Door demografische veranderingen zullen steden in de komende jaren geconfronteerd worden met niet te onderschatten ruimtelijke uitdagingen. In elke stad zullen demografische veranderingen zich anders en in verschillende verhoudingen voordoen.
Bevolkingsgroei, vergroening, vergrijzing, verzilvering, gezinsverdunning, nieuw samengestelde gezinnen, migratie zijn daarbij enkele termen die aangeven in welke richtingen deze veranderingen voelbaar zullen zijn. Aanpassingen in het stedelijk aanbod van woongelegenheden, kinderopvang, onderwijsinstellingen, zorgvoorzieningen, … zullen zich opdringen.
Naast deze demografische verandering en haar praktische ruimtelijke vertaalslag, is de beschikbare ruimte in Vlaanderen beperkt. In het structuurplan Vlaanderen wordt daarbij gesteld dat we de resterende open ruimte in Vlaanderen maximaal moeten beschermen en de steden herwaarderen zodat zij aangename plekken worden om te leven. Alle centrumsteden staan met andere woorden voor de uitdaging om tijdig en voldoende in te spelen op de veranderingen in de bevolkingsaantallen en -samenstelling. Naast de behoefte aan extra woningen, is de ruimtevraag voor aangepaste noden en voorzieningen voor die groeiende bevolking een uitdaging waar alle steden mee te maken zullen krijgen. Er zullen immers extra scholen, zorgcentra, kinderopvang, sport- en cultuurvoorzieningen, publieke ruimte en groen moeten worden voorzien.
Verdichten lijkt daarbij het toverwoord. Maar verdichten om te verdichten bedreigt ook de leefbaarheid van de stad en stimuleert de stadsvlucht van jonge gezinnen met kinderen, op zoek naar ademruimte. Klassieke recepten zijn niet langer toereikend, of niet steeds het gepaste antwoord. Er moet gezocht worden naar andere interessante, vernieuwende en doordachte ruimtelijke strategieën die omzichtig omgaan met het bestaande weefsel, en die ook garant staan voor een stad als aangename woon- en verblijfplaats voor een heel divers palet aan mensen.
AG Stadsplanning Antwerpen werd door het Kenniscentrum Vlaamse Steden gevraagd om onderzoek te doen naar het slim ruimtegebruik in de 13 Vlaamse centrumsteden en de Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel (VGC). Daarbij wordt er aan de hand van concrete praktijkvoorbeelden en interviews nagegaan op welke manier slim ruimtegebruik als attitude en werkwijze is doorgesijpeld in het beleid van de centrumsteden en de Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel. De mogelijkheden, de moeilijkheden en de gangbare praktijken waar steden, investeerders en andere partners mee te maken krijgen worden in beeld gebracht. In het onderzoek worden nadien een aantal vaststellingen en vervolgsporen naar voren geschoven.
Op 18 september 2013 besliste het directiecomité om het onderzoek Slim verdichten op te nemen en de prijsofferte van 20.116,30 euro inclusief btw + vervoerskosten goed te keuren.
Op 19 september 2013 keurde het dagelijks bestuur van het Kenniscentrum Vlaamse Steden de definitieve opdrachtomschrijving en de prijsofferte van AG Stadsplanning Antwerpen om dit deelonderzoek uit te voeren, goed.
Op 31 januari 2014 werd deze studie en eindrapport definitief opgeleverd.
Op 22 april 2014 werd dit eindrapport toegelicht aan het lokaal bestuur van het Kenniscentrum Vlaamse Steden. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor de operationele aansturing van het kenniscentrum en is samengesteld uit
Voorzitter: Luc Martens, burgemeester Roeselare.
Ondervoorzitter: Daniël Termont, burgemeester Gent.
Afgevaardigden namens de centrumsteden:
Afgevaardigde namens de VVSG: Mark Suykens, directeur.
Afgevaardigde namens het OCMW:
Afgevaardigde namens de financieel beheerders: Piet Persoons, financieel beheerder Aalst.
Afgevaardigde namens de Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel: Pieter Van Camp, coördinator Stedelijk Beleid.
Op 8 mei 2014 werd een studiedag 'Urgentie vraagt innovatie' georganiseerd door het Kenniscentrum Vlaamse Steden. Deze studiedag stelde de essentie van de zes verkennende opdrachten, waaronder de studie Slim verdichten gebundeld voor aan een breed publiek.
Het onderzoek Slim verdichten gaat uit van een reeks uitdagingen (demografisch, ruimtelijk en programmatorisch) die in alle steden terugkomen, evenwel in verschillende verschijningsvormen. Ook gaat het onderzoek ervan uit dat Slim verdichten daarvoor de meest uitgelezen werkwijze is. Slim verdichten betekent dat steden doordacht de ruimte inzetten en dat er bij elk ruimtelijk project gestreefd wordt naar een programmatorisch optimum.
Aangezien verdichting een zeer breed begrip is en dit begrip op zich geen kwalitatief oordeel inhoudt, was het belangrijk om het begrip ‘verdichten’ te kaderen.
Omdat de praktijkvoorbeelden een grote verscheidenheid in schaal en voorkomen kennen, werd in samenspraak met de stuurgroep vastgelegd 6 ruimtelijke strategieën te hanteren als leidraad voor het onderzoek:
De stuurgroep, samengesteld uit een afvaardiging van de 13 Vlaamse centrumsteden, de Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel en het kenniscentrum, engageerde zich om voor deze strategieën op zoek te gaan naar stedelijke projecten en of voorbeelden die binnen het kader van dit onderzoek kunnen worden voorgesteld en besproken. Bij de selectie van cases is er niet van uit gegaan dat enkel geslaagde en gelauwerde projecten aan bod moeten komen. Het uitgangspunt was dat de analyse van een goede maar niet gerealiseerde intentie tot een slim project ook de nodige input kan leveren voor dit onderzoek. Het was daarbij geenszins het opzet van het onderzoek om de mooiste of de meest gekende voorbeelden te verzamelen, wel om een diverse waaier aan ervaringen (positieve en negatieve) te delen.
Stadsgesprekken op basis van interviews
Het onderzoek is gestoeld op stadsgesprekken met de 13 centrumsteden en de Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel. Om de verzameling van informatie door stadsgesprekken gestructureerd en gelijklopend te laten verlopen werd een vragenlijst opgesteld die op voorhand met de leden van de stuurgroep werd besproken en gefiatteerd. De vragenlijst werd ter voorbereiding van het stadsgesprek verspreid aan de deelnemers van het stadsgesprek van elke stad.
Met de vragenlijst als leidraad werd een 3-uur durend interview afgenomen per stad met een lokale klankbordgroep die werd bijeengeroepen door de vertegenwoordigers uit de stuurgroep van elke stad. Op basis van de informatie die tijdens dit interview werd opgehaald, werden de stadsfiches opgemaakt door de onderzoekers en geredigeerd door de stuurgroepleden.
Cross- case analyse
Gedurende de stadsgesprekken groeit stilaan het besef dat het minder de uitdagingen zijn die de steden met elkaar gemeen hebben, maar wel de instrumenten, ruimtelijke evoluties van programma’s (onder andere in het kader van herstructureringen). Daar waar sommige steden meer bezig zijn met vergrijzing en een krimpend bevolkingsaantal hebben andere steden een exponentiële groei te verwerken en moeten hun voorzieningen aanpassen op een vergroening van de bevolkingsgroep.
Via een cross-case analyse wordt op zoek gegaan binnen de voorbeelden per strategie naar opmerkelijke eigenschappen en kenmerken, naar zaken die projecten met elkaar gemeen hebben of trends die zich in alle centrumsteden en de VGC voordoen.
Vaststellingen en vervolgsporen
Finaal werden door alle 13 centrumsteden en Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel in totaal 80 heel diverse praktijkvoorbeelden aangeleverd en besproken die het onderzoeksteam inzicht boden om algemene vaststellingen en mogelijke vervolgsporen te formuleren.
Om slim verdichten in Vlaanderen te stimuleren, of sterker nog, vanzelfsprekend te maken dringen zich duidelijk een aantal kennisuitwisselingsmogelijkheden en beleidsaanbevelingen op.
Uit de verzameling aan praktijkervaringen in dit onderzoek worden daartoe een aantal bevindingen en suggesties geformuleerd die voeding geven aan het Kenniscentrum Vlaamse Steden om deze zaken op de agenda te plaatsen.
Het college neemt kennis van de studie Slim verdichten die werd uitgevoerd in opdracht van de Interlokale Vereniging Kenniscentrum Vlaamse Steden.