Restwarmte is één van de weinige duurzame energiebronnen die massaal in Antwerpen voorradig is. Restwarmtevalorisatie via warmtenetten is gericht op het realiseren van wederzijdse winsten in de gehele waardeketen. Het is vanuit deze optiek dat de stad Antwerpen de afgelopen jaren een volwaardig lokaal warmtebeleid voert.
De gemeenteraad keurde op 22 september 2014 (jaarnummer 682) de overeenkomst met het consortium IVEG/ AWW/ Indaver/ Dalkia goed over de concessie voor openbare werken in de nutssectoren voor het ontwerp, de bouw en onderhoud van een warmtedistributienet, een warmtecentrale en warmteproductie voor Antwerpen Zuid, alsook de uitbating van het net en de warmtelevering.
Het college keurde op 12 december 2014 (jaarnummer 12677) het plan van aanpak voor de ontwikkeling van warmtenetten in Antwerpen Noord goed.
In uitvoering van het lokaal warmtebeleid stellen we echter vast dat het voor projectontwikkelaars en de installatiesector steeds moeilijker wordt om aan de steeds strenger wordende energieprestatieregelgeving (EPB) te voldoen wanneer zij een collectief gebouw voorzien van een collectieve verwarmingsinstallatie. Dit is toe te schrijven aan de systematische overschatting van systeemverliezen of juridische onzekerheid in de doorrekening van de fasering van een warmteproject binnen het EPB-rekenkader rond externe warmtelevering.
De collegiale brief aan de Vlaamse minister van energie kaart aan hoe de Vlaamse energieprestatieregelgeving het gevoerde Antwerpse warmtebeleid rond collectieve verwarming steeds vaker onder druk plaatst. Het college vraagt de minister hiervoor een integrale oplossing vanuit de Vlaamse overheid uit te werken en aan te geven op welke wijze en welke termijn deze gerealiseerd zal worden.
Het college keurt de collegiale brief over de berekeningsmethodiek van collectieve verwarming in de Vlaamse energieprestatieregelgeving gericht aan de Vlaams minister van energie, mevrouw Turtelboom, goed.