Samenstelling
Aanwezig
Bart De Wever, burgemeester;
Koen Kennis, schepen;
Philip Heylen, schepen;
Ludo Van Campenhout, schepen;
Claude Marinower, schepen;
Marc Van Peel, schepen;
Rob Van de Velde, schepen;
Nabilla Ait Daoud, schepen;
Roel Verhaert, stadssecretaris
Afwezig
Liesbeth Homans, schepen;
Serge Muyters, korpschef
Secretaris
Roel Verhaert, stadssecretaris
Voorzitter
Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_07570 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Zwaantjeshoek, district Merksem - Voorlopige vaststelling - Goedkeuring
Motivering
Gekoppelde besluiten
2013_CBS_05753 - Planologisch attest Landrover Metropool NV - District Merksem. Positief planologisch attest - Goedkeuring
2014_CBS_01018 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Zwaantjeshoek, district Merksem - Proces- en richtnota - Goedkeuring
2014_CBS_04594 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Zwaantjeshoek, district Merksem - Voorontwerp - Kennisneming
Regelgeving: bevoegdheid
Artikel 2.2.14.§1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zegt dat de gemeenteraad het ontwerp-RUP voorlopig vaststelt.
Aanleiding en context
Op 7 juni 2013 besliste het college (jaarnummer 5753) om een positief planologisch attest af te leveren naar aanleiding van de vraag van Landrover Metropool nv om het mogelijk te maken een parking aan te leggen in buffergebied. Het plangebied is gesitueerd binnen de op- en afrit Kleine Bareel van de E19 en wordt begrensd door de Bredabaan en de Kapelsesteenweg.
Twee randvoorwaarden werden opgelegd:
- slechts 1 in- en afrit voorzien ter hoogte van de Kapelsesteenweg;
- een zuiniger ruimtegebruik van het terrein en aangrenzende terreinen dient verder onderzocht te worden.
Het afleveren van een positief planologisch attest heeft tot gevolg dat het college ertoe verplicht is om, binnen het jaar na de afgifte van het attest, een voorontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) op te maken en te agenderen op de plenaire vergadering.
Op 31 januari 2014 heeft het college de proces- en richtnota voor het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Zwaantjeshoek goedgekeurd (jaarnummer 1018). De doelstellingen werden vertaald in een gewenste ruimtelijke structuur met de volgende krachtlijnen:
- de bouwvrije zones langs de snelweg en de gewestweg bepalen de structuur;
- langs de Bredabaan wordt ruimte voor detailhandel voorzien. Achterin is er ruimte voor kleinschalige bedrijvigheid;
- ten opzichte van de E19 wordt de bouwvrije zone als groene buffer ingetekend;
- de bestaande bebouwing behoudt zijn rechten;
- er mag slechts één gebundelde in- en uitrit worden aangelegd.
Die krachtlijnen werden vertaald in het grafisch plan, de toelichtingsnota en de stedenbouwkundige voorschriften van het RUP Zwaantjeshoek waarvan het college op 25 april 2014 (jaarnummer 4594) kennis heeft genomen.
Argumentatie
De doelstellingen en krachtlijnen uit de proces- en richtnota zijn in het RUP vertaald. Op basis daarvan zijn de volgende bestemmingszones afgebakend.
- Zone voor groen 1
In deze zone wordt de buffer ten opzichte van de E19 vastgelegd. Vanaf de gracht blijft een groenbuffer van 10m behouden. Deze buffer vormt een verbinding tussen het Laaglandpark en de omgeving van Brasschaat. Deze is niet afhankelijk van de naastgelegen bestemming.
- Zone voor groen 2
Deze zone zorgt voor het vrijwaren van een voortuinstrook. Deze zone moet groen worden aangelegd. Het wordt mogelijk gemaakt om twee wagens tentoon te stellen.
- Zone voor detailhandel 1
In deze zone is het mogelijk om detailhandel gekoppeld aan werkplaatsen te voorzien. Door deze koppeling stuurt het RUP naar detailhandel met een minder verkeersgenerend profiel. Het is mogelijk om de bebouwbare ruimte te bebouwen met een vloerterreinindex van 2. Dit voorschrift sluit verdere clustering van detailhandel niet uit.
- Zone voor groen met nabestemming detailhandel
Deze zone moet als buffer tussen de detailhandel en de achterliggende woningen worden ingericht. Zodra beide woningen verlaten zijn, wordt deze zone bestemd als detailhandel.
- zone voor wonen met nabestemming bedrijvigheid
De rechten van de bestaande woningen worden in dit voorschrift uitgeklaard. Bij verkoop of bij verzoek bij het indienen van een stedenbouwkundige vergunning treedt de nabestemming in werking en wordt het betrokken perceel zone voor bedrijvigheid.
- Zone voor ontsluiting
Dit is een indicatieve aanduiding waarin wordt opgelegd dat er slechts één uitrit mag zijn. Deze aanduiding zorgt dat de voorwaarde uit het planologisch attest wordt vastgelegd in het RUP. Door die ene in- en uitrit verbetert de verkeersveiligheid en de doorstroming.
- Door alle bestemmingen buiten groen 1 en groen 2 loopt een bouwvrije zone, gesymboliseerd door een arcering in overdruk. Dit is de uitvoering van het KB van 1958 dat de te respecteren afstanden ten opzicht van snelwegen en gewestwegen vastlegt. In groen 1 en groen 2 is deze overdruk niet opgenomen vermits de voorschriften van deze zone op zich strenger zijn dan de overdruk. Zo wordt tegenspraak tussen de voorschriften van de zones en de overdruk vermeden.
Milieueffectenrapportage
|
Stap
|
Datum
|
|
aanvraag adressen adviesinstanties
|
28 februari 2014
|
|
aanvraag advies bij adviesinstanties
|
14 maart 2014
|
|
rappelbrief raadpleging adviesinstanties
|
14 april 2014
|
|
verzending screeningsdossier naar dienst MER
|
7 mei 2014
|
|
beslissing dienst MER
|
10 juli 2014 |
Op vraag van de dienst MER werd het screeningsdossier aangepast. De dienst MER besliste op 10 juli 2014 dat het voorgenomen plan geen aanleiding geeft tot aanzienlijke negatieve milieugevolgen en dat de opmaak van een plan-MER niet nodig is.
De MER-screening bevat een aanbeveling op het vlak van mobiliteit. In het voorontwerp-RUP werd aan een detailhandelszaak enkel op basis van vloer-terreinindex (V/T-index) beperkingen opgelegd. Dit bleek op het vlak van mobiliteit, zowel voor verkeersveiligheid als voor de doorstroming op de Kapelsesteenweg, te nadelige effecten te hebben. Daarom werd dit voorschrift aangepast en worden enkel detailhandelszaken met werkplaatsen mogelijk gemaakt.
Watertoets
In toepassing van artikel 8 van het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 moeten alle uitvoeringsplannen worden onderworpen aan een watertoets. Op 1 maart 2012 is het aangepaste besluit tot vaststelling van de nadere regels voor de toepassing van de watertoets in werking getreden. Het RUP werd afgetoetst aan de opgelegde regels en heeft geen negatieve effecten op de waterhuishouding.
Juridische grond
Art. 2.2.13 en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) die de procedure vastleggen voor de opmaak van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP).
Adviezen
Plenaire vergadering
Gunstig advies
Op de plenaire vergadering werden naast de opmerkingen van de Gecoro nog een aantal kleinere opmerkingen aangebracht. Deze opmerkingen zijn verwerkt buiten de volgende opmerking: “Art. 3.2.1/3.2.2: Er wordt gevraagd om inheemse beplanting op te leggen voor de aanleg van de bufferzones.”
Het ontwerp RUP neemt deze opmerking niet op omdat een definitie voor inheemse beplanting zeer moeilijk te bepalen is, het vastleggen van een lijst per definitie zeer beperkend is en omdat de waardevolle bomen in het gebied buiten de meest gehanteerde definities van inheems beplanting vallen.
Advies_districtsraad
Ongunstig advies
De districtsraad van Merksem heeft het voorontwerp RUP negatief geadviseerd om de volgende redenen:
- Het huidig voorontwerp komt niet tegemoet aan de bezorgdheid van het district om de resterende natuurwaarden van het gebied te beschermen. Het huidige groene terrein vormt een essentiële schakel bij de uitbouw van een groen netwerk van het Laaglandpark naar de groene omgeving van Brasschaat.
- Gezien het uitdoofscenario van de bewoonde zone zal in de toekomst de groene verbinding nog meer gehypothekeerd worden door het huidige voorontwerp.
- Volgens het strategisch Ruimtelijk Structuurplan van de stad Antwerpen bevindt het gebied zich in het programma van het Noorderpark. Het doel van dit park is om het bebouwde perifere landschap in Brasschaat en Schoten te verbinden met de Schelde en het centrum. Een andere doelstelling is de ontwikkeling van ecologische waarden langs de Laarse- en Donksebeek.
- Door het rooien van bomen en het verkleinen van het biologisch waardevolle gebied vermindert de ecologische waarde langs de bestaande gracht en de Laarsebeek.
- Volgens het gewestplan ligt de aanvraag in bufferzone. Deze dienen in hun staat bewaard te worden om als groene ruimte ingericht te worden.
- Het terrein is aangeduid als biologisch waardevol. Door de aanleg van de parking verdwijnen er bomen en verkleint het biologisch waardevolle gebied dat als stapsteen voor fauna en avifauna kan gebruikt worden. Ook verdwijnt de bufferfunctie met de autosnelweg.
- Vanuit het oogpunt van efficiënt ruimtegebruik is er nood aan een model van clustering. Het voorstel om een parkeerterrein aan te leggen past in deze optiek. Deze zullen echter voor heel wat conflicten zorgen op de reeds drukke Kapelsesteenweg. Daarnaast zou het eerder wenselijk zijn om een nieuwe parking gemeenschappelijk te gebruiken met de andere handelszaken.
- De aanvraag bevindt zich in een bouwvrije strook langs autosnelwegen. Afwijkingen zijn enkel mogelijk voorbij de tiende meter door de minister van openbare werken of zijn gemachtigde.
- De watergevoeligheid van het gebied is ook in dit noordelijk deel van Merksem hoog.
- Tot slot kan de vraag gesteld worden of er enig initiatief wordt genomen tot compensatie van de voorgestelde ontbossing.
Het RUP legt op dat er een buffer van 10m bewaard moet worden. Deze buffer vormt een verbinding tussen het Laaglandpark en de groengebieden in Schoten en Brasschaat. Deze zone is niet afhankelijk van de bestemming van de woningen. Het RUP legt vanuit verkeersveiligheid en doorstroming één in- en uitrit op. De MER-screening wijst uit dat er geen negatieve effecten te verwachten zijn op het vlak van waterhuishouding. Dit RUP is geen vrijstelling om te voldoen aan andere wetgeving zoals het KB van 1958 dat handelt over de te respecteren afstand ten opzichte van snelwegen en zoals het bosdecreet. Bijgevolg waren de inhoudelijke opmerkingen van het advies reeds in het RUP verwerkt.
Advies GECORO
Gunstig advies
Op 7 mei 2014 heeft de Gecoro over dit RUP vergaderd. De opmerkingen uit het advies zijn in het ontwerp tot ruimtelijk uitvoeringsplan verwerkt.
Besluit
Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:
Artikel 1
De gemeenteraad stelt het ontwerp ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Zwaantjeshoek, district Merksem, voorlopig vast.
Dit ontwerp-RUP, met plan_ID: RUP_11002_214_70001_00001, bestaat uit een grafisch plan, een plan van de bestaande juridische toestand, het grafisch register, de stedenbouwkundige voorschriften en een toelichtingsnota.
Artikel 2
Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.