Op de districtsraad van 13 maart 2014 werd er geïnterpelleerd over het bouwproject aan de Dr.Veeckmanslaan. N.a.v. mijn repliek tijdens die interpellatie werden in de notulen volgende besluiten opgenomen:
“Het districtscollege zal bijkomende vragen voorleggen aan AG VESPA en terugkoppelen aan de districtsraad:
1. Realisatie van het project 2020: wordt hiermee de startdatum of einddatum bedoeld?
2. Wordt de fijnstofproblematiek nog verder onderzocht?”
Graag had ik geweten of het districtscollege ondertussen een antwoord ontving op deze twee vragen? Graag had ik ook geweten of het districtscollege voldoening neemt met de gekregen antwoorden.
Districtsraadslid Wouter Van Damme licht de interpellatie toe.
Tussenkomst van districtsraadsleden Eric Huijbrechts en Tom Verstraelen over metingen fijn stof.
Voorzitter van de districtsraad Kristof Bossuyt verwijst naar het antwoord van het college van burgemeester en schepenen aan gemeenteraadslid Mie Branders naar aanleiding van haar schriftelijke vraag over hetzelfde onderwerp (jaarnummer 2014_SV_00201).
De realisatie van het project 2020 zal ten vroegste plaatsvinden tussen 2016 en 2020.
Wat betreft de fijnstofproblematiek:
- Het stedelijk actieplan luchtkwaliteit voorziet 115 maatregelen die de stedelijke luchtkwaliteit zullen verbeteren;
- Uit de geactualiseerde luchtkwaliteitskaarten blijkt dat de stedelijke luchtkwaliteit al sterk verbeterd is;
- De Oosterweelverbinding zal de luchtkwaliteit verbeteren;
- Het is een stedelijke doelstelling om tegen 2015 een duurzame respectering van de fijnstofnormen te bereiken en te evolueren naar een situatie in 2020 waarin minder dan 1% van de Antwerpse bevolking woont in een gebied waar de NO2-norm overschreden wordt (in 2012 woonde nog 20% van de bevolking in een normoverschrijdend gebied).
Wat betreft het onderzoek naar de fijnstofproblematiek in dit project:
- De fijnstofwaarden op de site zijn gelijkaardig aan de waarden in het grootste deel van de binnenstad en aan de waarden in een aanzienlijk deel van het gebied buiten de Ring. Het niet-wonen in gebieden met deze waarden is daardoor voor Antwerpen geen optie;
- Voor dit project wordt onderzoek verricht en worden maatregelen genomen op 3 niveaus: bij de bron, bij het overgangsgebied en bij de ontvanger.
- Bij de bron: het project moet bijdragen tot een meer duuzame mobiliteit en een kwalitatievere woonomgeving. Daarom werd gekozen voor een goed ontsloten site nabij heel wat bushaltes en naast een toekomstige tramlijn. De Dr. Veeckmanslaan krijgt een verblijfskarakter en moet sluipverkeer weren. Er wordt veel aandacht besteed aan oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers en aan wandel-en fietsroutes.
- Bij het overgangsgebied: De inplanting van de gebouwen weg van de straat draagt bij tot een goede verspreiding van de luchtverontreiniging in de straat. Een bebouwing langs weerszijden zou er voor zorgen dat het fijnstof in de straat blijft hangen.
De inrichting van het park moet een positief effect hebben wat betreft de luchtverontreiniging. De bestaande bomen nabij de A12 blijven zoveel mogelijk behouden en worden aangevuld met nieuwe bomen. Bij de uitwerking van het landschapsontwerp zal worden ingezet op een goede selectie van de juiste boomsoorten met het oog op een optimale captatie van fijnstof.
- Bij de ontvanger: De nieuwe woningen worden uitgerust met een ventilatiesysteem, waarbij extra aandacht zal worden besteed aan de keuze van de juiste filter.
Het districtscollege zal informeren naar resultaten van metingen klein stof.
do 05/06/2014 - 20:56