Op 25 april 2014 (jaarnummer 4463) keurde het college het decentralisatieprogramma 2014-2019 goed. Eén van de doelstellingen die in dit decentralisatieprogramma werden opgenomen, stelt dat de bevoegdheden en taken van de districten dienen verfijnd te worden (doelstelling 3, realisatie 2014-2017). Om deze verfijning te realiseren diende er eerst een gecoördineerde versie van de bestaande besluitvorming rond de binnengemeentelijke decentralisatie opgemaakt te worden.
Het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad hebben in hun besluiten van respectievelijk 16 (jaarnummer 3984) en 20 maart 2000 (jaarnummer 619):
Deze besluiten bepalen eveneens dat de gemeenteraad en het college van burgemeester en schepen bevoegd blijven voor de activiteiten die plaatsvinden op de Grote Markt, de Scheldekaaien, de Groenplaats en de gedempte Zuiderdokken.
De gemeenteraad nam in haar zitting van 13 november 2000 (jaarnummer 2261) een uitvoeringsbesluit met volgende elementen:
Het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad hebben in hun besluiten van respectievelijk 9 (jaarnummer 11543) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307):
De gemeenteraad heeft in zijn besluit van 12 november 2003 (jaarnummer 2053) de bovenlokale sportlocaties bepaald op basis van een oplijsting op naam (stedelijke zwembaden, overdekte sportinfrastructuur, sportloodsen en openluchtinfrastructuur).
In het gemeenteraadsbesluit van 12 november 2003 is het privatief domein van de stad opgelijst. Het privatief domein maakt geen deel uit van de oplijsting van bovenlokale locaties van het ontwerpbesluit, dat nu ter goedkeuring voorligt. In dit ontwerpbesluit is een opsomming opgenomen van bovenlokale pleinen met sportaccommodatie op de openbare weg.
De gemeenteraad keurde in zijn besluit van 1 maart 2010 (jaarnummer 265) het reglement met betrekking tot fooractiviteiten en ambulante activiteiten in kermisgastronomie op openbare foren en het openbaar domein goed. Het gemeenteraadsbesluit benoemt vier bovenlokale foren op het openbaar domein.
De gemeenteraad keurde in zijn besluit van 23 juni 2014 (jaarnummer 508) het reglement met betrekking tot de ambulante activiteiten op de openbare markten en op het openbaar domein goed. Het gemeenteraadsbesluit herneemt de drie bovenlokale markten, die opgesomd zijn in het gemeenteraadsbesluit van 21 oktober 2002 en voegt daar de bovenlokale bloemenmarkt (alle dagen) op de Groenplaats toe.
Het voorliggende ontwerp van de lijst bovenlokale locaties werd opgemaakt in samenwerking met de betrokken bedrijven en voor terugkoppeling voorgelegd aan de districtscolleges tijdens het werkoverleg op 14 oktober 2014. De opmerkingen werden verwerkt in de voorliggende lijst.
Op 14 november 2014 (jaarnummer 11558) nam het college kennis van het voorstel van de lijst van bovenlokale locaties en besliste advies te vragen aan de districten.
Na deze adviesronde zullen de definitieve (aangepaste) ontwerpbesluiten worden voorgelegd:
De oplijsting van de bovenlokale locaties is gebaseerd op beslissingen die sinds de opstart van de binnengemeentelijke decentralisatie zijn genomen door het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad. In beperkte mate is de lijst bovenlokale locaties aangevuld met wat vandaag in praktijk van de besluitvorming beschouwd wordt als bovenlokaal. Hiermee wordt de bevoegdheidsverdeling verduidelijkt.
De principes van de huidige oplijsting van bovenlokale locaties zijn vastgelegd in de besluiten van het college en burgemeester en schepenen en de gemeenteraad van respectievelijk 9 en 21 oktober 2002. Naar analogie met het coördinatiebesluit bevoegdheden districten stapt ook in deze beslissingen het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad af van het principe om te bepalen wat lokaal is. De besluiten sommen de bovenlokale locaties op of bepalen de werkwijze om tot de opsomming te komen in latere besluiten.
Gewest- en havenwegen:
Deze gewest- en havenwegen zijn niet opgenomen in de lijst van bovenlokale locaties.
Volgende locaties zijn opgenomen in de oplijsting van de bovenlokale locaties omdat ze in de praktijk van de besluitvorming als bovenlokaal beschouwd worden:
Parken
Speelterreinen
Straten en pleinen
Foren
Pleinen met sportinfrastructuur
Wanneer (nieuwe) wegen, pleinen, parken, speelterreinen, pleinen met sportaccommodatie worden overgedragen aan de (rechtspersoon) stad Antwerpen zal de gemeenteraad beslissen of deze behoren tot de bevoegdheid van het districtscollege en districtsraad (lokaal) of tot de bevoegdheid van het college van burgemeester en schepen en gemeenteraad (bovenlokaal).
De gemeenteraad zal periodiek de lijst van bovenlokale locaties updaten.
Artikel 285 van het Gemeentedecreet over de adviesbevoegdheid van de districtsbesturen.
De districtsraad Berchem keurt eenparig het volgende besluit goed.
De districtsraad verleent gunstig advies op de lijst van bovenlokale locaties rekening houden met volgende opmerkingen van het distritscollege:
1. het districtscollege merkt op dat het gebied Wolvenberg op dit ogenblik nog uitmaakt van de restgronden singel die eigendom zijn van de federale overheid.
2. het districtscollege geeft mee dat het gebied Brilschans Wolvenberg deel zal uitmaken van het toekomstige Brialmontpark waar ook het de Villegaspark onderdeel van zal vormen.
3. het districtscollege benadrukt dat het Rooi ook bovenlokaal is van statuut en niet in deze lijst is opgenomen.
4. Het districtscollege verzoekt naar de toekomst toe de overgedragen wegen van het gewest als bovenlokaal te kwalificeren en in deze lijst op te nemen.
5. het districtscollege benadrukt dat de Cogels Osylei als bovenlokale toeristische as in aanmerking moet komen.
6. het districtscollege is van mening dat bij de toekomstige oefening van de herverdeling lokaal/bovenlokaal ook de financiële middelen mee dienen herverdeeld te worden.