Terug

2014_CBS_09910 - Patrimonium bestuurszaken. Grote Markt 1. Antwerpen. Stadhuis - Viering 450 jaar stadhuis. Restauratie Mustel harmonium - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 26/09/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_09910 - Patrimonium bestuurszaken. Grote Markt 1. Antwerpen. Stadhuis - Viering 450 jaar stadhuis. Restauratie Mustel harmonium - Goedkeuring 2014_CBS_09910 - Patrimonium bestuurszaken. Grote Markt 1. Antwerpen. Stadhuis - Viering 450 jaar stadhuis. Restauratie Mustel harmonium - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Volgens artikel 57, § 3, 1° van het Gemeentedecreet is het college bevoegd voor de daden van beheer over de gemeentelijke inrichtingen en eigendommen.

Aanleiding en context

In zitting van 17 januari 2014 met jaarnummer 00455 keurde het college van burgemeester en schepenen de principebeslissing goed voor het opstarten van een masterplan voor het stadhuis. Het masterplan omvat diverse deelprojecten uit het bestuursakkoord 2013-2018 die onder één noemer worden samengebracht met als doel deze als een geheel te behandelen en naadloos op elkaar af te stemmen:

  • herwaardering stadhuis;
  • realisatie lichtplan Grote Markt en omgeving;
  • feestjaar 2015: realisatie van een feestcampagne, tentoonstelling en evenementen rond het 450-jarig bestaan van het stadhuis, uitgave van een monografie en handzaam boekje over het stadhuis en zijn bewoners door de eeuwen heen.

Op 26 september 2007 werd het Mustel harmonium, in het stadhuis geplaatst in 1898, herontdekt achter een kast in het kleine kamertje dat zich op de tussenverdieping naast de trouwzaal bevindt, net achter het schilderij van ‘Het huwelijk bij de Oude Belgen’. Het is uitzonderlijk dat het instrument nog op zijn originele plaats staat en dat de originele factuur nog bewaard is.

Documenten uit het stadsarchief met betrekking tot het Mustel harmonium leren ons het volgende.

Het oudste document in het dossier dateert van 12 september 1898: toen besliste het college van burgemeester en schepenen om in te gaan op het voorstel van de heer Van Kuyck, toenmalig ambtenaar van de burgerlijke stand, om een harmonium aan te kopen. Er werd een krediet van 4.000 BEF vrijgemaakt voor de aankoop van het harmonium.

Het volgende document, gedateerd op 11 oktober 1898, legde vast dat voor huwelijken op bijzondere dagen (buiten de vaste dinsdag en zaterdag) 15 BEF moest worden betaald, en men ging er daarbij van uit dat dit jaarlijks 500 BEF inkomsten zou opleveren. De uitgaven voor de organist bedroegen jaarlijks 350 BEF voor orgelspel op de gewone dagen, en 5 BEF voor buitengewone dagen. Uit dit document komen we ook te weten dat Karel Gras (1875-1936) de toenmalige organist-harmoniumspeler was: hij was een leerling van kathedraalorganist Joseph Callaerts en de vader of oom (daarover bestaan tegenstrijdige verklaringen) van dirigent Léonce Gras.

Op 24 oktober 1898 ontving het college de volgende factuur vanwege Louis Anthonis, een pianohandelaar uit de Antwerpse Rue d’Aremberg 27 (sic): "Pour livraison à l’Hôtel de Ville d’un harmonium Mustel modèle 5, caisse en chêne ciré, clavier transpositeur. 3800 fr.  Douane  200 fr. “ Het model 5 was in 1898 een kerkharmonium met transpositieklavier en zonder 'percussion': dat wil zeggen dat het klavier op een andere toonhoogte kon verplaatst worden en dat er geen systeem was om de metalen 'tongen' (die de klank veroorzaken) snel in actie te slaan. Dit in tegenstelling tot het "harmonium d’art" - het beroemdste, beste en duurste model van Mustel - dat wel 'percussion' maar geen transpositieklavier had.

Het instrument werd intens gebruikt, zo valt af te leiden uit een factuur voor reparaties aan het harmonium, uitgevoerd door Louis Anthonis in mei 1907.

Op 17 december 1919 komt Antoon Brees voor het eerst met zekerheid in beeld: hij deelt aan de bevoegde schepen mee dat het harmonium dringende herstellingen nodig heeft, en hij tekent met "organist der Trouwzaal". Het college laat er geen gras over groeien en al op 24 december 1919 antwoordt P. Anthonis (waarschijnlijk de zoon en opvolger van pianohandelaar Louis Anthonis) (sic): "Gevolg gevende aan uw aanvraag heb ik den harmonium van de Trouwzaal nagezien. Buiten verschillende gebreken welke men op het eerste zicht kan bemerken, zijn er andere, welke voor het goed behoud van de harmonium nadeelig zijn. Het speeltuig moet geheel nagezien worden." De prijs van deze reparatie wordt door Anthonis geschat op 300 BEF, aangevuld met transportkosten en de huur van een vervanginstrument; midden februari 1920 is het weer hersteld. Het is mogelijk dat Brees in december 1919 nog niet zo lang aan zijn opdracht bezig was en dat hij, mede door de oorlogsperikelen, het instrument in niet al te beste staat had aangetroffen.

In september 1925 vertrok Antoon Brees naar de Verenigde Staten.

In maart 1929 was er een nieuwe (en voorlopig onbekende) organist met de naam Cuykens, die het college adviseerde om het harmonium na te kijken (sic): "Ingevolge van het advies van den heer Cuykens, orgelist, dient worden nagezien 1° het dubbel klavier, 2° 4 spelen (registers), 3° de verbinding om de spelen voor te bereiden. Bovendien moet het harmonium gestemd worden." Deze werken gebeurden ook inderdaad, maar een jaar later moest het harmonium opnieuw worden gerepareerd, en de kosten liepen tamelijk hoog op.

Op 6 juni 1933 verscheen in de Gazet van Antwerpen het volgende veelzeggende bericht (sic):"Belachelijk ! Burgemeester Huysmans heeft zijn excentriek gedacht toch doorgedreven en het orgelspel in de Trouwzaal vervangen door pick-updeuntjes. Als dat de trouwplechtigheden moet opluisteren en den kunstzin moet bevorderen, dan weten wij er alles van! We meenden te weten, dat heer Huysmans, die al maanden met een pick-up in zijn karakteristieken kop liep, op veel tegenstand aanbotste, maar hij heeft getoond dat zijn wil hetzelfde is als wet, en dat de anderen niets in de pap te brokken hebben. Maar om dat te toonen heeft hij waarlijk een slecht onderwerp gekozen. Wanneer wordt de pick-up vervangen door een straatorgeltje?"

Op 7 december 1933 werd er een pick-uptoestel met toebehoren aangekocht ter waarde van 13.264 BEF. Het harmonium bleef nog wel in gebruik, maar niet voor lang: het laatste document waarin sprake is van een vergoeding voor de organist, dateert van 25 november 1935, en daarin wordt de post vermeld onder: Lijst der vergoedingen voor buitengewone werkzaamheden van toevallige aard (sic):"… Diensten van de orgelist der Trouwzaal bij huwelijken met luister: 30 fr."

Het is aannemelijk dat het harmonium vanaf 1935 langzaamaan in onbruik is geraakt tot het, meer dan 70 jaar later, op 26 september 2007 herontdekt werd.

Argumentatie

In 2008 werd door de stedelijke diensten onderzoek verricht naar de staat van het instrument en offerte gevraagd aan specialisten-restaurateurs. De door verschillende experten weerhouden offerte bedroeg 13.800,00 EUR, exclusief btw. De inhoud van deze offerte betrof een grondige restauratie met de nadruk op de reiniging van alle ‘binnen’onderdelen en het vervangen van verschillende lederen onderdelen zoals de lederafsluiters van de windkanalen en delen van het leder van de schokbalgen. Uiteindelijk werd de restauratie niet uitgevoerd en staat het instrument er nog steeds bij zoals het in 2007 werd teruggevonden. Zeker is dat, indien het instrument niet grondig gecontroleerd, gereinigd en hersteld wordt, de kans groot is, dat het bij een nieuwe bespeling ‘kapot’ wordt gespeeld.

Redenen die pleiten voor een restauratie:

  • het harmonium zelf is niet uniek te noemen. Er bestaan mooiere en beter bewaarde voorbeelden van Mustel harmoniums. Het houtwerk is nog in goede staat. Van het binnenwerk zullen er originele stukken moeten vervangen worden (vooral het leder dat erg geleden heeft door de 70 jaren non-onderhoud). Wegens de niet-uniekheid weegt het onomkeerbare aspect van de restauratie niet zwaar door. De originele stukken die worden verwijderd kunnen worden geïnventariseerd, gelabeld en bewaard bij de cel Behoud en Beheer;
  • het harmonium is contextueel wél uniek en zou opnieuw een plaats kunnen innemen in het collectief geheugen van de Antwerpenaar na een gat van 70 jaar. Het opnieuw bespeelbaar maken geeft een uniek en historisch cachet aan toekomstige trouwerijen en kan voor het feestjaar 2015 een eye- én earcatcher op een magische plek in het stadhuis worden;
  • het is ten stelligste af te raden dat het harmonium in de huidige staat waarin het zich bevindt, wordt bespeeld. Experten geven mee dat zonder restauratie van het binnenwerk, elke poging tot het bespelen van het instrument de interne beschadigingen exponentieel doet toenemen. Men kan het harmonium dus wel bewaren in de staat waarin het zich bevindt maar men mag het dan niet meer bespelen;
  • experten geven mee dat rekening moet worden gehouden met het huidige binnenklimaat. Loggeruitslagen wijzen op een sterk schommelende relatieve vochtigheidsgraad. Deze kan niet worden gestabiliseerd zonder ook de trouwzaal te klimatiseren en af te sluiten van de andere zalen. In het licht van de totaalrestauratie moet de oefening tot vochtigheidsregularisatie mee worden genomen in het totale klimaatconcept van het masterplan. Wel kan geopteerd worden dat het instrument na restauratie op regelmatige tijdstippen wordt gecontroleerd en een logboek van het schadebeeld en eventuele herstellingen systematisch wordt bijgehouden. Na het feestjaar 2015 kan worden bekeken of het harmonium eventueel, in afwachting van de totaalrestauratie van het gebouw, kan worden verplaatst naar een klimatologisch stabielere ruimte of kan worden gemanipuleerd zodanig dat het minder hinder ondervindt van het heersende klimaat.

Redenen die pleiten tegen een restauratie:

  • de kostprijs van de restauratie. In 2008 werd het harmonium grondig onderzocht en werden offerten opgevraagd. De op advies van de experten weerhouden offerte bedroeg 13.800,00 EUR exclusief btw;
  • de onzekerheid over de reactie van het gerestaureerde orgel op het bestaande binnenklimaat en op de regelmaat van bespeling. Een conscientieuze opvolging hiervan is aangewezen;
  • de prijs per speeluur kan oplopen tot 200,00 EUR per uur voor een professionele organist.

Rekening houdend met het feestjaar 2015, met de opportuniteit om op dat moment het harmonium in zijn unieke context uit de 70-jarige vergetelheid terug nieuw leven in te blazen, met het feit dat de onomkeerbaarheid van de ingrepen slechts op enkele delen van het object van toepassing is, met de mogelijkheid om het bespelen van het harmonium te integreren binnen gidsbeurten, officiele ontvangsten en/of trouwerijen, adviseert de bedrijfseenheid stadsbeheer om een prijsvraag naar specialisten restaurateurs te lanceren voor de realisatie van zowel de exterieur- als de interieurrestauratie.

Beleidsdoelstellingen

7 - Sterk bestuurde stad
De burgers, bezoekers en partners van Antwerpen genieten van een vereenvoudigde stedelijke administratie
De Antwerpenaar staat dicht bij een transparante administratie
De Antwerpenaar erkent het stadhuis als huis van de stad

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt goed dat zowel het exterieur als het interieur van het Mustel harmonium in het stadhuis worden gerestaureerd.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Artikel 3

Het college geeft opdracht aan:

Dienst Taak
CS er voor zorgen dat het harmonium na restauratie regelmatig wordt bespeeld