Artikel 43 §2, 12° van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat de gemeenteraad bevoegd is voor het stellen van daden van beschikking tot onroerende goederen. Het afsluiten van een erfpachtovereenkomst voor een duur van 50 jaar wordt beschouwd als een daad van beschikking.
|
Datum |
Jaarnummer |
Onderwerp |
|
15 december 2000 |
de Vlaamse regering keurde het Masterplan Mobiliteit Antwerpen (waaronder de projecten Leien fase 2 en tramlijn Ekeren) goed |
|
|
24 september 2010 |
|
de Vlaamse regering keurde het Masterplan 2020 (Bouwstenen voor de uitbreiding van het Masterplan Mobiliteit Antwerpen) goed, waarin:
|
|
23 september 2011 |
|
de Vlaamse regering besliste verder te werken aan Brabo 2. Ze keurde daarvoor het budget en de principes van de samenwerkingsovereenkomst Brabo 2 goed |
|
24 oktober 2011 |
1228 |
de gemeenteraad keurde de samenwerkingsovereenkomst Brabo 2 goed |
|
23 december 2011 |
|
de Vlaamse regering keurde de samenwerkingsovereenkomst Brabo 2 goed |
De samenwerkingsovereenkomst Brabo 2 die werd afgesloten tussen het Vlaamse gewest, de Vlaamse Vervoermaatschappij De Lijn, de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel en de stad Antwerpen bevat concrete afspraken omtrent de structurering van het project Brabo 2.
De stad Antwerpen heeft bij goedkeuring van deze samenwerkingsovereenkomst Brabo 2 (gemeenteraad van 24 oktober 2011, jaarnummer 1228), meer specifiek middels artikel 14.1 § 2 van deze samenwerkingsovereenkomst, haar akkoord verleend aan het principe om voor alle gedeelten van de gemeentewegen die betrokken zijn bij de realisatie van het tramgedeelte, een recht van erfpacht toe te kennen aan De Lijn, dit overeenkomstig artikel 191 van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005.
De opdracht Brabo 2
Het project Brabo 2 is een onderdeel van het Masterplan 2020 en bundelt een aantal projecten die het aanbod van het openbaar vervoer in de stad Antwerpen uitbreiden en de bijhorende stedelijke infrastructuur verbeteren. De opdracht Brabo 2 waarvoor de aanbestedingsprocedure werd aangekondigd in juni 2012, omvat de heraanleg van de Leien (inclusief Operaplein en Franklin Rooseveltplaats), de tramlijn naar Havanasite en de tramprojecten op het Eilandje.
Deze opdracht wordt onderverdeeld in drie onderscheiden maar nauw samenhangende luiken, met name:
De Vlaamse Regering heeft in haar beslissing van 14 december 2012 Brabo 2 erkend als een Vlaams PPS-project (een project van publiek-private samenwerking), en dit overeenkomstig artikel 2, 2° van het decreet van 18 juli 2003 betreffende publiek-private samenwerking.
De dBFM-overeenkomst voor het tramgedeelte
Voor de realisatie van de opdracht zal met toepassing van de overheidsopdrachtenreglementering (onderhandelingsprocedure) een private partner worden gekozen waarmee Lijninvest vervolgens een Special Purpose Vehicle (SPV) opricht. Deze SPV zal via een dBFM-overeenkomst (design, build, finance, maintain) onder meer belast worden met het ontwerp, de bouw en de financiering van het tramgedeelte, en vervolgens, de ter beschikkingstelling (en het onderhoud) ervan aan De Lijn voor een duur van 25 jaar.
Door middel van de dBFM-overeenkomst wordt door De Lijn aan de SPV een gebruiksrecht toegekend teneinde haar in staat te stellen het tramgedeelte te bouwen en realiseren. De Lijn zal voor de duur van de dBFM-overeenkomst, met name 25 jaar na de voorlopige oplevering van de werken, optreden als exploitant van het tramgedeelte.
Het vestigen van een erfpachtrecht voor de realisatie en exploitatie van het tramgedeelte
Met het oog op het door De Lijn aan de SPV toe te kennen gebruiksrecht, is het noodzakelijk dat De Lijn beschikt over een zakelijk recht op de gronden waarop het tramgedeelte wordt aangelegd en geëxploiteerd.
In voorliggende erfpachtovereenkomst geven de stad Antwerpen en De Lijn uitwerking aan voormeld principieel akkoord van erfpacht zoals opgenomen in artikel 14.1 § 2 van de samenwerkingsovereenkomst Brabo 2. Conform de samenwerkingsovereenkomst dient het recht van erfpacht uiterlijk op contractdatum van de dBFM-overeenkomst, momenteel gepland tegen april 2015, gevestigd te zijn.
De gedeelten van gemeentewegen waarop een erfpacht wordt gevestigd, zijn aangeduid op de plannen in bijlage aan voorliggende erfpachtovereenkomst.
Modaliteiten van de erfpachtovereenkomst
De voornaamste bepalingen van voorliggende erfpachtovereenkomst zijn de volgende:
Wet van 10 januari 1824 over het recht van erfpacht.
Artikel 191 van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 bepaalt dat gemeenten en autonome gemeentebedrijven, op voorwaarde van bijzondere en omstandige motivering, zakelijke rechten kunnen vestigen op openbare domeingoederen voor zover die rechten niet kennelijk onverenigbaar zijn met de bestemming van die goederen.
Het verlenen van een erfpachtrecht door de stad Antwerpen voor de aanleg en exploitatie van openbare vervoersinfrastructuur door De Lijn op gemeentewegen, is niet onverenigbaar met het karakter en bestemming van dit openbaar domein.
De gemeenteraad keurt eenparig het volgende besluit goed.
De gemeenteraad keurt de erfpachtovereenkomst goed tussen de stad Antwerpen, vertegenwoordigd door AG VESPA, en Vlaamse Vervoermaatschappij De Lijn, voor de gronden op gemeentewegen waarop deze laatste de aanleg en exploitatie van openbare vervoersinfrastructuur in het kader van het project Brabo 2 zal doen.
De financieel beheerder verleent zijn visum en regelt de financiële aspecten als volgt:
| Omschrijving | Bedrag | Boekingsadres | Bestelbon |
| Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn Motstraat 20 2800 Mechelen Ondernemingsnummer 0242.069.537 |
1,00 EUR jaarlijks gedurende de looptijd van de overeenkomst |
budgetplaats:5150500000 |
niet van toepassing |