Artikel 43 van het Gemeentedecreet stelt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de beslissingen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in instellingen, verenigingen en ondernemingen.
De vzw Antwerps Drug Interventie Centrum (ADIC) is een psychosociaal revalidatiecentrum voor problematische druggebruikers met als belangrijkste doel deze druggebruikers te behandelen om hen zo volledig mogelijk maatschappelijk te reïntegreren. De vzw bestaat ondertussen ruim 25 jaar en kan zich dan ook een gevestigde waarde noemen binnen de Antwerpse drughulpverlening.
Er wordt aan de gemeenteraad voorgesteld om raadslid Kevin Vereecken af te vaardigen namens de stad Antwerpen in de algemene vergadering van vzw ADIC.
Er wordt aan de gemeenteraad voorgesteld om raadslid Kevin Vereecken en dokter Serge Coopman voor te dragen namens de stad Antwerpen in de raad van bestuur van vzw ADIC.
Artikel 4 van de statuten van vzw ADIC bepaalt dat het aantal leden tenminste zes bedraagt. De stad Antwerpen kan leden voordragen.
Artikel 5 stelt dat elk lid zijn/haar hoedanigheid verliest wanneer hij/zij zijn/haar hoedanigheid verliest van mandataris van de instelling die hem of haar voordraagt. Elk lid kan zich laten vertegenwoordigen op de vergaderingen door een gevolmachtigde derde.
Artikel 10 bepaalt dat het aantal leden van de raad van bestuur tenminste zes bedraagt. Bestuurders worden verkozen voor een termijn van zes jaar.
De gemeenteraad beslist om Kevin Vereecken af te vaardigen namens de stad Antwerpen in de algemene vergadering van het Antwerps Drug Interventie Centrum, en dit tot het einde van de legislatuur.
De gemeenteraad beslist om Kevin Vereecken voor te dragen namens de stad Antwerpen in de raad van bestuur van het Antwerps Drug Interventie Centrum, en dit tot het einde van de legislatuur.
De gemeenteraad beslist om Serge Coopman voor te dragen namens de stad Antwerpen in de raad van bestuur van het Antwerps Drug Interventie Centrum, en dit tot het einde van de legislatuur.
De gemeenteraad beslist dat de stadsafgevaardigden, bij het uitoefenen van de verplichtingen verbonden aan de afvaardiging, steeds het bestuursakkoord als uitgangspunt moeten nemen en waar nodig dienen te overleggen met het college.