Het bestuursakkoord 2013-2018 ‘Respect voor A’ stipuleert in punt 228 een belangrijke nieuwe doelstelling ter versterking van de economische structuur: 'Spinoffs en pilootbedrijven krijgen alle kansen om te gedijen en door te groeien. Stad Antwerpen ondersteunt hier alle initiatieven en gaat op zoek naar geschikte ruimte voor deze bedrijven.’ Dat punt werd vertaald in een ambitieus economisch meerjarenprogramma om Antwerpen veel sterker te positioneren en uit te bouwen als een innovatieve business stad. De uitbouw van een zogenaamd ecosysteem voor startende tech- en it-ondernemingen zit in het speerpunt van het nieuwe, economische beleid: Antwerpen, Open voor Business. Maar ook het verhogen van het aantal starters in andere innovatieve sectoren is een prioritaire taak. Het hoger onderwijs moet dat ondernemerschap mee stimuleren. Meer starters moeten succesvol doorgroeien en internationaliseren. Antwerpen moet de springplank zijn voor de nieuwe generatie van entrepreneurs die in connectie staan met andere grote startupcities zoals Berlijn, Amsterdam, Haifa/Tel Aviv, Londen en New York.
In alle grote startupcities is er een stevige synergie tussen (hoger) onderwijs, onderzoeksinstellingen, innovatieve ondernemers, mentors, investeerders (business angels en venture capitalists) en overheid. De overheid is hierbij niet enkel een fijnmazige matchmaker die partijen bij elkaar brengt, maar ook een hele belangrijke investeerder door mee infrastructuren ter beschikking te stellen waar dat ondernemerschap gedijt. In alle grote startupcities zorgt het lokale bestuur voor investeringen in gepaste infrastructuur, in betaalbare ruimte om te ondernemen.
In Antwerpen is Idealabs een knap voorbeeld van een business hub waar startups gedijen. Idealabs is een echte incubator die de link legt tussen hoger onderwijs, startups, investeerders en – ook heel belangrijk – grote bedrijven (corporates). De link tussen kleine starters en grote bedrijven leidt tot innovaties die écht verschil maken op wereldschaal. Daarom – zo stelt ook Business Insider, de grootste business internetkrant ter wereld in een recent nummer - ligt de toekomst in de verbinding van incubatoren voor startups met de uitbouw van zogenaamde verticale acceleratoren.
Antwerpen kan daar het komende jaar echt mee onderscheidend vermogen opbouwen. Dankzij een doelgericht stedelijk ondersteuningsbeleid voor tech en andere innovatieve business. Dat beleid omvat onder meer ondersteuning via digitale dienstverlening en digitale communicatie (valorisatie van A-stad voor ondernemers), ondersteuning bij matchmaking in business, het mee investeren in een heus vlaggenschip gebouw, het ter beschikking stellen van betaalbare ruimte om te ondernemen en het mee faciliteren - in publiek private samenwerking - van voldoende financiering voor startups en jonge ondernemingen.
Antwerpen heeft belangrijke troeven in de innovatieve economie. Het collegebesluit van 13 mei 2014 (jaarnummer 5262) formuleert vijf projecten die instrumenteel kunnen zijn in het valoriseren van deze troeven; in meerwaarde creëren voor de Antwerpse startups:
1. Memory of Understanding (MoU)
Er komt een partneroverleg met iMinds, Start it@KBC, Telenet IdeaLabs en Universiteit Antwerpen. Dit overleg wordt geformaliseerd in een Memory of Understanding (MoU). Gezamenlijke initiatieven worden ontwikkeld om ondernemerschap en innovatie in Antwerpen te stimuleren. In een sfeer van co-competitie wordt samengewerkt om twee concrete doelen te bereiken.
1. Groeiende instroom van innovatieve en tech ondernemers in Antwerpen verzekeren:
2. Groeiend aantal succesvolle startups afleveren:
Door in te zetten op verbreding van de basis en op een betere begeleiding van onze top groeibedrijven, willen de partners Antwerpen tot een innovatieve startuphub maken met internationale aantrekkingskracht. De samenwerking manifesteert zich aan de basis (instroom) en aan de top (internationale groei) van het ecosysteem. Het veld van incubatie, acceleratie en business development is voorwerp van onderlinge concurrentie.
Stad Antwerpen zal een faciliterende rol spelen, zowel op vlak van communicatie, locatievoorzieningen, eventorganisatie als op het vlak van financiering van internationale missies.
Partnerschap: Antwerps Startup Platform
Het ecosysteem voor startup ondernemers in Antwerpen steunt op het Startup Platform: een soepel partnerschapmodel van incubatoren, onderwijsinstanties en overheid.
De vijf founding partners verbinden zich ertoe mee te werken aan de doelen van het startup platform. Het partnerschap moet er voor zorgen dat het geheel meer is dan de som van de delen. Daarom zal er ook een ‘gemeenschappelijke agenda’ zijn.
Het partnerschap is geen momentopname maar een flexibel samenwerkingsverband dat oog heeft voor groei en communicatie. Tussen de verschillende spelers moet uitwisseling mogelijk zijn, maar ook concurrentie.
Dat model is niet restrictief. De founding partners zoals hieronder vermeld kunnen aangevuld worden met members, mits unanieme goedkeuring van de founding partners.
Agenda
Volgende stappen
Op 2 oktober 2014 zal deze MoU geformaliseerd worden in een eerste formeel partneroverleg. De definitieve tekst zal vervolgens ter goedkeuring voorgelegd worden aan het college.
2. Een concreet businessplan voor de vestiging van een nieuwe maakfabriek (TechShop)
Stad Antwerpen onderzocht de haalbaarheid van een TechShop in Antwerpen. Omdat een TechShop naar Amerikaans model financieel niet meteen haalbaar blijkt, zijn andere pistes onderzocht om een ‘shared service center’ te realiseren waar productontwikkelaars, entrepreneurs, KMO’s, studenten, kunstenaars en wetenschappelijk onderzoekers gedeeld gebruik kunnen maken van de laatste innovatieve machines en apparatuur.
Shared Service Center
er zijn in Antwerpen 3 concrete voorstellen van verschillende partijen:
Met uitzondering van de Fablab, dat kleinschaliger is en zich richt op het secundair onderwijs, hangt de slaagkans van de andere concepten sterk af van een engagement van het hoger onderwijs. De kritische massa van gebruikers en/of beschikbare infrastructuur moet immers voor een groot deel van hen komen. Na bilaterale gesprekken met de hoger onderwijsinstellingen, nam de Associatie van Universiteit en Hogescholen Antwerpen (AUHA) het voortouw om hierover een gezamenlijk standpunt te formuleren. De AUHA onderzoekt momenteel de haalbaarheid en eventuele verenigbaarheid van de verschillende voorstellen, alsook welke rol zij hierin kan opnemen. Eind september maakt de AUHA haar voorstel over aan de stad.
Locatie
Naast het inhoudelijk verkennen van verschillende businessmodellen, nam de stad initiatief om een geschikte locatie te zoeken voor de uitbouw van een makerspace in Antwerpen. Welk model men ook verkiest, dit project vereist immers een locatie die aan specifieke noden voldoet: grootte (minimaal 1.000m²) draagkracht vloer, industriële uitstraling, mogelijkheid tot a-box-in-a-box opstelling, nabijheid (technisch) hoger onderwijs,… De WDT loods in Park Spoor Noord beantwoordt sterk aan deze behoeften en geniet daarom nog steeds de voorkeur van alle betrokken partijen. De stad onderzoekt nu de mogelijkheid om 1.500m² van de parkloods of een deel van de ruimte in de parkloods op Spoor Noord toe te kennen aan dit project. De oplevering van een concreet businessplan is voorzien voor oktober 2014.
3. Stad Antwerpen ondersteunt Telenet IdeaLabs voor de herinrichting van de huidige ruimte
Op 24 september 2014 is de eerste verdieping van de Telenet Idealabs Accelerator officieel in gebruik genomen. De inrichting werd volledig vernieuwd met middelen uit het programma Economie en het programma Werk. Doelstelling was om innovatieve bedrijven, creatieve ondernemers en sociale-economie-bedrijven te laten samenwerken binnen een gemeenschappelijk project.
In minder dan 3 maanden zijn deze partijen erin geslaagd om een inspirerende bedrijfsomgeving te creëren dat als centraal ankerpunt zal dienen voor de geselecteerde startup-bedrijven van de Telenet Idealabs Accelerator. Het verbinden van deze drie ondernemersdoelgroepen uit de meerjarenplanning geeft een duidelijke complementariteit aan die in de nabije toekomst kan resulteren in nieuwe zakelijke opportuniteiten. De volgende stap is om na te gaan welke aspecten van dit samenwerkingsproces toegepast kunnen worden binnen een breder werkveld om deze sectoren blijvend te versterken. In afwachting heeft Antwerpen er alvast een inspirerende zakelijke microkosmos bij.
4. Een businessplan voor de vestiging van een echte ‘startupvillage’ in de Lange Gasthuisstraat 29
Er werden gesprekken gevoerd met Telenet Idealabs, dat een businessmodel uitwerkte om het gebouw aan de Lange Gasthuisstraat 29 volledig uit te baten. Telenet Idealabs liep daarbij echter tegen een aantal beperkingen aan. Ook werden er door andere spelers in de startup scène vragen gesteld bij het toewijzen van het gebouw aan één partij.
Ondernemen en stadsmarketing | Werk en Economie is een onderzoek gestart naar de haalbaarheid van een startupvillage in de Lange Gasthuisstraat 29 die open staat voor verschillende partijen. Er werd een businessmodel uitgewerkt dat momenteel verder formeel afgetoetst en verfijnd wordt.
Ondernemen en stadsmarketing | Werk en Economieen AG Vespa voeren gesprekken met interne en externe partners om de haalbaarheid te verzekeren. Een sluitend businessplan, waarbij ook rekening wordt gehouden met de inbreng van sociale economie, wordt in oktober 2014 in een apart ontwerpbesluit aan het college voorgelegd.
5. Onderzoek naar de haalbaarheid van een financieringsfonds gericht op pre-seedfunding
In augustus 2014 voerde ondernemen en stadsmarketing | Werk en Economie, een marktbevraging uit om de wenselijkheid van de oprichting van een eigen financieringsfonds te onderzoeken. In bijlage is een ruimere nota toegevoegd.
Volgende organisaties werden gesproken: BAN (Business Angels Netwerk) Vlaanderen, Sniper Investments en Nausicca Ventures, Qbic, Gimv, Ackermans & van Haaren en tenslotte iMinds. Als probleemstelling in de gesprekken werd er uitgegaan van twee “equity gaps”, een tekort aan kapitaal voor de vraag van bedrijven in de early stage (participaties tot 50.000,00 EUR) en een tekort aan kapitaal voor de vraag van bedrijven in de groeifase (participaties van 250.000,00 EUR tot 400.000,00 EUR).
Early stage
Over deze equity gap waren niet alle gesprekspartners het eens. Niet elke startup verdient het immers om zomaar kapitaal te krijgen. Daarenboven is de markt sterk in beweging en dichten bestaande corporate venturing activiteiten (bvb. Telenet) steeds meer de gaten.
Er zijn tal van problemen bij early stage:
Groeifase
Over de equity gap in de groeifase bestond meer eensgezindheid, maar de conclusies van de gesprekspartners luidden dat veel middelen nodig zijn (30-40 mio EUR) om een succesvol financieringsfonds op te richten. Daarenboven gelden een aantal van hoger genoemde problemen bij early stage ook hier: het risico op onvoldoende selectiviteit en gebrek aan continuïteit bij het management.
Conclusies onderzoek financieringsfonds
Het financieringsfonds voor de groeifase is niet haalbaar vanwege de omvang van het fonds. Early stage is wel haalbaar, maar niet wenselijk omdat de markt niet eensgezind is dat de bestaande initiatieven ontoereikend zijn. Er zal voor verdere financiële opvolging van de dossiers ook extra fondsen nodig zijn. De gevaren voor de oprichting van een financieringsfonds in early stage zijn: te weinig selectiviteit, onvoldoende sterk management, negatieve exposure bij mislukkingen (9 op de 10).
Uit de marktbevraging kwam ook - spontaan – de expliciete vraag om als overheid in te zetten op betaalbare aangeboden locaties voor starters en groeibedrijven. Locatie is voor bedrijven in de early stage en voor groeibedrijven heel belangrijk.
Het college neemt kennis van de voortgangsrapportage rond de uitbouw van een startupvillage.