Artikel 130bis van De Nieuwe Gemeentewet (laatste aanpassing : decreet van 1 februari 2008) dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De Parking Oudebareellei-Bredabaan in het district Merksem:
De toegangsweg naar de parking via de Bredabaan is een eenrichtingsstraat met toegelaten rijrichting naar de parking. Deze weg ligt op een fietsroute. Fietsers kunnen bijgevolg niet naar de Bredabaan rijden omdat ze niet tegen de rijrichting in mogen rijden.
Een nieuw aanvullend verkeersreglement wordt opgemaakt, aangepast aan de gewenste verkeerssituatie. De toegangsweg naar de parking via de Bredabaan ligt op een fietsroute.
Het eenrichtingsverkeer, uitgezonderd voor fietsers, wordt gereglementeerd. Zodoende kunnen fietsers het drukke kruispunt Oudebareellei/Bredabaan vermijden en rechtstreeks naar de Bredabaan rijden via deze toegangsweg.
Op de parking werden 4 parkeerplaatsen voor personen met een handicap aangebracht. In het huidig aanvullend reglement werden er drie gereglementeerd. Dit wordt eveneens aangepast.
De parkeerbalans blijft ongewijzigd omdat er niets verandert aan de parkeersituatie in de straat.
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Parking Oudebareellei-Bredabaan in het district Merksem ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 17 september 2007 (jaarnummer 2092):
Artikel 1: het eenrichtingsverkeer, uitgezonderd voor fietsers, wordt ingevoerd in de toegangsweg naar de parking via de Bredabaan, met toegelaten rijrichting naar de parking.
De verkeersborden C1 en F19 met onderbord worden aangebracht.
Artikel 2: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen die gebruikt worden door personen met een handicap, op de aangelegde parking, ter hoogte van de toegangsweg via de Bredabaan (vier plaatsen).
De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.
Artikel 3: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de aangelegde parking.
Artikel 4: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.