Terug

2015_CBS_01160 - Aanvraag stedenbouwkundig attest - 201428 - district Wilrijk - Oosterveldlaan 24 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 13/02/2015 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Philip Heylen, schepen; Marc Van Peel, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2015_CBS_01160 - Aanvraag stedenbouwkundig attest - 201428 - district Wilrijk - Oosterveldlaan 24 - Goedkeuring 2015_CBS_01160 - Aanvraag stedenbouwkundig attest - 201428 - district Wilrijk - Oosterveldlaan 24 - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Het college is bevoegd op grond van artikel 5.3.1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

Aanleiding en context

Aanvragers: GZA - Gasthuiszusters Antwerpen
De aanvraag omvat: verbouwen van een operatiekwartier en het bouwen van een ondergrondse parking
Dossiernummer: ZWI/S//201428

Argumentatie

Het college beslist op basis van het verslag dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Artikel 4 van het besluit van de Vlaamse regering van 19 maart 2010 bepaalt de nadere regels voor de aanvraag en afgifte van het stedenbouwkundig attest.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist het afleveren van een positief stedenbouwkundig attest aan de aanvrager goed te keuren, op voorwaarde dat bij de aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning volgende voorwaarden strikt worden nageleefd:

  1. de nieuwe toegang tot de ondergrondse parking voor de urgentiediensten én de ‘brandweerweg’ er naar toe, nooit in gebruik te nemen om ‘gewone’ parkeerders, personeel of eigen dienstvoertuigen een bijkomende in/uitgang te geven van de ondergrondse parking;
  2. het maaiveld boven de ondergrondse parking maximaal groen in te richten, een gronddekking van minstens één meter boven de parking te voorzien en de hoogte van de volumes af te stemmen op de afstand tot het woongebied.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen