De kinderboerderij in Wilrijk verzorgt sinds 1977 een recreatief aanbod naar een brede doelgroep van kinderen. De kinderboerderij biedt mogelijkheden die nog verder ontwikkeld en uitgebaat kunnen worden.
Het college besliste op 19 juli 2013 (jaarnummer 7260) AG VESPA de opdracht te geven op zoek te gaan naar een partner uit de sociale economie voor het beheer en de uitbating van de boerderij. Er werden onderhandelingen aangevat met de indiener van het beste voorstel tot uitbating. Deze geïnteresseerde partner stelde bij het einde van de onderhandelingen enkele uitgangspunten van de oproep in vraag, er kon uiteindelijk geen overeenkomst bereikt worden.
Op 22 november 2013 (jaarnummer 11882) gad het college de opdracht aan AG VESPA om deze onderhandelingen formeel af te sluiten en een nieuwe open oproep voor een externe beheerder te plaatsen voor de uitbating van een zelfbedruipende boerderij en het beheer en het onderhoud van het patrimonium. Deze oproep houdt minder voorwaarden in vanuit de stad Antwerpen dan de vorige oproep en wordt gericht aan een bredere groep geïnteresseerden dan enkel de sociale economiebedrijven.
AG VESPA overlegde met vertegenwoordigers van het kabinet van de schepen voor jeugd, leefmilieu, dierenwelzijn en kinderopvang, van het district Wilrijk, van de bedrijfseenheid stadsontwikkeling /energie en milieu/ecohuis en van de bedrijfseenheid stadsbeheer/gebouwen/huisvesting over de verdere uitwerking van de biedingvoorwaarden en de concessievoorwaarden.
Het college nam op 31 januari 2014 (jaarnummer 887) kennis van de biedings- en concessievoorwaarden voor de uitbating van de kinderboerderij te Wilrijk. In 2014 en 2015 baat de stad Antwerpen de kinderboerderij nog in eigen beheer uit. De concessieovereenkomst zal uiterlijk eind 2015 ingaan, maar op vraag van en in overleg met de concessiehouder kan de concessie eventueel vroeger ingaan. De aangeduide concessiehouder en AG VESPA kunnen afspraken maken over een stage in de loop van het jaar 2015. Dit laat de concessiehouder toe enige ervaring op te doen. De concessie wordt toegestaan voor een termijn van minimum 18 jaar; in overleg met de concessiehouder kan een langere termijn worden vastgesteld, met de mogelijkheid tot verlenging aan de op dat ogenblik te bepalen voorwaarden.
De concessiehouder krijgt het goed in concessie voor uitbating conform het conceptvoorstel dat hij indiende bij zijn kandidaatstelling. Dit conceptvoorstel moet kaderen binnen volgende uitgangspunten.
De stad Antwerpen beschikt voor de uitbating van de kinderboerderij over een milieuvergunning klasse 2 (geldig tot 10 oktober 2022). De stad Antwerpen zal deze vergunning overdragen aan de concessiehouder. De concessiehouder respecteert de teeltadviezen van de Bodemdeskundige Dienst van België.
De concessiehouder staat in voor alle binnen- en buitenwaartse onderhouds- en herstellingswerken, niets uitgezonderd, met inbegrip van het eigenaarsonderhoud, ook al is dit het gevolg van ouderdom, slijtage en overmacht.
Voorstellen kunnen op individuele basis of in de vorm van een samenwerkingsverband of consortium van partners ingediend worden. AG VESPA zal een concessieovereenkomst afsluiten met één contractspartij.
De voorstellen van de verschillende kandidaten worden beooordeeld aan de hand van volgende beoordelingscriteria.
Elke kandidaat moet op elk van de criteria minstens de helft van de punten behalen.
Op 16 mei 2014 werden volgende vijf biedingen opgenomen in het proces-verbaal van de opening van de biedingen.
De jury overlegde over de inhoudelijke beoordeling van alle voorstellen. De jury was samengesteld uit vertegenwoordigers van de bedrijfseenheid stadsontwikkeling /energie en milieu/ecohuis, het district Wilrijk, de bedrijfseenheid stadsbeheer/patrimonium/huisvesting en AG VESPA.
Naar aanleiding van het juryverslag opgemaakt na het eerste nazicht van de biedingen gaf het directiecomité van AG VESPA na akkoord van de bedrijfseenheid stadsontwikkeling/energie en milieu/ecohuis en op basis van de in het verslag opgenomen motivering in zitting van 7 juli 2014 de opdracht om met drie kandidaten verder te onderhandelen.
De inhoudelijke beoordeling resulteerde uiteindelijk in een rangschikking van de ingediende voorstellen. De beoordeling werd genotuleerd in een juryverslag. De inhoudelijke beoordeling van de verschillende voorstellen leidde tot volgende rangschikking.
|
|
|
Conceptvoorstel 30 % |
Ervaring 20 % |
Financieel 50 % |
Totaal |
|
1 |
Greenmarx bvba |
25/30 |
16/20 |
40/50 |
81/100 |
|
2 |
Quadrum Real Estate bvba |
14/30 |
10/20 |
23/50 |
onvoldoende |
|
3 |
Lies Van Daal |
24/30 |
14/20 |
30/50 |
68/100 |
|
4 |
Het Rekreatief vzw |
20/30 |
12/20 |
32/50 |
64/100 |
|
5 |
Filip Mertens |
10/30 |
8/20 |
10/50 |
onvoldoende |
De jury stelt dan ook voor om een concessie voor de uitbating van de kinderboerderij af te sluiten met Greenmarx bvba.
In haar voorlopige conclusie wees de jury op enkele aandachtspunten in het voorstel: het educatieve luik, de lokale inbedding, de taken van de vrijwilligers en het kleine dierenbestand. De jury stelt voor deze aandachtspunten mee te nemen in de onderhandelingen over de af te sluiten concessieovereenkomst en waar mogelijk het project van Greenmarx nog te versterken.
De jury stelt voor het ‘commitment tot integratie en aggregatie’ zoals door Greenmarx bvba zelf aangeboden in haar mail van 5 september 2014 expliciet als inspanningsverbintenis in de af te sluiten concessieovereenkomst op te nemen.
Artikel 9 en 56 van de samenwerkingsovereenkomst afgesloten tussen de stad Antwerpen en AG VESPA en de volmacht verleend aan AG VESPA voor het stellen van rechtshandelingen in verband met het beheer van onroerende goederen van de stad Antwerpen.
Het college neemt kennis van het juryverslag over het eerste nazicht van de biedingen, van het vervolgverslag met eindconclusie en van de toewijizing van de concessie voor uitbating van de kinderboerderij te Wilrijk aan Greenmarx bvba.
Het college geeft opdracht aan
| Dienst | Taak |
| AG VESPA |
Opmaken van een concessieovereenkomst met Greenmarx bvba en daarbij:
|