Samenstelling
Aanwezig
Bart De Wever, burgemeester;
Koen Kennis, schepen;
Philip Heylen, schepen;
Ludo Van Campenhout, schepen;
Claude Marinower, schepen;
Marc Van Peel, schepen;
Rob Van de Velde, schepen;
Nabilla Ait Daoud, schepen;
Fons Duchateau, schepen;
Roel Verhaert, stadssecretaris
Afwezig
Serge Muyters, korpschef
Secretaris
Roel Verhaert, stadssecretaris
Voorzitter
Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_09406 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - F.R.T. Belgium bvba, Rijnkaai 1-4, 2000 Antwerpen. Dossiernummer MV2014/388/AV - Goedkeuring
Motivering
Gekoppelde besluiten
2014_CBS_02328 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - F.R.T. Belgium bvba, Rijnkaai 14, 2000 Antwerpen. Dossiernummer AN2013/711/PV - Goedkeuring
Regelgeving: bevoegdheid
Artikel 36, 4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.
Aanleiding en context
Aanvrager(s): F.R.T. Belgium bvba - Luikstraat 8 bus 1 - 2000 Antwerpen. De aanvraag omvat het exploiteren van een brasserie en evenementenhal in een gebouw, waarin zich reeds een club bevindt.
Argumentatie
Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Juridische grond
Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijk inrichting mag exploiteren.
Besluit
Het college van burgemeester en schepenen beslist:
Artikel 1
Het college beslist de milieuvergunning klasse 2, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren aan F.R.T. Belgium bvba, Luikstraat 8 bus 1, 2000 Antwerpen, voor de exploitatie van een brasserie en evenementenhal, gelegen te 2000 Antwerpen, Rijnkaai 1-4, in een gebouw, waarin zich reeds een club bevindt.
Artikel 2
Het college beslist dat de exploitant de volgende bijzondere voorwaarden en brandweervoorwaarden dient na te leven:
- Bijzondere voorwaarden:
- volgens het brandweerverslag wordt de maximale bezetting van het gevraagde gedeelte van het gebouw als volgt samengesteld:
- Gelijkvloerse brasserie: 499 personen
- Restaurant +1: 192 personen
restaurant én glazen box bij gelijktijdig gebruik: 192 personen
restaurant zonder gebruik glazen box: 192 personen
glazen box zonder gebruik restaurant: 192 personen
- Evenementenhal gelijkvloers: 2 263 personen
- de exploitatie van de evenementenhal dient steeds te gebeuren met gesloten ramen en deuren;
- het sluitingsuur van de evenementenhal wordt in afwijking met de bepalingen van artikel 32.2.2§2 van Vlarem titel II gedurende 12 exploitatiedagen per kalenderjaar vastgesteld op 05.00 uur;
- bij grote evenementen zoals omschreven in de mobiliteitstoets organiseert de exploitant een shuttle-service;
- opmaak van een evenementenvervoersplan met scenario’s voor de verschillende types evenementen;
- de nodige fietsenstallingen voor personeel en bezoekers worden voorzien;
- er voor de nachtclub uitgegaan wordt van collectief parkeren op een locatie die de huidige en toekomstige bewoners zo min mogelijk stoort.
- Brandweervoorwaarden:
- Onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningsbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen opgelegd in het bouwdossier, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hierna vermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:
- Muurhaspels met axiale voeding (conform NBN EN 671-1) aangesloten via een aangepaste leiding op de openbare waterbedeling of ander gelijkwaardig voedingssysteem, dienen op oordeelkundig gekozen plaatsen opgesteld zodanig dat elk punt van de inrichting kan bespoten worden.
Hun aantal wordt zodanig bepaald dat de af te leggen afstand vanaf om het even welk punt tot het dichtst bijgelegen toestel niet meer bedraagt dan de lengte van de gebruikte haspels.
De haspels dienen gevoed met een leiding onder druk zodanig dat het debiet bij de minst bedeelde haspel gelijk is aan of groter dan 24 liter per minuut.
De leidingen voor bluswater dienen vervaardigd in staal of in een metaal dat minstens dezelfde waarborgen biedt.
De geplaatste muurhaspels dienen voorzien van een vergrendeling derwijze dat men het afsluitmondstuk niet kan verwijderen zonder het openen van een handbediende afsluiter op de watertoevoer.
De waterlevering moet te allen tijde, ook tijdens vorstperiode, gewaarborgd zijn.
- Snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - dienen aangebracht op volgende plaatsen:
- in de binnentrappenhuizen op iedere verdieping (inclusief kelder)
- in de nabijheid van elke muurhaspel
en verder doelmatig verdeeld over de inrichting tot men in totaal over 1 toestel per 150 m² beschikt.
- Snelblustoestellen van het type 5 kg CO2 - ½ bluseenheid conform NBN EN 3-7 - dienen in overtal aangebracht op volgende plaatsen:
- in de omgeving van elk belangrijk elektriciteitsbord
- nabij de toegang tot iedere liftmachinekamer, tenzij deze hydraulisch werkt.
- De inrichting dient uitgerust met een automatische branddetectie installatie, van het type algemene bewaking.
De automatische branddetectie installatie is ontworpen en uitgevoerd volgens de vigerende reglementen en normen, in het bijzonder de Belgische norm NBN S21-100.
De keuze van de detectoren is aangepast aan de aanwezige risico's en in functie van een snelle ontdekking van de brand.
De branddetectie installatie geeft automatisch een aanduiding van de brandmelding en de plaats ervan.
- In het gebouw dienen maatregelen genomen om melding van brand en alarm door te geven.
- De inrichting moet voorzien worden van veiligheidsverlichting, die onmiddellijk en automatisch in dienst treedt bij het uitvallen van de stroom.
Minimaal dienen armaturen aangebracht te worden boven elke uitgangsdeur, in alle evacuatiewegen (gangen en trappen), in de nabijheid van de brandbestrijdingsmiddelen en in alle lokalen die uitsluitend door kunstlicht bediend worden.
De veiligheidsverlichting dient verder uitgebreid te worden zodanig dat de plaatsing en de verlichtingssterkte voldoende is om een gemakkelijke ontruiming te waarborgen.
De veiligheidsverlichting moet tenminste gedurende 1 uur zonder onderbreking kunnen functioneren.
- De buitengelegen hoogspanningscabine moet voldoen aan de vigerende wetgeving.
- De toestellen dienen door de exploitant en onder zijn verantwoordelijkheid opgesteld derwijze dat zij ingeval van brand steeds bereikbaar zijn.
- Alle uitgangsdeuren moeten in de vluchtzin opendraaien ofwel tijdens de openingsuren van de desbetreffende functie permanent in open stand vergrendeld.
- Na de afwerking van het gebouw dient de bouwheer en/of exploitant de brandweer uit te nodigen in functie van een operationele verkenning.
Artikel 3
Het college beslist dat de milieuvergunning ingaat op 19 september 2014 en eindigt op 7 maart 2019, de einddatum van de lopende vergunning.
Artikel 4
Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.