Terug

2014_CBS_03516 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 2014612 - district Deurne - Jozef Verbovenlei 60 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 04/04/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Marc Van Peel, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_03516 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 2014612 - district Deurne - Jozef Verbovenlei 60 - Goedkeuring 2014_CBS_03516 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 2014612 - district Deurne - Jozef Verbovenlei 60 - Goedkeuring

Motivering

Onderzoek

Nee

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Aanleiding en context

Aanvragers: Cailliau
De aanvraag omvat: vellen van bomen in de tuin, kapvergunning voor oude bomen
Dossiernummer: NDE1/B//2014612

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:
  • het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is het eerst volgende plantseizoen na het kappen één loofboom van eerste grootte (hoogte in volwassen toestand tussen 12 – 35 m) en twee loofbomen van tweede grootte ( hoogte in volwassen toestand tussen 6 – 12 m) aan te planten.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Bijlagen