Terug

2014_CBS_06404 - Beroep. Onontvankelijk verklaard door deputatie - District Antwerpen - Ossenmarkt 3 - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 20/06/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_06404 - Beroep. Onontvankelijk verklaard door deputatie - District Antwerpen - Ossenmarkt 3 - Kennisneming 2014_CBS_06404 - Beroep. Onontvankelijk verklaard door deputatie - District Antwerpen - Ossenmarkt 3 - Kennisneming

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Het college is bevoegd op basis van artikel 4.7.21 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

Aanleiding en context

Tegen de uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing van het college omtrent een vergunningsaanvraag kan een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de deputatie van de provincie waarin de gemeente gelegen is.

Het college heeft op 14 februari 2014 aan VVJ vzw de vergunning verleend voor het aanleggen van een gevelterras op een terrein, gelegen Ossenmarkt 2 te Antwerpen.

Tegen deze beslissing werd door Dobbeleir-Corremans, belanghebbende derde en Isaac Lieving, belanghebbende derde, bij de deputatie beroep ingesteld.

Argumentatie

Het college neemt kennis van de beslissing van de depuatie.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de beslissing van de deputatie, waarbij het beroep van Dobbeleir- Corremans, belanghebbende derde en Isaac Lievin, belanghebbende derde, onontvankelijk en zonder voorwerp wordt verklaard.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.