De bedrijfseenheid stadsontwikkeling zal de nodige signalisatie zelf plaatsen met materiaal uit eigen voorraad. Er zijn dus geen rechtstreekse financiële gevolgen.
De gemeenteraadsbeslissing van 28 januari 2013 (jaarnummer 50) waarin, krachtens het decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens, de bevoegdheid wordt gedelegeerd aan het college.
De te reglementeren openbare weg behoort tot het beheer van de stad Antwerpen.
Het aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Oostenstraat in het district Antwerpen, werd op 8 september 1998 (jaarnummer 1155) door de gemeenteraad goedgekeurd.
De straat maakt deel uit van een goedgekeurde zone 30, gekend als nummer 8 “Zurenborg".
In de Oostenstraat geldt de reglementering op het parkeren met beperkte parkeertijd op de stadswegen met het oog op het betalend- en bewonersparkeren enerzijds, het residentieel parkeren met parkeerschijf en bewonerskaart anderzijds.
De Oostenstraat werd heraangelegd en dient nog gereglementeerd te worden.
Het college keurde op 15 oktober 2003 (jaarnummer 10410) de proefopstelling voor de Oostenstraat goed, waarbij de straat afgesloten werd voor het doorgaand verkeer ter hoogte van de Van den Nestlei.
Met de heraanleg van de Oostenstraat werd deze straat ter hoogte van de Van den Nestlei afgesloten voor het doorgaand verkeer met de bedoeling om in de wijk Zurenborg mogelijke verkeerscirculaties te verduidelijken alvorens te streven naar een definitieve afsluiting van de verkeersdoorstroming.
De heraanleg van de Oostenstraat omvatte:
- ter hoogte van de Joodse instellingen om veiligheidsredenen;
- ter hoogte van de kruispunten om deze compacter te maken, wat de oversteektijd voor voetgangers verkort;
- om de parkeerzones duidelijk af te bakenen;
Omdat de lijnbussen van de Vlaamse Vervoermaatschappij De Lijn niet langer door de Oostenstraat rijden, werd na overleg met het kabinet mobiliteit, het district Antwerpen en de Joodse gemeenschap beslist om het verkeer opnieuw in de Oostenstraat toe te laten, zodat de verkeerscirculatie een vlotter verloop kent.
Het college keurt het ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Oostenstraat in het district Antwerpen goed.
Artikel 1: het eenrichtingsverkeer uitgezonderd voor fietsers wordt ingevoerd met toegelaten rijrichting naar de Van den Nestlei.
De verkeersborden C1 en F19 met onderbord worden aangebracht.
Artikel 2: een tweerichtingsfietspad, verboden voor bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse B, wordt aangelegd langs de spoorwegzijde:
- vanaf de Van den Nestlei tot voor de verhoogde inrichting ter hoogte van de Lange Van Ruusbroekstraat;
- voorbij de verhoogde inrichting ter hoogte van de Lange Van Ruusbroecstraat tot de verhoogde inrichting ter hoogte van de Steenbokstraat.
De verkeersborden D7 met onderbord, worden aangebracht.
Artikel 3: het stilstaan en parkeren wordt verboden langs de bebouwde zijde, vanaf het nummer 10 tot de Van den Nestlei.
Het verkeersbord E3 wordt aangebracht.
Artikel 4: een fietspad wordt gemarkeerd door twee evenwijdige witte onderbroken strepen, langs de spoorwegzijde:
- vanaf de Van den Nestlei tot voor de verhoogde inrichting ter hoogte van de Lange Van Ruusbroekstraat;
- voorbij de verhoogde inrichting ter hoogte van de Lange Van Ruusbroecstraat tot de verhoogde inrichting ter hoogte van de Steenbokstraat.
Artikel 5: een stopstreep wordt gemarkeerd voor de verkeerslichten aan het kruispunt met de Van den Nestlei.
Artikel 6: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan:
- ter hoogte van de Van den Nestlei;
- langs de beide zijden van het kruispunt met de Provinciestraat;
- ter hoogte van de Lange Van Ruusbroekstraat;
- tussen de Steenbokstraat en de Arendstraat.
Dit aanvullend reglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan de afdeling beleid, mobiliteit en verkeersveiligheid van het Vlaamse gewest.