Terug

2014_CBS_08005 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - Park Lane Immo nv, Van Eycklei 32-36, 2018 Antwerpen. Dossiernummer AN/2014/185/AV - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 08/08/2014 - 09:00 Digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Bart De Wever, burgemeester; Marc Van Peel, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris
2014_CBS_08005 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - Park Lane Immo nv, Van Eycklei 32-36, 2018 Antwerpen. Dossiernummer AN/2014/185/AV - Goedkeuring 2014_CBS_08005 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - Park Lane Immo nv, Van Eycklei 32-36, 2018 Antwerpen. Dossiernummer AN/2014/185/AV - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 36,4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.

Aanleiding en context

Aanvrager(s): Park Lane Immo nv - Langestraat 366 - 1620 Drogenbos. De aanvraag omvat de exploitatie van een rust- en verzorgingstehuis.

Argumentatie

Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijk inrichting mag exploiteren.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist de milieuvergunning klasse 2, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren aan Park Lane Immo nv, Langestraat 366, 1620 Drogenbos, voor de exploitatie van een rust- en verzorgingstehuis gelegen te 2018 Antwerpen, Van Eycklei 32-36.

Artikel 2

Het college wijst erop dat voor de exploitant de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:

algemene milieuvoorwaarden – algemeen

hoofdstuk 4.1, 4.7, 4.9 en bijlagen 4.1.9.1.6, 4.1.9.2.3.1, 4.1.9.2.3.2, 4.1.9.2.3.4 en 4.8;

algemene milieuvoorwaarden – geluid

hoofdstuk 4.5 en bijlagen 2.2.1, 2.2.2, 4.5.1, 4.5.2, 4.5.3, 4.5.4, 4.5.5 en 4.5.6;

algemene milieuvoorwaarden – oppervlaktewater

hoofdstuk 4.2 en bijlagen 4.2.5.1, 4.2.5.2 en 4.2.5.4;

bedrijfsafvalwaters + sector

afdeling 5.3.2 + bijlage 5.3.2;

elektriciteit

hoofdstuk 5.12;

gassen – gemeenschappelijke bepalingen

afdeling 5.16.1 en bijlage 5.16.5;

gassen – koelinrichtingen / compressoren

afdeling 5.16.3;

opslag van gevaarlijke stoffen / ondergrondse en bovengrondse houders

afdeling 5.17.1 en bijlage 5.17.1;

opslag van gevaarlijke stoffen: bovengrondse houders

afdeling 5.17.3 en bijlagen 5.17.2 tot 5.17.4 en bijlage 5.17.7;

zwembaden

afdeling 5.32.9;

niet in rubriek 2 en 28 begrepen verbrandingsinrichtingen - algemene bepalingen en immissiecontroleprocedures

afdeling 5.43.1 + 5.43.4;

niet in rubriek 2 en 28 begrepen verbrandingsinrichtingen - stookinstallaties, met uitzondering van gasturbines en stoom- en gasturbine-installaties – kleine stookinstallaties (300 kW – 5 MW)

subafdeling 5.43.2.3;

ziekenhuizen

hoofdstuk 5.49.

Artikel 3

Het college beslist dat de exploitant de volgende bijzondere voorwaarden en brandweervoorwaarden dient na te leven:

Bijzondere voorwaarden:

  • in afwijking op de algemene lozingsvoorwaarden van bedrijfsafvalwater in de openbare riolering, mag het gehalte AOX in het water maximaal 600 µg per liter bedragen;
  • afwijkend van artikel 5.32.9.2.1.§3,2° van Vlarem II, mag de breedte van de kade aan één kopse kant van het zwembad beperkt worden tot 100 centimeter, zoals weergegeven in de uitvoeringsplannen bij de aanvraag;
  • de turn-over van 2 uur voor het circulatie bad moet niet gehaald worden, op voorwaarde dat er nooit meer dan de helft van het aantal toegelaten baders op hetzelfde moment aanwezig zijn in het zwembad. Dit betekent slechts 1 bader per 6 m² wateroppervlakte.
  • de kleedkamer op het uitvoeringsplan aangeduid met ‘MV kleedkamer’ mag niet gebruikt worden door baders aangezien zij enkel bereikbaar is via de geschoeide zone.

 Brandweervoorwaarden:

Onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningsbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hiernavermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:

Snelblustoestellen

Snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - dienen aangebracht op volgende plaatsen:

Verder dient men de overige snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - doelmatig te verdelen over de inrichting tot men in totaal over 1 toestel per 150 m² beschikt.

Snelblustoestellen van het type 5 kg CO2 - ½ bluseenheid conform NBN EN 3-7 - dienen in overtal aangebracht op volgende plaatsen:

- nabij de toegang tot de hoogspanningscabine

- in de omgeving van elk belangrijk elektriciteitsbord

- nabij de toegang tot iedere liftmachinekamer

Muurhaspels

Muurhaspels met axiale voeding (conform NBN EN 671-1) + muurhydrant (volgens de norm NBN 571 en voorzien van vaste koppelstukken doormeter 45 mm volgens KB van 30 januari 1975) met gemeenschappelijke watertoevoer met een binnendiameter van tenminste 70 mm dienen op oordeelkundig gekozen plaatsen opgesteld zodanig dat elk punt van de inrichting kan bespoten worden.

Hun aantal wordt zodanig bepaald dat de af te leggen afstand vanaf om het even welk punt tot het dichtst bijgelegen toestel niet meer bedraagt dan de lengte van de gebruikte haspels.

De haspels dienen gevoed met een leiding onder druk zodanig dat het debiet bij de minst bedeelde haspel gelijk is aan of groter dan 24 liter per minuut.

De leidingen voor bluswater dienen vervaardigd in staal of in een metaal dat minstens dezelfde waarborgen biedt.

De geplaatste muurhaspels dienen voorzien van een vergrendeling derwijze dat men het afsluitmondstuk niet kan verwijderen zonder het openen van een handbediende afsluiter op de watertoevoer.

Divers

De inrichting dient uitgerust met een automatische branddetectie installatie, van het type algemene bewaking.

De automatische branddetectie installatie is ontworpen en uitgevoerd volgens de vigerende reglementen en normen, in het bijzonder de Belgische norm NBN S21-100.

De keuze van de detectoren is aangepast aan de aanwezige risico's en in functie van een snelle ontdekking van de brand.

De branddetectie installatie geeft automatisch een aanduiding van de brandmelding en de plaats ervan.

Artikel 4

Het college beslist dat de milieuvergunning ingaat op 8 augustus 2014 en eindigt op 8 augustus 2034.

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.