De stad, wijken en buurten worden voor bewoners aantrekkelijker als er een goed aanbod is aan onderwijsvoorzieningen. De inplanting van nieuwe scholen moet daarom beter afgestemd worden op:
Private ontwikkelaars krijgen oog voor scholenbouw omdat een aanbod aan onderwijsvoorzieningen de aantrekkingskracht van een ontwikkeling verhoogt. De stad Antwerpen heeft op dit vlak een eerste belangrijke stap gezet door in haar ‘Bouwcode’ een onderwijstoets op te nemen. Voor grote projecten worden met andere woorden systematisch inspanningen gevraagd van de ontwikkelaar om behoeften op het vlak van onderwijs en andere voorzieningen mee in te vullen.
Bovendien worden schoolgebouwen multifunctioneler:
Binnen dergelijke evolutie zal de focus zich verleggen van eigendomsverwerving (elke school een eigen schoolgebouw) naar huur. De Vlaamse Gemeenschap kent in dat verband sinds kort de figuur van de ‘beschikbaarheidstoelage’ (voorlopig met beperkte middelen).
Maatschappelijk vastgoed, zoals een schoolgebouw, heeft een solide reputatie (stabiliteit huurders) en komt aldus in aanmerking (net zoals zorgvastgoed en overheidsgebouwen) voor alternatieve financiering.
De stad Antwerpen kampt met een aanzienlijk capaciteitstekort en tracht reeds verschillende jaren met beperkte middelen en mogelijkheden op lokaal vlak oplossingen te bieden.
Het capaciteitstekort kan slechts deels worden weggewerkt via de traditionele subsidiëringsmechanieken die een lange doorlooptijd kennen en vaak gepaard gaan met complexe procedures.
Beheerstructuur
Met de lokale taskforce capaciteit is de stad Antwerpen erin geslaagd om netoverschrijdend een deel van het capaciteitsprobleem op te lossen. Dit overlegmodel wil de stad Antwerpen nu verrijken met een lokale beheerstructuur die rekening houdt met voormelde vaststellingen en noden. Deze beheerstructuur heeft tot doel:
De beheerstructuur wordt ingesteld vanuit de regiefunctie van het stadsbestuur maar omvat tevens een betrokkenheid van alle onderwijsnetten.
Alternatieve technieken
Private ontwikkelingen op private terreinen
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening bepaalt dat bij grote bouw- of verkavelingsprojecten projectvergaderingen kunnen worden georganiseerd die uitmonden in een gezaghebbend advies. Een projectvergadering kan dus een belangrijk draagvlak creëren voor een integrale gebiedsontwikkeling en tevens de nodige stedenbouwkundige zekerheid verlenen aan een initiatiefnemer.
Om die reden kan het stadsbestuur ‘oproepprocedures’ organiseren waarbij het ontwikkelaars oproept om dossiers in te dienen voor stedelijke ontwikkelingen (op eigen gronden) met integratie van een polyvalent complex waarin onderwijs, samen met andere ondersteunende of aanvullende functies, een plaats vindt. Deze dossiers zouden dan prioritair het voorwerp kunnen uitmaken van projectvergaderingen en dus op korte termijn tot een rechtszekere ontwikkeling kunnen leiden.
Private ontwikkelingen op publieke terreinen
Talrijke ruimtelijk interessante sites behoren tot het (openbaar of privaat) domein van de stedelijke overheid in ruime zin.
Het stadsbestuur kan aan de hand van de figuur van de domeinconcessie (zie domeinconcessie) ‘oproepen voor stadsontwikkeling op gemeentelijke gronden’ lanceren. Bij de selectie kan dan de voorkeur worden gegeven aan projecten die er in slagen om een gemengde realisatie naar voor te schuiven waarvan het programma beantwoordt aan bepaalde ruimtelijke noden, zoals de creatie van de nodige onderwijscapaciteit.
De figuur van de domeinconcessie heeft voordelen voor de stedelijke overheid en voor de private ontwikkelaars:
Via de domeinconcessie kunnen ook leegstaande gebouwen van de stedelijke overheid in ruime zin ter beschikking worden gesteld van inrichtende machten.
De domeinconcessie is een administratief contract tussen een overheid en een concessiehouder om een gedeelte van het (openbaar of privaat) domein van de overheid privaat te ontwikkelen. De domeinconcessie mag niet verward worden met een concessie van openbare werken in de zin van de overheidsopdrachtenwetgeving, aangezien de werken in het kader van een concessie van openbare werken in de eerste plaats gericht zijn op openbare dienstverlening en deze werken moeten beantwoorden aan de normen en behoeften van de aanbestedende overheid. De toewijzing van een domeinconcessie is daarentegen niet aan de overheidsopdrachtenregelgeving onderhevig.
Alternatieve financiering
Naast de ‘gewone’ bekostigingswijzen van onderwijsinfrastructuur zijn er voor inrichtende machten diverse mogelijkheden om private gelden aan te trekken om scholen te bouwen of te financieren: de uitgifte van vastgoedcertificaten, de uitgifte van obligaties, de creatie van een vastgoedbevak, enzovoort.
Aangezien maatschappelijk vastgoed meestal solide huurders heeft, is het aantrekken van private gelden via dergelijke financieringskanalen meer dan realistisch (conform de voorbeelden in de residentiële ouderenzorg, waarbij talrijke zorgvoorzieningen worden gerealiseerd middels obligatieleningen).
Omtrent de wenselijkheid en ‘aantrekkelijkheid’ van deze alternatieve financieringsmodellen kan een kort marktonderzoek worden georganiseerd. In het kader van de hierboven voorgestelde oproepprocedures kan ook aan kandidaten voor een projectvergadering of een domeinconcessie gevraagd worden om zelf een haalbaar ‘alternatief financieringsmodel’ uit te werken.
Beslissingsboom of 'roadmap'
In tegenstelling tot eerder aangekondigde modellen, is de lokale beheerstructuur geen instrument om op stadsgronden via vereenvoudigde DBFM-formules (Design Build Finance and Maintain) scholen ter beschikking te stellen aan inrichtende machten. Een grondig onderzoek via een pilootproject leidde tot een aantal knelpunten met betrekking tot het opstarten van zo’n DBFM ‘light’ waarna geoordeeld werd de opdracht van zo’n lokale beheerstructuur ruimer te bekijken.
De op te richten lokale beheerstructuur zal een nieuwe visie op scholenbouw ontwikkelen en helpen realiseren:
Samen met alle betrokken bedrijfseenheden van de stedelijke overheid zal de beheerstructuur de geschetste nieuwe modellen en technieken duidelijk analyseren en uitschrijven en een masterplan capaciteit uitwerken (supra).
Na opmaak van een masterplan capaciteit moet de beheerstructuur als expertisecentrum de stad actief bijstaan op grond van een afwegingskader voor verschillende modellen (met +/- en toetsing aan concrete dossier):
Type bouw:
Soort ontwikkeling:
Financieringsmogelijkheden:
Het college keurt het principe van de Lokale Beheerstructuur Onderwijsinfrastructuur goed.
Ter voorbereiding van de oprichting van de lokale beheerstructuur geeft het college opdracht aan:
| Dienst |
Taak |
| CS/AOB |
|
|
CS/AOB, SB/Vastgoed, |
|