verdere goedkeuring door het college.
In functie van invulling van de derde specifieke doelstelling 'socio-economische opwaardering van achtergestelde stedelijke buurten' zal de afdeling strategische coördinatie/fondsen onderzoeken of er naast de voorgestelde grote investeringsprojecten ook kleinschaligere werkingsprojecten in aanmerking komen. Naast stadsontwikkeling en AG VESPA zullen er wellicht ook nog andere bedrijven worden betrokken bij het EFRO-programma.
Ook in de komende EFRO-periode zal de afdeling strategische coördinatie/fondsen optreden als stedelijk contactpunt (als onderdeel van het programmasecretariaat). Vanuit het EFRO-budget voor technische assistentie zullen hiervoor middelen worden uitgetrokken. Ten slotte, wat betreft de selectie van projecten en de uitvoering van het EFRO-programma, zal stad Antwerpen net zoals in de afgelopen periode vertegenwoordigd worden in het Comité van Toezicht.
Het college keurt de ontwerplijst van projectvoorstellen die ingediend kunnen worden voor subsidiëring in het kader van de stedelijke prioreiteitsas van het EFRO-programma 2014-2020, goed.
Het college geeft opdracht aan:
| Dienst | Taak |
| SC/F | De indiening van projectvoorstellen in het kader va het EFRO-programma 2014-2020 te coördineren en de realisatie van de toegezegde subsidie-enveloppe te bewaken. SC/F zal hiervoor samenwerken met SW, AG VESPA en andere bedrijven die projectvoorstellen zullen indienen. |
| SW/SD | De timing en het budget van de voorgestelde projecten te bekijken en de projecten in te dienen voor EFRO-subsidie wanneer de opportuniteit zich voordoet. |
| AG VESPA | De timing en het budget van de voorgestelde projecten te bekijken en de projecten in te dienen voor EFRO-subsidie wanneer de opportuniteit zich voordoet. |