Terug

2014_CBS_09771 - Cultuur - Kunstenbeleid. Subsidiereglementen "Impulssubsidies" en "Kunst maakt de Stad" - Beroepsprocedure - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 26/09/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_09771 - Cultuur - Kunstenbeleid. Subsidiereglementen "Impulssubsidies" en "Kunst maakt de Stad" - Beroepsprocedure - Goedkeuring 2014_CBS_09771 - Cultuur - Kunstenbeleid. Subsidiereglementen "Impulssubsidies" en "Kunst maakt de Stad" - Beroepsprocedure - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Ingevolge de reglementen 'Impulssubsidies' en 'Kunst maakt de Stad' is het college bevoegd om subsidies toe te kennen, na een gemotiveerd advies van de adviescommissie.

Bij niet toekennen van de subsidie kan een gemotiveerd beroep worden ingediend bij het college dat hierover een door de adviescommissie gemotiveerde beslissing neemt.

Aanleiding en context

Het Antwerpse kunstenbeleid beoogt een kwaliteitsvol, hedendaags kunstenbeleid te zijn, waarbij artistieke relevantie en kwaliteit centraal staan. Het is complementair met het kunstenbeleid van de Vlaamse overheid. In functie van die complementariteit werden twee subsidiereglementen opgesteld. 

Op 21 oktober 2013 (jaarnummer 640) keurde de gemeenteraad de subsidiereglementen "Impulssubsidies" en "Kunst maakt de Stad" goed.

Op 22 november 2013 (jaarnummer 11446) keurde het college de samenstelling van de adviescommissie voor de subsidiereglementen "Impulssubsidies" en "Kunst maakt de Stad" goed. Deze reglementen bieden de betrokken culturele organisaties de mogelijkheid tegen het advies van de beoordelingscommissie beroep aan te tekenen.

Op 28 en 30 april 2014 besprak de adviescommissie de subsidieaanvragen die in het kader van deze reglementen voor de tweede helft van 2014 werden ingediend. Op 4 juli 2014 (jaarnummer 06991) keurde het college van burgemeester en schepenen het verslag van de adviescommissie goed.

Tegen het door het college op 4 juli 2014 (jaarummer 06991) goedgekeurde advies tekenden drie organisaties beroep aan:

  • Theater aan de Stroom vzw (project "Sol-e-tude", ingediend in het kader van "Kunst maakt de Stad");
  • Lampekap vzw (project "Klotski", ingediend in het kader van "Impulssubsidies");
  • Theaterwerkplaats NEST vzw (vraag ondersteuning werkplaats, ingediend in het kader van "Impulssubsidies").

Argumentatie

Tegen het door het college op 4 juli 2014 (jaarummer 06991) goedgekeurde advies tekenden drie organisaties beroep aan:

  • Theater aan de Stroom vzw (project "Sol(e)tude", ingediend in het kader van "Kunst maakt de Stad");
  • Lampekap vzw (project "Klotski", ingediend in het kader van "Impulssubsidies");
  • Theaterwerkplaats NEST vzw (vraag ondersteuning werkplaats, ingediend in het kader van "Impulssubsidies").

De volledige tekst van deze documenten werd als bijlage bij dit besluit opgenomen. 

De beoordelingscommissie adviseert het college om het beroep van deze drie organisaties op basis van onderstaande vaststellingen te weigeren.

Theater aan de Stroom (TAS) vzw 

  • Wat betreft het feit dat de tentoonstelling door OKAN-leerlingen (Onthaalklas voor Anderstalige Nieuwkomers) zich eerder in de sfeer van de amateurkunsten dan in het professionele kunstenveld zou situeren. (punt 2.1)

    Beroep TAS:

    Dat een adviescommissie dit zo schaamteloos durft te stellen, vinden we ronduit choquant. De samenwerking met de OKAN-leerlingen en andere scholen zou veeleer een pluspunt moeten zijn! Wie zegt er trouwens dat er geen jong artistiek professioneel talent onder deze jongeren zit?

    Echter dient duidelijk gesteld te worden dat de bewering van commissie, nl. dat dit een tentoonstelling is door de OKAN-leerlingen, geheel niet correct is. Het dossier stelt zeer duidelijk op pagina 8 punt 1.3.2 dat de kunstwerken van de leerlingen worden opgenomen in een meereizende tentoonstelling !!! De OKAN leerlingen kunnen eventueel aan de basis liggen van de tentoonstelling, maar meer ook niet. De tentoonstelling is een product van de organisatoren.

    Reactie commissie:

    In het aanvraagdossier wordt duidelijk aangegeven dat de tentoonstelling gemaakt wordt door leerlingen van OKAN. In het aanvraagformulier, zoals ingevuld door de aanvrager, wordt de focus gelegd op het werk van de OKAN-leerlingen:

    "1.3.2: Om vorm te geven aan de culturele eenzaamheid worden leerlingen van het stedelijk onderwijs van Antwerpen betrokken. Het betreft anderstalige nieuwkomers (OKAN), jongeren die veelal nauwelijks een jaar in België vertoeven. Aan hen wordt gevraagd hun emoties van eenzaamheid te verwerken in kunstwerkjes, die worden opgenomen in de meereizende tentoonstelling en van de dansvoorstelling een totaalproject maken: alvorens het publiek “toegang” krijgt tot de voorstelling, passeert het via een tunnel van emoties, opgemaakt uit de betrokken kunstwerkjes vastgelegd in een spel van licht en geluid.

    Sol(e)tude is een multidisciplinair samenwerkingsverband tussen choreograaf Michael Lazic, jazz pianist Jef Neve en video animatie Gitte Le Bruyn in combinatie met een tentoonstelling door OKAN-leerlingen, rond het thema eenzaamheid en leegte."


    Deze OKAN-leerlingen (SISO Marco Polo Stedelijk Secundair Onderwijs) tussen 15 en 18 jaar, zonder een uitgesproken artistieke opleiding of beginnend palmares, zijn ontegensprekelijk te situeren in het amateuristische veld. Hetgeen natuurlijk niet gezegd kan worden van begeleiders zoals Jef Neve.

    Nergens wordt er aangegeven welke andere kunstwerken er aanwezig zullen zijn op deze tentoonstelling. Er wordt enkel aangegeven wie de workshops zal leiden: "Jef Neve - muziek , Elles Grzybek - beweging, Gitte Le Bruyn - animatie/schilderkunst, Bert Plagman - poppen, Ewald Stuer - grafische vormgeving, Ronny Smet - woord." Maar er wordt niet concreet aangegeven dat zij met hun artistiek beeldend werk eigenlijk de tentoonstelling maken. Van de begeleiders zijn er twee met plastische kunsten achtergrond. Uit het bijgevoegde cv blijkt een nog zeer beperkt parcours binnen de professionele beeldende kunst.

    Bij de doelgroepen wordt ook in de eerste plaats verwezen naar de leerlingen Marco Polo/OKAN, vertegenwoordigd door Valoria vzw en in tweede instantie naar een breder publiek.
  • Het aanvraagdossier bevat geen samenwerkingsakkoord of intentie tot samenwerking met Jef Neve (punt 2.2).

    Beroep TAS:

    Bovenvermeld weigeringsmotief kan absoluut niet weerhouden worden! Een negatief advies geven omwille van bovenstaand punt lijkt zeer vergezocht.

    Reactie commissie:

    Het dossier bevat wel degelijk enkele intentiebrieven, onder andere van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen, Valoria vzw, SISO Marco Polo (Stedelijk Secundair Onderwijs), maar niet van Jef Neve. Het dossier voldoet inderdaad wel degelijk aan de samenstellingsvereisten, en wordt dan ook ontvankelijk verklaard. Maar als verschillende intentieverklaringen onderdeel van het aanvraagdossier uitmaken, valt het onvermijdelijk op dat een intentieverklaring van één van de belangrijke protagonisten aan het project ontbreekt. Op het moment van indienen van het dossier werd er op verschillende websites, ook op de website van Jef Neve, weinig informatie terug gevonden.

    Jef Neve is in de begroting medewerkers opgenomen met een belangrijke financiële som, en dit in tegenstelling tot verschillende andere artistieke medewerkers.
  • Wat betreft het feit dat de eerste reeks voorstellingen in Antwerpen voorzien is voor juni 2014, alsook de tentoonstelling, en aldus buiten deze subsidieronde zou vallen. Vier hernemingen worden voorzien voor september 2014, met vervangpianist Steven Jacobs. Een groot deel van de voorbereidende activiteiten hebben plaats gevonden voor juli 2014 (punt 2.3).

    Beroep TAS:
    Bovendien vindt dit project wel degelijk plaats in de 2de helft van het kalenderjaar. Het is trouwens ook zo dat er geen vervangpianist zal worden ingeschakeld, maar dat Jef Neve alle voorstellingen die samen met hem gepland worden zal spelen. Men is zelfs volop bezig met een internationale carrière voor dit project, mede op aandringen en vraag van Jef Neve. Ook een binnenlandse tournee wordt momenteel agendamatig onderzocht, maar zal er zeker komen.

    Reactie commissie:
    Uit de planning van het project zoals aangegeven in het aanvraagdossier (1.1.2. Uitwerking concept) blijkt duidelijk dat de voorbereidende fase zich situeert in de periode april – juni 2014, met voorstellingen in Theater aan de Stroom Antwerpen einde juni 2014. Op pagina 2 van het finale aanvraagdossier wordt verwezen naar een tweede reeks voorstellingen in Theater aan de Stroom Antwerpen in september 2014. In de bijgevoegde planning (pagina 11 – 12) zijn de voorstellingen in september 2014 in Theater aan de Stroom niet opgenomen. Op de Theater aan de Stroom website staan ook enkel de voorstellingen van juni 2014.

    In het aanvraagdossier staat duidelijk aangegeven dat Jef Neve wordt vervangen, en het is op de informatie die in het aanvraagdossier wordt gegeven, dat de adviescommissie zijn advies moet baseren. Bovendien staat op pagina 2 van het aanvraagdossier:"Hernemingen: 12 september tem 16 september 2014 in TAS met vervangpianist Steven Jacobs."
    De vervangpianist Steven Jacobs staat ook in de projectbegroting.
  • Wat betreft de mogelijke artistieke onduidelijkheden waarmee de adviescommissie zit ondanks het omvangrijke aanvraagdossier (punt 2.4).

    Beroep TAS:
    De meest makkelijke formulering à la tête du client is natuurlijk bovenstaande. Het aangevraagde voldoet volledig aan de voorschriften uit het betreffende subsidiereglement. Indien er alsnog onduidelijkheden waren, kon men misschien bij twijfel extra informatie vragen indien nodig en/of gewenst.

    Misschien moeten het college of de zogenaamde experten ons dan eens vertellen wat er dan wel in een 'omvangrijk' dossier moet staan. We hebben dit dossier voorgelegd aan enkele belangrijke spelers uit het kunstenveld alzo ook aan enkele juridische experten. Allen waren ze het erover eens dat de bedoelingen van dit project zeer duidelijk zijn. In het kunstenveld wordt een project in het werkproces trouwens steeds aangepast, zeker wat de inhoud en de uitwerking ervan betreft. De expert die dit wil betwisten, wensen we veel succes toe...

    Reactie commissie:
    Het aanvraagdossier bevat 44 pagina’s inclusief voorblad. 9 pagina’s hiervan gaan over het inhoudelijke/artistieke luik.  Het aanvraagdossier kan omvangrijk genoemd worden, maar dit is nog geen garantie voor concreetheid.

Advies commissie: 
De adviescommissie heeft in eer en geweten een advies opgemaakt en dit op basis van alle gegevens die terug te vinden waren/zijn in het aanvraagdossier. Tevens werd er gekeken naar bijkomende informatie die publiekelijk toegankelijk is, zoals verschillende websites.
Het beroep bevat geen nieuwe informatie die van aard is om het advies te wijzigen. Tevens is het zo dat het beschikbare stedelijke budget ruimschoots onvoldoende is om alle aanvragen te honoreren, zelfs niet alle aanvragen die de adviescommissie zowel artistiek als maatschappelijk relevant vindt.

Lampekap vzw

De beoordelingscommissie gaf negatief advies omdat de maatschappelijke zetel van de vzw op het moment van de aanvraag in Kapellen gevestigd was.

Beroep Lampekap:
Reeds op 18 maart werd de beslissing om de zetel te verhuizen naar Antwerpen officieel bekrachtigd door de algemene vergadering. De nodige documenten werden op 26 maart neergelegd bij de griffie van de rechtbank van koophandel. Dit is dus allemaal gebeurd vóór de indiendatum. Op 7 april werd de adreswijziging gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Reactie commissie:
Met de beschikbare informatie in het aanvraagdossier (maatschappelijke zetel in Kapellen) had de aanvraag onontvankelijk verklaard kunnen (moeten) worden. De informatie die wordt gegeven in het beroep in verband met de verhuis van de maatschappelijke zetel was op geen enkele manier terug te vinden in het aanvraagdossier, en was dus niet beschikbaar. (Publicatie Belgisch Staatsblad op 7 april 2014, deadline indienen aanvraagdossiers op 1 april 2014).

Beroep Lampekap:
Bovendien was het secretariaat al die tijd al gevestigd in Antwerpen.

Reactie commissie:
Deze informatie is op geen enkele manier terug gevonden. Uit de bij de aanvraag gevoegde statuten van 28 maart 2013 bleek dat de zetel zich in Kapellen bevond.

Advies commissie:
De officiële registratie van de maatschappelijke zetel in Antwerpen gebeurde na het verstrijken van de deadline voor het indienen van de aanvraag. De correcte gegevens werden pas met het beroep doorgegeven. 

Theaterwerkplaats Nest vzw

De beoordelingscommissie gaf, het goed onderbouwde dossier negatief advies omdat de huidige werking van vzw Theaterwerkplaats NEST zich volledig afspeelt in Mortsel. Dit was dan ook de reden waarom werd voorgesteld om momenteel niet over te gaan tot subsidiëring van dit project.

Beroep Theaterwerkplaats NEST:
We vermoeden dat dit advies berust op een misverstand. Theaterwerkplaats NEST heeft namelijk zijn hoofdzetel in Antwerpen en niet in Mortsel. Bovendien komt ruim 70% van onze leden uit Antwerpen (in de bijlage een lijst met deelnemende jongeren). 

Reactie commissie:
De adviescommissie was inderdaad van oordeel dat het om een goed onderbouwd dossier ging dat getuigde van de goede intenties van twee zeer jonge theatermakers die NEST einde 2013 hebben opgericht. Met het geformuleerde advies dat de huidige werking zich volledig in Mortsel afspeelt, werd er bovendien niet gezegd dat het niet om een Antwerpse organisatie zou gaan (maatschappelijke zetel in Antwerpen) maar dat dit project zich hoofdzakelijk in Mortsel afspeelt. Mocht de maatschappelijke zetel niet in Antwerpen gehuisvest zijn, dan zou het aanvraagdossier onontvankelijk zijn.
In het aanvraagformulier wordt bij de vraag “waar organiseert u het project/de activiteit?” als antwoord gegeven: deFENIKS, Mortsel. Een lijst met deelnemende jongeren, waaruit had moeten blijken dat het merendeel Antwerps is, werd niet gevonden in het aanvraagdossier.

Advies commissie:
Aangezien het om een nog zeer jonge organisatie gaat, wil de adviescommissie NEST zeker blijven volgen. Maar ze vindt het nu nog te vroeg om tot ondersteuning over te gaan. Dit mede omdat het beschikbare stedelijk budget ruimschoots onvoldoende is om alle aanvragen te honoreren, zelfs niet alle aanvragen die de adviescommissie zowel artistiek als maatschappelijk relevant vindt.

Algemene conclusie adviescommissie
Rekening houdend met alle elementen, zowel in de oorspronkelijke aanvraagdossiers als in de replieken van de organisaties, blijft de beoordelingscommissie in de drie gevallen bij haar negatief advies.

Juridische grond

De wet betreffende de controle op de toekenning en de aanwending van sommige toelagen van 14 november 1983, het reglement op de toelagen (gemeenteraadsbesluit van 18 december 2006, jaarnummer 2730) en de subsidiereglementen "Impulssubsidies" en "Kunst maakt de Stad" voor het kunstenbeleid (gemeenteraadsbesluit van 21 oktober 2013, jaarnummer 640) zijn van toepassing.

Beleidsdoelstellingen

5 - Bruisende stad
De kunsten en kunstenaars zijn de motor voor vernieuwing en creatie en zorgen mee dat Antwerpen één van de culturele hoofdsteden in Europa blijft
Antwerpen toont kunst
Kunstorganisaties worden klantgericht ondersteund door middel van een transparante subsidieregeling. Met de grote kunstorganisaties worden beheersovereenkomsten afgesloten

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist de beoordelingscommissie te volgen in haar standpunt dat niet kan ingegaan worden op het door Theater aan de Stroom vzw ingediende beroep omwille van 

  • het ontbreken van nieuwe elementen die een wijziging van het advies verantwoorden;
  • het beperkt aantal in Antwerpen geplande voorstellingen;
  • het beperkt stedelijk budget dat ruimschoots onvoldoende is om alle aanvragen, zelfs de door de adviescommissie als artistiek en maatschappelijk relevant bevonden dossiers, te honoreren.

Artikel 2

Het college beslist de beoordelingscommissie te volgen in haar standpunt dat niet kan ingegaan worden op het door Lampekap vzw ingediende beroep omwille van het laattijdig indienen van de correcte gegevens in verband met de officiële registratie van de maatschappelijke zetel in Antwerpen. 

Artikel 3

Het college beslist de beoordelingscommissie te volgen in haar standpunt dat niet kan ingegaan worden op het door Theaterwerkplaats NEST vzw ingediende beroep omdat

  • het project waarvoor de subsidie wordt aangevraagd volledig buiten Antwerpen wordt georganiseerd;
  • het beperkt stedelijk budget ruimschoots onvoldoende is om alle aanvragen, zelfs de door de adviescommissie als artistiek en maatschappelijk relevant bevonden dossiers, te honoreren.

Artikel 4

Het college geeft de bedrijfseenheid cultuur, sport, jeugd en onderwijs de opdracht de drie organisaties, die tegen het op 4 juli 2014 door de beoordelingscommissie uitgebrachte advies beroep aantekenden, van deze weigering op de hoogte te brengen. 

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen voor de stad of het OCMW.

Bijlagen

  • Beroep_TAS.pdf
  • Beroep_Lampekap.pdf
  • Beroep_NEST.pdf