De gemeenteraad keurde op 28 april 2008 (jaarnummer 618) de samenwerkingsovereenkomst 2008-2013 inzake milieu met de Vlaamse overheid goed. De stad Antwerpen kon hierdoor subsidies ontvangen voor de inzet van milieu- en natuurmedewerkers (MiNa-werkers) voor het realiseren van bepaalde milieudoelstellingen van de thema's afval, water, natuur of energie. Tijdens de uitvoer van de samenwerkingsovereenkomst werden gemiddeld vijf Mina-werkers ingezet in de containterparken.
Met het aflopen van de samenwerkingsovereenkomst dreigde ook het systeem van de MiNa-werkers te verdwijnen. De Vlaamse Regering keurde op 28 maart 2014 een nieuw besluit houdende de toekenning van compensatie aan verschillende actoren en aan gemeenten voor milieugerelateerde taken, uitgevoerd door doelgroepwerknemers, definitief goed. Het nieuwe besluit behoudt het MiNa-systeem, maar zorgt voor een harmonisering ervan met het bestaande systeem van de Groenjobs. Dit besluit zorgt voor een vereenvoudiging van de bestaande regeling.
Het toe te wijzen contingent bestaat uit 616 takenpakketten (of 308 VTE's volgens het vroegere systeem van de MiNa-werkers). Dit wil zeggen dat het contingent werd uitgebreid, aangezien het contingent vroeger uit 260 VTE's bestond.
Elke deelnemende gemeente krijgt ten minste twee takenpakketten (= één VTE volgens het vroegere systeem van de MiNa-werkers). Het niet-benutte contingent, dat aangetoond wordt in de jaarlijkse rapportering, wordt verdeeld over de gemeenten die meer dan twee takenpakketten effectief hebben ingezet in het kalenderjaar waarover gerapporteerd wordt. Per takenpakket wordt een financiële tegemoetkoming gegeven van 5.250,00 euro (of 10.500,00 euro/VTE volgens het vroegere systeem van de MiNa-werkers).
Zowel steden en gemeenten als private organisaties kunnen een aanvraag voor compensatie voor MiNa-werkers indienen. Gemeenten dienen hiervoor een toetredingscontract te tekenen, dat uiterlijk tegen 1 juni 2014 aan het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie moet worden bezorgd.
Stad Antwerpen wenst medewerkers ten volle in te zetten in functie van de doelstellingen van de stad. De opgesomde taken binnen het decreet kaderen in deze doelstellingen en taken. Bovendien wenst de stad mogelijke subsidies te maximaliseren. Door aanvraag voor compensatie in te dienen wordt een bijkomende subsidie gecreeërd voor taken die al worden uitgevoerd.
Vanaf het moment dat duidelijk is hoeveel takenpakketten aan de stad worden toegewezen wordt bekeken of deze aan de stad of het intern sociale economiebedrijf Werkhaven worden toebedeeld. In de aanvraag moet geen onderscheid worden gemaakt.
Het college keurt goed dat een aanvraag voor compensatie voor MiNa-werkers wordt ingediend bij het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie van de Vlaamse Overheid.
Het college ondertekent hiertoe het toetredingscontract zoals opgemaakt door de Vlaamse Overheid.