De eventuele kosten voor het ter plaatse behouden van de bolders ('hoeden') kunnen niet anders dan vallen onder de ‘restbepaling’ (“alle kosten ten gevolge van enige handeling die nodig is om de sanering en/of de voormelde maatregelen effectief uit te voeren”) die Vlaams Gewest aan BAM zal vergoeden, volgens artikel 5. Ook bij een eventuele wederoverdracht (conform artikel 6) zouden deze kosten niet vallen onder de kosten die BAM zelf gedragen heeft en zouden die kosten niet verhaald kunnen worden op de stad.
De Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM) heeft op 26 maart 2014 en op 13 juni 2014 een schrijven gericht aan het college van burgemeester en schepenen om advies te vragen over het al dan niet bewaren van de bolders langs de kades van het Lobroekdok.
De BAM schrijft dat ze de bolders zal laten verwijderen om op korte termijn het risico op nieuw aanmerende schepen tegen te gaan. Alle vaartuigen dienen immers verwijderd te zijn om de saneringswerken van het dok (opdracht van BAM) te kunnen starten.
In de overeenkomst tussen BAM, stad Antwerpen en het Vlaamse Gewest in het kader van de verkoop van bepaalde onroerende goederen noodzakelijk voor de realisatie van de Oosterweelverbinding, vermeldt artikel 7 dat “bij de beslissing inzake de nabestemming van het Nieuwe Lobroekdok na voltooiing van de Werken, rekening zal gehouden worden met het advies ter zake van de Stad Antwerpen.”
De stad adviseert de bolders rond de kademuren van het dok ter plaatse te bewaren. Het goedgekeurde masterplan publieke ruimte Singel Noord moedigt immers het hergebruik aan van (haven-)materialen die vandaag reeds in de omgeving aanwezig zijn en wil dit combineren met ecologisch groen.
De stad ziet eveneens op dit moment niet de noodzaak om deze bolders te verwijderen, gezien het verbod om aan te meren én voor anker te gaan vandaag bewerkstelligd wordt door de afsluiting met een boeienlijn. De stad gaat er van uit dat dit de afsluiting van het dok kan blijven garanderen ook tijdens de sanering van het dok.
Indien de BAM dit niet afdoende vindt, kan zij altijd bijvoorbeeld de plaatsing van zogenoemde “hoeden” over de bolders overwegen, volgens de methode die NV De Scheepvaart toepast langs het Albertkanaal.
Het college keurt de collegiale brief goed gericht aan de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel.